Het elegante deconstructivisme van Piotrek Panszczyk

                                  Een van de shows waar op de vijftiende Amsterdam Fashion Week het meest naar werd uitgekeken was die van Piotrek Panszczyk (25). Hij deed donderdag mee aan  Fashion Lab, het programma voor jonge ontwerpers. Panszczyk studeerde vorig jaar,

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Een van de shows waar op de vijftiende Amsterdam Fashion Week het meest naar werd uitgekeken was die van Piotrek Panszczyk (25). Hij deed donderdag mee aan  Fashion Lab, het programma voor jonge ontwerpers.

Panszczyk studeerde vorig jaar, na een verlengde stage bij Chloé in Parijs, af aan de modeafdeling van ArtEZ. Zijn eindcollectie viel niet alleen op door de zwierigheid en vrouwelijkheid (elegante jumpsuits en jurken in uitgesproken kleuren en met sprekende accenten als ingebouwde lange capes en naveldiepe décolletés) maar ook omdat ie zo professioneel was gemaakt.

Panszcyk werkte het afgelopen jaar bij Emanuel Ungaro, onder leiding van Giles Deacon. Een teleurstellende ervaring:  “Als Katie Grand (een bekende styliste die als creatief consultant aan het merk is verbonden, MvR) zei dat het fetisj moest worden dan liep er een meesteres met een halsband op de catwalk.”

Deze week vertrekt hij naar New York, waar hij de nieuwe masteropleiding gaat volgens aan de Parsons School for Design. Hij heeft van de opleiding zelf een beurs gekregen. Van het Nederlandse Fonds BKVB kreeg hij een werkbeurs om voor die tijd nog een collectie te maken. Zijn doel is een eigen label.

Voor zijn collectie was Panszczyk uitgegaan van de klassieke krijtstreep.

Hij begon zijn show met een mouwloos, los vallend colbert met een broek tot de knieën, waarvan een halve pijp tot op de grond reikte. Een witte met te lange mouwen blouse was zo gedeconstrueerd dat het een cape werd, er waren sluike jurken en mouwloze jassen van wol met een krijtstreep waar  verstevigde banen stof aan waren gezet, die soms in grote krullen waren geplooid.

De laatste outfits bestonden uit loshangende verticale witte en (donker)blauwe banen; de krijtstreep geheel uit elkaar getrokken. Het was een mooie, geraffineerde, elegante en voor sommige vrouwen zelfs draagbare collectie, die toch nog niet helemaal wist te overtuigen. Dat kwam doordat het allemaal net iets teveel aan het werk van Martin Margiela deed denken, maar dan zonder de emotie die de legendarische Belgische ontwerper  in zijn shows wist te leggen.

Fotografie: Peter Stigter. Klik op de foto’s om ze te vergroten.