Laat de benen spreken

Het kleefkruid op twee wielen, genaamd Thomas Voeckler, begint gelukkig los te laten. Hoewel zijn gele trui dagenlang steeds geler werd, is de afbladdering in de afgelopen etappes zichtbaar geworden. Gisteren sloeg hij in een afdaling verkeerd af en fietste hij pardoes een omheind parkeerdek op; sympathiek van de beheerder dat hij het hek had laten openstaan.

Omwille van de harmonieuze betrekkingen met Frankrijk volgen nu eerst een paar halve, inleidende en waarderende zinnen over Voeckler, die voorafgaan aan ‘maar’.

Met alle respect, ..

Zeker, hij heeft zich als een leeuw verdedigd, ..

Natuurlijk was een heldhaftige prestatie, ..

Zo kan het wel weer. Nu de harde realiteit. Vertel het niet aan president Sarkozy, hij moet eerst even de euro redden, maar buiten Frankrijk houdt men niet zo van Voeckler. Zijn collega’s vinden het een uitslovertje, een wielrenner op wie een motor met cameraman zulke aantrekkingskracht uitoefent dat hij schijnbaar altijd in diens vizier rijdt. Is het niet vooraan, dan toch wel achteraan. Alsof een magnetisch veld met camera en renner meereist

Genoeg daarover.

Als Thomas Voeckler vandaag zijn leidende positie in het algemeen klassement heeft verspeeld, of als hem dat morgen of overmorgen overkomt, is daarmee de onevenredige invloed van die ellendige negende Touretappe op alle dagen die daarna volgden, gemitigeerd.

Dat was de etappe, van Issoire naar Saint-Flour, die in oranje gekleurde geheugens voor eeuwig gegrift zal zijn als die van het prikkeldraad waarin de Zeeuwse cultheld, tevens medisch wonder, Johnny Hoogerland terechtkwam na een bruuske manoeuvre van een auto van de nationale Franse televisie. Later te zien in alle jaaroverzichten.

Het was ook de etappe waarin Rabobank zijn tot vandaag grootste succes boekte: Luis Leon Sanchez won de dagmars.

Maar het was vooral de etappe waarin Thomas Voeckler de gele trui veroverde ten gevolge van een eerdere valpartij die welbeschouwd veel dramatischer en ernstiger was dan de salto met prikkeldraadlanding van Johnny Hoogerland.

De crash in de afdaling van de Col de Pas de Peyrol maakte een einde aan de carrière als wielerprof van Aleksandr Vinokoerov. Hij viel letterlijk als een gebroken man uit. Maar ook een andere kanshebber, Jurgen Van Den Broeck, maakte in dezelfde afdaling een fatale val, net als de Amerikaan David Zabriskie, en naar later zou blijken, de Duitser Andreas Klöden.

Wat die dag daarna volgde, was funest of bijna funest voor de kansen op de eindzege van de gebroeders Andy en Frank Schleck, Cadel Evans, Alberto Contador en wie er nog meer de toptien bevolken. De schrik was in de benen van het peloton geslagen; of het ging uit piëteit met de slachtoffers langzamer fietsen, dan wel was er algemene behoefte aan wondenlikpauze.

Cancellara sprak eens wat met Contador, Hushovd met Gilbert, en ook de Schlecks mengden zich in het conclaaf. Wellicht bogen de renners zich ook over de vraag hoe de Griekse crisis is op te lossen. Het werd al met al een hele vergadering – het is uitzien naar de notulen daarvan.

Intussen fietste de kopgroep hard door. Voor de valpartijen in deze afdaling lag het peloton op 3.40 minuten van de koplopers, onder wie Voeckler. Toen in het peloton de voorzitter de vergadering voor gesloten had verklaard, waren er vier minuten bijgekomen: 7.40. Aan de finish had Voeckler nog 3.54 over.

Dat verschil is de laatste dagen maar beetje bij beetje verminderd. Misschien is het vandaag al verdwenen. Zo niet: laat thans de tongen zwijgen en de benen spreken.