Fränk en Andy

“Hoi mam, Andy. Goed, of nou ja, niet zo heel goed. Het ging niet vandaag. Het regende en ik denk dat ik iets te weinig gegeten had. Ja, dat weet ik, maar je hebt niet altijd de tijd om… het is erg hectisch, mam. Iedereen duwt en trekt en maakt ruzie. Ik zal er morgen aan denken. Ja, iets meer dan een minuut, uiteindelijk. En we willen zo graag winnen, mam. Ik geef je Fränk.”

“Hé. Ja, in het hotel. Andy wil zo douchen. Ik sta geen tweede meer. Die Australiër. Nee, wij mogen hem ook niet. Ik kijk even naar Andy… die schudt zijn hoofd. Een mafkees is het, zegt nooit iets. Vooral tegen Andy is hij gemeen. Het lijkt alsof hij hem elk moment een klap voor zijn bakkes kan geven - voor zijn hoofd, mam, een klap voor z’n hoofd. Ja, hier is-ie.”

“Ik wil eigenlijk douchen, hoor. Wat roept papa? Ja, natuurlijk wordt het heel moeilijk! Ik heb op elke berg in de Pyreneeën alleen maar naar Contador gekeken, deed niets anders. Maar wie had gedacht dat dat vandaag ook nodig was? Verdorie, hij was zomaar weg. Ja, papa zag het natuurlijk wel aankomen. Wat roept hij nu? Of het nog kan? Tja, ik… Parijs is nog… hier heb je Fränk weer.”