De filemelder

Deze zomer portretteert nrc.next mensen die werken voor de vakantie van anderen. Vandaag: de filemelder.

Scherp zijn en snel kunnen schakelen. Aangeboren eigenschappen van Robert Vriezen (41), verkeersinformatielezer van de Verkeersinformatiedienst (VID). In amper een half uur neemt hij vanuit de meldkamer voor zo’n acht live-uitzendingen op radio en televisie, zonder script, de belangrijkste verkeersophopingen in Nederland door. Zijn enige houvast: het veelvoud aan computerschermen waar actuele informatie continu binnenstroomt.

„En nu weer terug naar jou, Jan.” Drie minuten nadat Vriezen presentator Jan de Hoop en de kijkers van het RTL ontbijtnieuws over de toestand op de weg heeft ingelicht, is de radio-uitzending van Omroep Brabant aan de beurt. Kwart over zeven, het verkeer komt vandaag traag op gang. Geen lange files, alleen wat kleine wegwerkzaamheden. Tussendoor snel een kop koffie.

Even voor half acht modelleert Vriezen zijn haar, trekt een colbert aan en spoedt zich naar het groene scherm voor een televisie-uitzending van RTV Utrecht. Als een weerman wijst hij op een kaart van Nederland een kleine depressie aan: extra reistijd op de A28. Alle meldingen van de VID gebeuren op een oppervlakte van zo’n twintig vierkante meter.

Wie verwacht dat filemelders in de hele zomer hun handen vol hebben aan karavanen langzaam rijdende caravans en vouwwagens, komt bedrogen uit. Er geldt geen tropenrooster bij de VID. De drie filemelders die standaard dienst hebben, moeten nog steeds om half vijf ’s ochtends opstaan.

De rust op de weg kan zo verstoord worden door een botsing of een losgeschoten camper. Het is tegenintuïtief, maar files zijn de minste problemen van de filemelders. Die zorgen alleen maar voor een trage stroom auto’s en dan is de kans op ongelukken klein.

Meldkamercoördinator Pascall Maessen heeft een bloedhekel aan files. Al dat „stressgedoe” is zonde van zijn tijd. Bij de VID werken geen gedeformeerde vakidioten, die ervan houden zelf in de file te staan. Het gaat ze om de ‘dienstverlening’. Om ervoor te zorgen dat vakantiegangers met hun caravan of vouwwagen zonder al te veel vertraging aankomen op hun bestemming.

Als Vriezen na zijn tv-optreden weer plaatsneemt achter zijn microfoon voor het volgende radiobulletin checkt een collega naast hem ondertussen op vier schermen de afgesloten rijstroken op de matrixborden van Rijkswaterstaat en doorzoekt Twitter op de hashtags #botsing en#ongeluk.

Zo nu en dan glipt deze collega weg in een van de drie houten deuren aan de zijkant van de meldkamer. De geluidsdichte deuren voor deze cabines waarin verkeersinformatie voor programma’s op mp3 wordt opgenomen, zijn al naar boven verhuisd naar de nieuwe studio, legt Maessen uit. De meldkamer zelf nog niet.

Dat gebeurt ruim voor het einde van de maand, wanneer Maessen grote drukte op de weg verwacht. Op 30 juli, zwarte zaterdag, ontmoeten de Nederlanders onderweg naar de zon en de vakantiegaande Belgen en Fransen elkaar in het verkeer. Ondanks alle waarschuwingen om zulke dagen te vermijden, besluiten hordes vakantiegangers alsnog de auto te pakken. „Mensen zijn net koeien”, kan Maessen na vier jaar bij de VID met deskundigheid vaststellen.

Dirk Wijnand de Jong en Hans Klis