Geen simpele oplossing

Politici moeten burgers ervan overtuigen dat soms een complexe oplossing het beste is. Liefst door een beroep te doen op hun welwillendheid.

Vandaar: een cursus vriendelijkheid voor politici.

Rationaliteit wordt schromelijk overschat. Hebzucht is rationeel, het najagen van eigenbelang is rationeel, het kan bewonderenswaardig rationeel van je zijn om een heel land in de afgrond te storten als dat goed is voor de koers van je aandelen. Rationeel! Economen halen al decennialang hun wenkbrauwen bij het begrip op, maar in het politieke debat slaan we elkaar er nog steeds mee om de oren.

Het is beslist niet dom van Nederlandse burgers als ze weigeren geld aan Griekenland te lenen. Ze zijn althans niet irrationeler of dommer dan de private partijen, de banken en de fondsen, die op een fataal moment hun geld uit het land terughalen. De ene groep heeft duidelijk niet minder diep nagedacht dan de andere. Maar het is de optelsom van ieders partiële intelligentie die zorgt voor problemen. De eigen strategie klopt wel, die is misschien zelfs vreselijk slim, alleen de gezamenlijke uitkomst is, om een academisch eufemisme te gebruiken, ‘suboptimaal’.

Het is nu aan de politici om de simpele deelstrategieën te overstijgen en met een oplossing te komen die chaos voorkomt. Van de markt is begrip voor zo’n complexe oplossing niet te verwachten; van de markt mag je ook niet verlangen even iets minder rationeel te zijn. Die dendert heel slim voort richting wereldcrisis. De hoop is alleen nog gevestigd op de burgers; misschien kunnen die er nog van worden overtuigd dat een complexe en onaantrekkelijke oplossing beter is dan een simpele, verleidelijke oplossing. Liefst niet door een beroep te doen op hun slimmigheid, een beroep op hun welwillendheid is beter.

Vandaar: een kleine cursus vriendelijkheid voor politici.

1 Noem de burger niet dom

De eerste regel voor een prettig onderling contact tussen burgers en politici is dat je elkaar niet uitmaakt voor ‘dom’.

Op veel terreinen gaan de ontwikkelingen zo snel en neemt de complexiteit zo exponentieel toe dat het geen schande is als langzamerhand niemand nog begrijpt hoe de wereld in elkaar zit. Of het nu gaat om de financiële markt, de industrie of de wereld van de biotechnologie: de kennis is niet bij te houden, de mogelijkheden zijn nauwelijks te volgen en de regulering kan alle gebeurtenissen niet meer voor zijn. Doordat hedendaagse systemen verknoopt zijn hebben kleine oorzaken bovendien steeds grotere gevolgen, en niemand die nog kan overzien waar de wereldwijde schade is veroorzaakt. Of wie ervoor verantwoordelijk valt te houden.

2 Wees rechtvaardig

Een gevolg van al deze onoverzichtelijkheid en onbegrijpelijkheid is dat de schade steeds vaker zal worden gedragen door buitenstaanders, door derden, door burgers. Voor het gevoel van rechtvaardigheid is het dan niet zo handig als die burgers zien dat private partijen wel de winst van de successen opstrijken, maar niet voor het verlies opdraaien als het misgaat. Er is de laatste jaren al vaak op gewezen hoe de staat – ‘de belastingbetaler’– de markt op deze manier sponsort, maar dat besef heeft nog niet geleid tot een inniger gevoel van lotsverbondenheid tussen de staten en de nationale bevolkingen die de klappen opvangen. Integendeel.

Zodra de bevolking mort heet zij ‘dom’. Dat is niet terecht. Het is adding insult to injury.

3 Voel je verbonden

Enige lotsverbondenheid – tussen politici en burgers, tussen overheden en bevolking – is in lastige situaties wel op zijn plaats. In concrete crisissituaties, bij ongelukken en explosies, zijn het vaak de burgemeesters die hun betrokkenheid bij de tegenslag van de bevolking tonen. Sommigen zijn er zelfs zo goed in dat ze, zoals burgemeester Jan Mans, van de ene crisis naar de andere worden geroepen. En het is juist in zulke gevallen dat ook de bevolking laat zien wel wat onzekerheid en complexiteit aan te kunnen; zowel bij het ongeval met een vliegtuig van Turkish Airlines als bij de brand in Moerdijk zag ik betrokkenen verbijsterd reageren op de vraag wie ze de schuld gaven. Het aanwijzen van een schuldige was wel het laatste waar ze aan dachten. Belangrijk was dat er serieus en betrouwbaar naar de zaak zou worden gekeken.

Bij een ongrijpbare crisis, zoals die in de financiële wereld, kun je lessen trekken uit dit soort concrete gevallen. Een minister-president zou eens langs kunnen komen om de situatie uit te leggen, bijvoorbeeld. Hij zou, in dit geval, de Nederlandse burgers bewonderend kunnen toeknikken als ze bereid zijn hun rationaliteit even opzij te zetten om zich in het ongewisse avontuur van solidariteit en lange termijnoverwegingen te storten. Vooral in dit geval, júist in dit geval, zou de Nederlandse regering met sympathie kunnen spreken over de eigen bevolking: die kampt weliswaar nog met oud zeer omdat ze nauwelijks betrokken is geweest bij de besluitvorming over Europa, maar gaat nu toch maar mooi zorgen voor redding.

4 En nog een gemene truc

Aan rationaliteit heb je niks, en op marktpartijen kun je kennelijk niet rekenen in tijden van nood; je zult het dus van de burgers moeten hebben. Wil je in complexe tijden een complexe oplossing vinden voor complexe problemen, dan moet je burgers het vertrouwen geven dat je serieus naar de zaak kijkt. En dat je hun deelbelang eerlijk meeweegt in de beslissingen.

Ter afsluiting van deze kleine cursus betrokkenheid leidt dit tot een tip voor een gemene truc. Het is een gemene rottruc, en hij wordt om die reden ook weinig toegepast, maar eerlijk en betrokken zijn kon weleens de beste manier blijken om een uitweg te vinden uit complexe politieke situaties.