Denemarken is nog geen vesting

Onder druk van de Deense Volkspartij zijn weer grens- controles ingevoerd. Brussel is ongerust. Maar je merkt er helemaal niets van. ‘Ze gaan er pragmatisch mee om.’

In het niemandsland tussen Duitsland en Denemarken, zo ongeveer waar het Duitse Flensburg in het Deense Kruså overgaat, is een blauw bord neergezet dat een ‘Schengengrens’ tussen twee staten van de Europese Unie markeert. Danmark staat erop, omcirkeld door gele sterren. Denemarken ingebed in Europa. Auto’s suizen voorbij. Van grenscontroles is geen sprake.

„Ik ben hier al ruim drie jaar niet meer gecontroleerd, ook de afgelopen dagen niet”, zegt de Flensburgse transport- en taxiondernemer Heiko Lange. Hij wuift naar een Deense kennis als hij vanuit zijn geboortestad Flensburg het Deense Kruså binnenrijdt. „Bij die kraam kun je uitstekende hotdogs eten.”

Denemarken zou een vesting zijn, met grenscontroles die door de rechts-populistische Dansk Folkeparti van Pia Kjærsgaard zijn afgedwongen. De aangevoerde reden is het tegengaan van grensoverschrijdende criminaliteit. Met als belangrijke bijkomstigheid: het weren van illegale vluchtelingen.

Bij de Duits-Deense grens tussen Flensburg en Kruså is niets van grenscontroles te merken. Iedere automobilist, voetganger of fietser kan ongehinderd van Duitsland naar Denemarken en omgekeerd. Hetzelfde geldt voor de trein tussen Duitsland en Denemarken: geen douanebeambte te zien. Denemarken ligt open voor welke bezoeker dan ook.

Voor de zekerheid belt transportondernemer Heiko Lange even met een paar medewerkers. Of zij gecontroleerd zijn. Een collega meldt vanaf de Bundesautobahn A7, van Zuid- naar Noord-Duitsland richting Denemarken, dat hij net zonder probleem langs de grenspost bij Ellund is gereden. Hier passeert verreweg het meeste verkeer van Duitsland naar Jutland in Denemarken.

Bij de hotdogkraam in Kruså staat Erik Henningsen een broodje te eten. Hij is zojuist in Flensburg boodschappen gaan doen en heeft bier en schnapps gekocht. „Drank is in Duitsland veel goedkoper dan bij ons”, zegt hij. Hij komt uit de grensstreek en heeft een Duitse grootvader, zoals zoveel Denen uit Zuid-Jutland en Duitsers uit Noord-Sleeswijk verwant zijn met elkaar.

Met zijn boodschappen uit Duitsland moet Henningsen een beetje voorzichtig zijn. „Er zijn dan wel geen grensposten meer, maar je kunt wel door grenspatrouilles worden aangehouden. Als bij zo’n steekproef blijkt dat je je auto met drank hebt volgeladen, heb je een probleem”, zegt hij grijnzend. Henningsen is niet onder de indruk van de controles, die hij alleen op televisie heeft gezien. „Kijk om je heen. Is hier douane? Nou dan.”

De Deense krant Jyllands-Posten in Aarhus schreef zondag dat de indruk bestaat dat de grenscontroles van de Deense regering en de Dansk Folkeparti „de politieke grap” van het jaar zijn. „Nu zijn er EU-deskundigen komen kijken. Maar hopla: ze hebben niet één douanier gezien. Het wordt steeds duidelijker dat voor de regeringspartijen de naleving van het Schengenakkoord belangrijker is dan het opgelegd-publieke aanprijzen van grenscontroles door de populisten.”

Denemarken werd juist gisteren bestraffend door Brussel toegesproken. Eurocommissaris Cecilia Malmström, een Zweedse, dreigde de Deense regering met juridische stappen, zoals klagen bij het Europees Gerechtshof wegens de schending van Europese verdragen. „De Commissie zal niet aarzelen om alle middelen die haar ter beschikking staan, in te zetten teneinde een vrij verkeer van personen, goederen en diensten in de Unie te garanderen.”

De Europese Commissie stuurde eind vorige week medewerkers naar de Duits-Deense grens om de opnieuw ingevoerde controles ter plaatse te laten onderzoeken. De rapporteurs zijn kennelijk tot de conclusie gekomen dat de controles, als die al plaatsvinden, niet erg systematisch worden toegepast. De Deense douaniers zouden geen heldere aanwijzingen van hogerhand hebben ontvangen en ook konden de EU-experts geen inzicht krijgen in het aantal controles en het resultaat ervan. Kortom, vaagheid is troef.

In Flensburg wordt over het algemeen schouderophalend gereageerd op de controles. De eigenaresse van een café dat op het terrein van een museumwerf is gevestigd, zegt: „De Denen komen hier net zo makkelijk als altijd. En ikzelf ga regelmatig naar Deense vrienden die net over de grens wonen. Ik heb er nog heel weinig van gemerkt.”

Ook lokale politici reageren gelaten. De burgemeester van Flensburg, Simon Faber, probeert naar eigen zeggen de zaak niet groter te maken „dan hij in werkelijkheid is”. Tegen een plaatselijk dagblad zei hij dat „het allemaal minder dramatisch is dan de krantenkoppen doen vermoeden.” De Denen, aldus Faber, „gaan pragmatisch met de controles om.”

De protesten tegen de grenscontroles kwamen de afgelopen dagen vooral van Duitse zijde. Minister van Buitenlandse Zaken, Guido Westerwelle, noemde de controles „geen goede ontwikkeling” en waarschuwde voor een terugkeer van nationalistische sentimenten in Europa. Zijn collega Hans-Peter Friedrich (Binnenlandse Zaken) eiste gisteren nogmaals van de Deense regering dat deze de grenscontroles goed overdenkt en er in ieder geval voor zorgt dat het Duitse vakantieverkeer richting Jutland geen hinder ondervindt.

Transport- en taxiondernemer Heiko Lange moet lachen als hij eraan herinnerd wordt hoe Duitse politici op de Deense maatregelen hebben gereageerd. Hij geeft gas als hij van Kruså richting Flensburg rijdt. Hij toetert en zwaait vrolijk naar een auto met een caravan erachter. De combinatie heeft een Duits nummerbord. Als hij ter hoogte van het grenswater is, de Flensburger Förde, zegt hij: „Kijk, daar rechts ligt Duitsland. Links is Denemarken. Zelfs op het water kun je hier betrekkelijk ongestoord je gang gaan.”