Spectaculaire groei werkgelegenheid in de zorg

Driekwart van de banengroei in het afgelopen decennium is toe te schrijven aan de zorg. De werkgelegenheid in de zorg is tussen 2000 en 2010 met 385.000 banen gegroeid. Het totaal aantal banen in Nederland nam in die periode toe met 515.000. Dat blijkt uit vandaag gepubliceerde cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS).

Het aantal werknemers in de zorg is in tien jaar tijd met 38 procent gestegen tot bijna 1,4 miljoen. Deze mensen werken in de gezondheidszorg, in de verzorging of de welzijnssector. Het CBS spreekt van een spectaculaire groei.

De zorg is minder conjunctuurgevoelig dan andere sectoren. Het is een branche die gestaag blijft groeien, ook de komende jaren, door de vergrijzing en de groeiende medische mogelijkheden. Tien jaar geleden werkte één op de negen werknemers in de zorg, nu één op de zeven.

De handel is nog altijd de grootste bedrijfstak in Nederland, met 1,5 miljoen banen. De zorg komt daar met 1,4 miljoen banen direct achteraan, op de derde plaats staat de industrie. Industrie heeft evenals de landbouw de afgelopen tien jaar wat werkgelegenheid betreft fors aan belang ingeboet. Veertig jaar geleden was de industrie nog de belangrijkste sector. Toen kwam de zorg op de vijfde plaats.

Van de 515.000 banen die Nederland er het afgelopen decennium bij kreeg, profiteerden voornamelijk vrouwen. Terwijl het aantal banen van mannen met slechts 12.000 toenam, groeide het aantal banen van vrouwen met iets meer dan een half miljoen. Dat komt vooral door de zorg, waar veel vrouwen werken. Een kwart van alle werkende vrouwen werkt in die sector. Slechts een op de vijf werknemers in de zorg is man.

Bij de overheid nam het aantal banen het afgelopen decennium met tien procent, ofwel 101.000 arbeidsplaatsen, toe. Vooral het onderwijs kreeg meer personeel.

Vandaag de dag wordt bijna de helft van alle banen bezet door vrouwen. Zij werken wel vaak in deeltijd. Van alle gewerkte uren nemen vrouwen 37 procent voor hun rekening.