Geld parkeren in stenen (2)

Investeren in parkeergarages was vorige week het onderwerp van deze column. Aanleiding was de lancering door Bouwfonds REIM van het European Parking Fund III, dat particuliere beleggers laat ‘meeliften’ met pensioenfondsen en andere instituten in een portefeuille met 21 Europese parkings.

Met het Parking Fund III verwacht Bouwfonds een gemiddeld totaalrendement te behalen van 8,3 procent per jaar – 6,2 procent uit de huren en 2,2 procent uit de uiteindelijke verkoop van de garages. Dat ziet er goed uit, nu de rente op een spaarrekening nauwelijks de inflatie bijhoudt.

Maar de belegger moet er wel wat voor over hebben. Ten eerste moet hij in het Parking Fund III minimaal een ton investeren. Dat is veel geld, dat hij ook nog eens lang moet laten zitten: tot de liquidatie van het fonds, wanneer de panden worden verkocht en de winst wordt verdeeld onder de beleggers. Bij Parking Fund III zal dat vermoedelijk gebeuren na een dikke vijf jaar. De beleggers mogen namelijk stemmen over het tijdstip van liquidatie. Als het goed is gebeurt dat ruim vóór de beoogde einddatum.

Wil een meerderheid nog even wachten, vanwege de vette dividenden of in de hoop op een beter verkooprendement, dan wordt de looptijd verlengd. Kennelijk kiezen beleggers vaak voor verlenging. „Bouwfonds REIM bestaat nu tien jaar”, zegt Rutger Bakels, directeur Investor Services van deze dochter van de Rabo Vastgoedgroep. ,,Maar we moeten ons eerste fonds nog liquideren.”

Het lange wachten wordt verzacht door de jaarlijkse inkomsten uit de participaties. De panden leveren een inkomen op, voornamelijk de huurstroom, dat na aftrek van kosten ieder jaar als dividend aan de beleggers wordt uitgekeerd.

Dat doet denken aan de jaarlijkse couponrente van een obligatie. Maar die rente staat vast. Het dividend van een vastgoedfonds beweegt mee met de huurprijzen, leegstand en kosten van de portefeuille. Bovendien zijn de meeste obligaties sneller en gemakkelijker te verkopen dan een participatie van vijftig mille in zo’n Parking Fund III.

Te meer daar het fonds geen beursnotering heeft. Zoals alle fondsen van Bouwfonds REIM, op één na. In het vastgoed komen zulke closed-end fondsen veel voor. ,,Beleggen in vastgoed verdraagt zich slecht met de waan van de dag op de beurs”, zo verklaart Bakels deze keuze. Veel beursgenoteerde vastgoedfondsen zagen tijdens de kredietcrisis 30 tot 70 procent van hun beurswaarde verdampen, zodat die ver onder de marktwaarde van hun vastgoed uitkwam.

Dat komt onder meer doordat vastgoed veel minder liquide is dan aandelen, obligaties en beleggingsfondsen. Wat wordt daarmee bedoeld? En is beleggen in vastgoed dan wel verstandig? Daarover volgende week meer.

Joost Ramaer