Herover de rituelen op de gelovigen. Musea zijn nu gekkenhuizen

Het Laatste Avondmaal (1495 - 1498). Fresco: Leonardo da Vinci

God mag dan dood zijn, de dringende kwesties die ons ertoe brachten Hem te verzinnen zijn springlevend. Atheïsten doen er daarom goed aan de rituelen op het geloof te heroveren en de onstoffelijke goden te laten voor wat ze zijn.

Hiertoe roept publieksfilosoof Alain de Botton (1969) op in zijn onlangs verschenen boek Religie voor atheïsten – Een heidense gebruikersgids (Atlas, juni 2011).

Een opmerkelijk pleidooi voor iemand die zijn ziel heeft verkocht aan de rede. Toch is zijn motief overtuigend. Rond zijn vijfentwintigste kwam De Botton, opgevoed door twee ongelovige joden, in een ongeloofscrisis. “Ik zag in dat de volharding in mijn verzet tegen theorieën over een hiernamaals of hemelbewoners nog geen reden was om de muziek, gebouwen, gebeden, rituelen, feesten, heiligdommen, pelgrimstochten, gemeenschappelijke maaltijden en verluchte manuscripten van de godsdiensten in de ban te doen.”

We kunnen geen tempels bouwen
Maar in de seculiere samenleving trof hij die franje niet aan. Een leegte die hij als volgt uitdrukt: “We zijn bang geworden voor het woord deugdzaamheid. We steigeren bij de gedachte een preek te moeten aanhoren. We verwerpen het idee dat kunst verheffend dient te zijn of een ethisch doel moet dienen. We gaan niet op pelgrimstocht. We kunnen geen tempels bouwen. We hebben geen systemen om dankbaarheid uit te drukken. Voor hoogstaande mensen is het een absurd idee om een zelfhulpboek te lezen. We hebben iets tegen geestelijke oefeningen. Vreemden zingen zelden met elkaar.”

Universiteiten geven geen levenslessen
Zodra atheïsten de ‘kwalijke geuren van religie’ (Nietzsche) ruiken, maken ze zich volgens de schrijver uit de voeten. De Botton zou echter graag hebben dat museumbezoekers niet plichtmatig de bordjes onder de schilderijen lezen, maar in vervoering raken van al die prachtige verfspatten. Of dat studenten in hogere sferen komen als ze getroffen zijn door een meesterlijk citaat. Hij betreurt het dat het vergaren van kennis niet hand in hand gaat met ‘een beter mens worden’. Universiteiten leveren volgens De Botton alleen verwarde alfa’s af, terwijl zowel gelovigen als ongelovigen behoefte aan geborgenheid en troost hebben.

Seculiere samenleving laat falende mens in de steek
Om misverstanden te voorkomen. Het is niet De Bottons bedoeling om bij gelovigen in het gevlei te komen. Hij blijft iedere verwijzing naar een alwetende schepper verwerpen. Sterker, hij baalt ervan dat religies zich de zielenroerselen hebben toegeëigend. In een interview met NRC-redacteur Maartje Somers brengt De Botton dit als volgt onder woorden:

“De evocaties van troost in de religieuze muziek en in religieuze kunst ontroeren me erg. Troost heeft niet de pretentie een probleem te laten verdwijnen. Daarom is het zo belangrijk. Bij de meeste vormen van hulp gaat het om het zoeken naar antwoorden, of erger, oplossingen.

Het is mijn overtuiging dat er voor de meeste problemen in het leven geen oplossingen bestaan. Maar er is wel troost, die zorgt dat je het allemaal iets beter aankunt. Een van de illusies van het neoliberalisme is die van het rationele individu dat moeiteloos de juiste keuzes maakt. Maar dat doen we niet. We falen juist voortdurend.

Ik verzet me sterk tegen het machismo in de samenleving, dat zegt dat we het allemaal wel alleen afkunnen. We zijn als kinderen, we proberen maar wat. Het geloof benadrukt dat, en ook dat falen niet erg is, omdat je niet de enige bent. De moderne samenleving laat ons in dat opzicht behoorlijk in de steek.”

Soap-acteurs zijn zinniger bezig dan kunstenaars
De Botton wil atheïsten daarom aansporen de bruikbaarheid van religies te onderzoeken. Juist dan kan kennis de geest verrijken en krijgen wetenschappelijke verhandelingen over burgerschap, rechtsgelijkheid en mensenrechten zin. Pas dan kunnen we praktiseren wat we onderwijzen. Hiermee bekritiseert hij ook de kunstenaar. Pour l’Art? Niks daarvan: leg uit wat je gemaakt hebt en waarom. Jezus hing immers ook niet om esthetische redenen aan het kruis. Het moderne museum heeft volgens de filosoof nu meer weg van een gekkenhuis, terwijl het ook een tempel kan zijn: niet chronologisch, maar thematisch ingericht. Een museum waar je niet alleen als wijzer mens, maar ook als beter mens uitkomt.

Kunstenaars hebben voor De Botton zo afgedaan dat hij tv-soaps is gaan prijzen. “Heel wat programma’s gaan over mensen die in hopeloze situaties verkeren”, legt De Botton uit aan Marnix Verplancke van Liberales.be. “Hun huwelijk staat op springen of hun zoon is omgekomen in een auto-ongeval, ik zeg maar iets. Extreem lijden dus, en dat is iets wat ook religies benadrukten: we lijden allemaal aan het leven. Dat is een waarheid als een koe die we van tijd tot tijd opnieuw ingeprent moeten krijgen, en tv doet dat voorbeeldig.”

Keer het proces van religieuze kolonisatie
In zijn boek gaat De Botton op zoek naar rituelen die ongelovigen kunnen omarmen. Wilfred van de Pol weet in dagblad Trouw het toekomstbeeld van de filosoof treffend te schetsen.

“Stel: je loopt door een willekeurige westerse stad. Langs de weg zie je een billboard met daarop nu eens geen schaars geklede vrouw die ondergoed aanprijst, maar levensgroot het woord ‘Vergeving’.

Dan trekt een toren je aandacht. ‘Tempel voor Perspectief’ staat er boven de ingang. Binnen schiet een enorme koker je de lucht in. Het is de ouderdom van de aarde waar je naar staart: elke centimeter staat voor één miljoen jaar. Helemaal onderaan, ter hoogte van je hoofd, zie je een gouden rand van één millimeter. Dat is de tijd die de mensheid erop heeft doorgebracht. Doordrongen van je eigen nietigheid verlaat je, lichtelijk gedeprimeerd, de tempel.

Gelukkig is er op de hoek van de straat een ‘Zorgzaamheidstempel’, een verduisterde, baarmoederachtige plaats waar je bij schemerlicht kijkt naar een beeld van een moeder die een kind omarmt. En zo krijg je, tijdens één wandeling, een moreel advies, een les in nederigheid én een portie moederlijke troost.”

Het is nu aan atheïsten om het proces van religieuze kolonisatie om te keren, besluit De Botton. “Ze moeten een manier vinden om ideeën en rituelen los te maken van de religieuze instanties die er aanspraak op hebben gemaakt, maar waaraan ze niet werkelijk toebehoren.”

Gerelateerde artikelen:
Zelfs voor de oerknal was God niet nodig
Mars der Beschaving. Ook kaartjes verkopen is een kunst
Nationaal Historisch Museum. Volksidentiteit conserveren?
Joop van den Ende: ‘Kunst is een rechtse hobby, het levert geld op’
Na de Dag des Oordeels gezond weer op
God bestaat niet en Herman Philipse is zijn profeet
Ook ontwikkelingsorganisaties en media vermarkten Dag des Oordeels
Gedachte-experiment: zo schiep de mens zijn God
Computers maken de mens tot emotioneel wrak
Niet Jokertje, maar Joost Zwagerman zet zichzelf te kijk
Het intellect ligt aan de basis van het grofste geweld
Je kunt op zijn minst dankjewel zeggen
Het dorp als kooi
Het seculier fatalisme van de moderne burger
Zij die schutterig door de samenleving rondstumperden
Kerkbetrokkenheid neemt af, zoektocht naar bezieling niet