Honger is oud nieuws

Een golf van gejubel ging deze week over het continent. Over de historische dag waarop Zuid-Soedan onafhankelijk werd, opende een Keniaanse krant met de kop: ‘Het einde van de bevrijdingsstrijd in Afrika’.

Net als in 1994 met het einde van de blanke heerschappij in Zuid-Afrika dansten en dronken overal Afrikanen om het einde van de Arabische dominantie in Zuid-Soedan te vieren. „We zijn niet meer de slechtste Arabieren, maar de betere Afrikanen”, schreef een Zuid-Soedanees in de Keniaanse Daily Nation. „Een eeuwenlange geschiedenis van Arabische slavernij en uitbuiting van de zwarte Zuid-Soedanezen komt ten einde”, berichtte een Keniaanse tv-verslaggever over de nieuw geboren natie.

Het vreugdenieuws heeft zwarte randjes. Donderdag meldden Keniaanse media een per satelliet ontdekt massagraf in Kordofan, in Noord-Soedan, waar de oorlog tegen achtergebleven zwarte volken doorgaat. Net als in Darfur enkele jaren terug is de Soedanese regering van president Omar al-Bashir er een zuiveringsactie begonnen, dit keer tegen de zwarte Nuba’s. „George Clooney en andere beroemdheden moeten deze massaslachtingen nog publiciteit geven, zoals ze met Darfur deden”, zegt met een cynische ondertoon de Keniaanse journalist David Mulala over het gebrek aan media-aandacht voor dit bloedbad. Uit Kordofan gesmokkelde foto’s van zwaar verminkte Nuba-vrouwen en kinderen bleken te gruwelijk voor publicatie.

Een andere ramp krijgt meer attentie. De media maken veel ruimte voor noodkreten vanuit New York en Genève over de 11 miljoen hongerlijders in de Hoorn van Afrika. Inwoners van Kenia en Oeganda kunnen al sinds maart over deze voedseltekorten lezen, over wat nu in de taal van buitenlandse hulpverleners „de grootste droogteramp in vijftig jaar” heet. Oost-Afrikaanse consumenten worstelen al maanden met inflatie van boven de 10 procent. Hogere olieprijzen uit het onrustige Midden-Oosten en de stijgende voedselprijzen in de wereld vormen de oorzaak, evenals de droogte in de marginale gebieden waar nomaden leven. In Oeganda gingen in mei al boze bewoners de straat op en deze week lieten ook hongerige Kenianen hun protest horen.

In de op het zakenleven georiënteerde EastAfrican vraagt columnist Muthoni Wanyeki zich af wat eigenlijk de oorzaak is van de vrije val van de Keniaanse shilling. „De financiële crisis in Griekenland is slechts één van de redenen”, schrijft ze. „Veel van de inkomsten aan harde valuta voor Kenia zijn in euro’s. Nu de euro minder waard is, zijn er minder inkomsten.” Maar zo simpel is het niet. Muthoni oppert een samenzweringstheorie. Die luidt als volgt: volgend jaar zijn er verkiezingen in Kenia. Om zijn kandidaten te financieren drukt de staat extra geld met een gierende inflatie tot gevolg.

Verkiezingen leidden eerder tot economische crisis. In Oeganda strooide president Museveni begin dit jaar voor zijn verkiezingscampagne stevig met geld. Zo duwde hij de Oegandese economie in een diep dal. Met extra aandacht lezen Afrikanen daarom over de opstanden in Libië en Syrië. Zij hopen dat ook de onbekwame Afrikaanse politieke klasse ervan langs krijgt. Dan zal de Afrikaanse bevrijding pas echt volledig zijn.

Koert Lindijer