Merkel wil euro redden, en ook overleven

In de aanloop naar de eurotop morgen kijkt iedereen naar bondskanselier Merkel. Die doet wat ze altijd doet: ze laveert en laat zich niet opjagen. Maar de behoefte aan Duitse ‘leiding’ is groot.

Bondskanselier Angela Merkel gaat zaterdag met vakantie. Ze heeft nog enkele dagen om de eurocrisis te bezweren, anders moet ze haar geliefde Wagner Festspiele in Bayreuth afzeggen. De druk op Merkel groeit: Duitsland moet ‘leiding geven’. Vandaag ontvangt ze president Nicolas Sarkozy van Frankrijk. Samen bereiden ze de Europese topontmoeting, morgen in Brussel, voor.

Merkel doet wat ze in zulke situaties altijd doet. Ze wacht af, laveert en laat zich niet opjagen. De roep om Duitse leiding overstemt haast het thema waar de eurocrisis om draait: hoe krijgen de schuldenlanden hun begroting op orde? Met kenmerkende nuchterheid stelde Merkel gisteren de verwachtingen over de top bij. „Er is een verlangen naar een spectaculair gebaar. Maar het gaat enkel om een gecontroleerd proces van elkaar opvolgende maatregelen.”

Zondag had de bondskanselier zich nog optimistisch getoond. „We willen dat Griekenland overeindkomt.” Ze herhaalde dat private schuldeisers hun deel aan de schuldencrisis moeten bijdragen. Voor het eerst sloot ze een vorm van schuldsanering niet meer uit. De kritiek op haar Europabeleid pareerde ze: „Van een bondskanselier verwacht men niet alleen een bekentenis tot Europa, maar ook voorstellen die uitvoerbaar zijn.”

Merkels probleem is in enkele woorden samen te vatten. Als andere landen roepen om Duitse leiding en hartstocht voor Europa, wordt dat door de gewone burgers zo vertaald: jullie roepen, maar wij moeten betalen. Kredieten voor Griekenland of andere schuldenlanden liggen gevoelig en kunnen Merkel in de Bondsdag in grote moeilijkheden brengen.

Een steekproef over de redding van de euro, gistermiddag door deze krant in Berlijn gehouden, leverde een veelgehoorde mening op: „Griekenland moet zijn eigen problemen oplossen. Duitsland kan kapotgaan aan de financiële gevolgen van de redding van schuldenlanden.”

Merkel kent die stemming in haar land. Ze wil de euro redden maar ook politiek overleven. Haar gebrek aan charisma en aan retorisch talent wreken zich in deze penibele situatie, waarin enkele goedgeplaatste uitlatingen onrust op de markten kunnen bezweren. Haar politieke communicatie is, zacht gezegd, niet optimaal. Wat niet wil zeggen dat Duitsland zijn plicht heeft verzaakt. Berlijn staat borg voor een groot deel van de kredieten aan Griekenland.

Merkels grootste manco, de onderkoelde houding die overkomt als gebrek aan daadkracht, wordt juist nu niet gecompenseerd door haar belangrijkste adviseur: minister Wolfgang Schäuble (Financiën). Hij trok altijd samen op met de Franse minister Lagarde, die naar het Internationaal Monetair Fonds vertrok. Een andere potentiële bondgenoot, de Nederlandse minister Jan Kees de Jager (CDA) – door de Frankfurter Allgemeine weinig complimenteus betiteld als Der polternde Niederländer (de lawaaiige Nederlander) – zou in stijl het tegenovergestelde zijn van de Duitse bewindsman. Schäuble komt gelaten over. Alsof de problemen hem boven het hoofd groeien.

Merkels misère was compleet toen Der Spiegel meldde dat haar voorganger Helmut Kohl zich over de koers van de Duitse regering opwindt. „Merkel maakt mijn Europa kapot”, zou Kohl hebben gezegd. Kohl liet prompt weten dat de berichtgeving „verzonnen” was, maar liet tegelijk weten dat de ontwikkelingen in Europa hem zorgen baren. Ook oud-kanselier Helmut Schmidt en voormalig minister van Buitenlandse Zaken Joschka Fischer bekritiseren Merkel: ze laat Europa verkommeren en geeft onvoldoende leiding.

Angela Merkel is van een andere generatie dan Kohl en Schmidt, voor wie Europa noodzaak en hartstocht waren. Voor Merkel is Europa, in de woorden van een politiek commentator, „een vehikel voor Duitsland om zich waar te maken – en geen visie”.

Informele top is heel geschikt voor slechten van taboes: pagina 24-25