Rebellen Libië lijden verliezen

Libische rebellen hebben gisteren hun offensief tegen regeringstroepen in het oosten van het land bij de oliestad Brega opgevoerd, maar daarbij zware verliezen geleden. Met de dood van ongeveer dertig rebellen was de strijd „een ramp”, aldus een arts in een ziekenhuis dat in handen is van rebellen.

Een paar dagen geleden werd al de val van Brega gemeld, maar inmiddels blijkt dat de rebellen nog op een paar kilometer van de stad liggen, waar ze vanuit het centrum door regeringstroepen worden beschoten. Hun opmars wordt bemoeilijkt door uitgestrekte mijnenvelden.

In de internationale diplomatie wint de notie terrein dat de Libische leider Moammar Gaddafi in zijn land moet kunnen blijven als hij de macht maar opgeeft. De Franse minister van Buitenlandse Zaken, Alain Juppé, verklaarde dit gisteren. Een Amerikaanse regeringswoordvoerder zei later dat Gaddafi moet opstappen, maar dat het aan het Libische volk is of hij in Libië kan blijven.

Juppé zei dat Frankrijk geen directe contacten met Tripoli heeft, maar dat een vertegenwoordiger van de Verenigde Naties, Abdul Elah al-Khatib, daarvoor verantwoordelijk ist. Volgens een diplomaat bij de VN gaat Khatib mogelijk volgende week naar Libië. Hij zei dat de gezant „een betere stemming voelt in Tripoli om de voorstellen die hij voorlegt te bespreken”.

Van rebellenzijde is niet gereageerd op Juppés uitspraak.

De Libische minister van Buitenlandse Zaken, Abdelati Obeidi, zei gisteren in Moskou dat het opstappen van Gaddafi niet aan de orde is. De Russische regering, die toenemend kritiek heeft op de NAVO-bombardementen op Libië, heeft een nieuwe poging gelanceerd om een politieke oplossing te vinden. (AFP, Reuters, AP)