Sommige vrouwen gaan 'haast naakt' over straat

Wie heeft het laatste woord in de islamitische republiek Iran: de president of de geestelijken? Die strijd wordt nu uitgevochten over het hoofd van de Iraanse vrouw.

Iedere zomer, wanneer het eigenlijk te warm is voor hoofddoeken, houdt de Iraanse politie speciale controles om erop toe te zien dat vrouwen hun verplichte hoofddoek en mantel correct dragen. Maar dit jaar is het islamitische uniform onderdeel geworden van een hevige strijd tussen president Mahmoud Ahmadinejad en conservatieve geestelijken.

De laatsten verwachten dat hij streng toeziet op de kledingvoorschriften, die bepalen dat vrouwen alleen hun handen en gezicht onbedekt mogen laten. Maar in plaats daarvan laat de regering de vrouwen er als „modellen” bijlopen, zeggen de geestelijken.

In Iraanse steden zijn er tegenwoordig meer vrouwen met strakke manteltjes en miniscule hoofddoekjes te vinden, dan verhuld onder de traditionele zwarte ‘chador’, omslagdoek, vinden ze. „Onze steden lijken wel op plaatsen in het Westen”, zei ayatollah Nasser Makarem-Shirazi vorige maand, klagend dat sommige vrouwen „praktisch naakt” over straat gaan in Iran. Vrouwen zouden zich juist moeten verhullen om zichzelf te beschermen tegen misdaden, zo stelde hij.

Tegen de achtergrond van een hoog oplopend conflict tussen de president en zijn voormalige aanhangers in de geestelijkheid is de hoofddoek een van de belangrijkste fronten geworden. Invloedrijke geestelijken eisen dat de president de vrouwen hun haren weer helemaal laat bedekken. Maar Ahmadinejad lijkt daar geen zin in te hebben.

Daardoor gaat de woede over het niet-naleven van de kledingvoorschriften eigenlijk over wie er uiteindelijk het laatste woord heeft in de islamitische republiek: de gekozen president, of de geestelijken.

De openlijke ruzies volgen een publieke terechtwijzing door opperste leider ayatollah Ali Khamenei toen Ahmadinejad zonder zijn toestemming de minister voor Inlichtingendiensten wilde ontslaan. Sindsdien uiten geestelijken, commandanten en volksvertegenwoordigers ongekende kritiek op Ahmadinejad over uiteenlopende onderwerpen.

Ahmadinejads tegenstanders verdenken hem en zijn team van naaste adviseurs ervan de invloed van de geestelijkheid te willen ondermijnen. Ze beschuldigen de president ervan dat hij door populistische maatregelen meer aanhang probeert te krijgen onder de bevolking.

De hoofddoek staat bovenaan hun klachtenlijst. Op dat punt toegeven, zo vinden veel geestelijken, is het begin van het einde.

Maar Ahmadinejad heeft duidelijk gemaakt dat hij geen zin heeft om impopulaire maatregelen te nemen tegen „diegenen die een paar haren van onder hun hoofddoek laten zien”, zoals hij het eerder verwoordde. In plaats van het islamitische uniform af te dwingen wil hij vrouwen „onderwijzen en overtuigen” van de noodzaak zich goed te bedekken.

Maar invloedrijke geestelijken vinden dat soort ideeën „laks” en roepen op tot harde actie. „Bloed moet vloeien om dit probleem volledig uit onze maatschappij te verbannen”, zei Ahmad Khatami, een gebedsleider in Teheran, onlangs.

„De regering en haar tegenstanders gebruiken de hoofddoeken in hun politieke strijd”, zegt Ali Reza Alavitabar, een voormalig politiek strateeg van de grotendeels onderdrukte hervormingsbeweging. „Beide partijen willen het volk bewijzen dat ze hun wil kunnen doordrukken en de winnaars van deze strijd zijn.”

Na het vrijdaggebed gingen tien dagen geleden in het hele land gelovigen de straat op om te demonstreren tegen het gebrek aan wilskracht van de regering als het op de hoofddoeken aankomt. Met posters van propagandaorganisaties in de handen, riepen ze dat de hoofddoek een laatste „loopgraaf” is tegen de oprukkende moderniteit.

Maar ook na de demonstraties waren in het Arikeh Iranian bioscoopcomplex in West-Teheran slechts enkele vrouwen te zien in de chadors die favoriet zijn bij de geestelijken. Vrouwen van rond de 20, met zware make-up, showden opgestoken, getoupeerde en geblondeerde haren vanonder minuscule hoofddoekjes.

Zoals zoveel jonge vrouwen ziet Negin (23), studente oude talen, de hoofddoek als een verplicht uniform en niet als iets wat ze uit overtuiging draagt. „Daarom probeer ik er creatief mee om te gaan”, zegt ze. „Dan ziet het er tenminste leuk uit.”

De geestelijken proberen nu de hoofddoek tot veiligheidsonderwerp te bombarderen. Vrouwen die te veel haar laten zien, zijn magneten voor criminelen en mannen die hen willen misbruiken, zo stellen ze: slecht zittende hoofddoeken zijn de bron van misdaad in het land. „Echtscheiding, misdaad en verkrachting zijn toegenomen door de ongepaste hoofddoeken”, aldus ayatollah Nasser Makarem-Shirazi.

Toen twee recente groepsverkrachtingen in de Iraanse media werden gemeld, gaven geestelijken en politiecommandanten de slachtoffers de schuld. De lokale gebedsleider van de stad Khomeinishahr, waar acht vrouwen voor de ogen van familieleden werden verkracht door een groep mannen die beweerden van de zedenpolitie te zijn, vond dat de vrouwen ook schuldig waren. „Ze waren aan het dansen en drinken zonder hoofddoek”, zei hij. „Daar moeten ze voor worden gestraft.”

Activisten voor vrouwenrechten reageren boos. „De hoofddoek is geen wapen waarmee een vrouw zich kan verdedigen tegen misdaden”, zegt Tooran Valimorad, een prominent lid van de onafhankelijke Islamitische Vrouwenorganisatie. Volgens haar staat de hoofddoek voor religieuze beheersing. „Je kan niet een slachtoffer de schuld geven. De autoriteiten zouden zich op het gedrag van onze mannen moeten richten.”