Russisch Gazprom krijgt grotere greep op energiemarkt in Europese Unie

De intentieverklaring van RWE en Gazprom kan grote economische en politieke gevolgen hebben. Brussel kijkt zuur. Grotere leveringszekerheid of meer afhankelijkheid?

Het Russische staatsbedrijf Gazprom rukt op in Europa. Pogingen van Brussel om de groeiende afhankelijkheid van Rusland te temperen, krijgen weer een tik.

Dat alles dankzij de kernramp in Japan, vier maanden geleden. Die heeft een cascade aan gebeurtenissen in gang gezet, met grote politieke en economische gevolgen.

In Duitsland leidde de kernramp tot een politieke aardverschuiving. Bondskanselier Merkel kwam terug op het besluit om de kerncentrales langer open te laten. Ze gaan toch vóór 2022 dicht, zoals in 2000 was besloten door de roodgroene regering-Schröder. Daarop doken de beurskoersen van RWE en EON omlaag, en werden ze financieel verzwakt. De twee bedrijven zijn gezamenlijk eigenaar van elf van de zeventien kerncentrales in Duitsland.

Sinds gisteren heeft RWE, in een strategiewending, daarom een voorlopig akkoord met het Russische staatsgasbedrijf Gazprom om samen kolen- en gascentrales te exploiteren in Duitsland Groot-Brittannië, Nederland, België en Luxemburg. En om samen nieuwe centrales te bouwen. Daarmee wordt de deur opengezet voor het verder oprukken van Gazprom in Europa. Ook in Nederland krijgt Gazprom – als de deal doorgaat, voorlopig gaat het om een voorlopige overeenkomst – een indirecte stem in energie-infrastructuur.

„Uiteraard hoopt Gazprom die nieuwe centrales te gaan voorzien van Russisch gas”, zegt Simon Pirani van het Oxford Instituut voor Energiestudies (OIES)

Brussel kijkt zuur. Dat roept al tien jaar om minder afhankelijk te worden van Russisch gas. Volgens sommige Europese politici gebruikt Gazprom die afhankelijkheid als een politiek wapen. Zie de diverse gasruzies die Rusland afgelopen jaren heeft gevoerd met Oekraïne en Wit-Rusland. Het sluiten van de gaskraan zou niets te maken hebben met commerciële geschillen, zeggen deze politici, maar met de wens van Kremlin om afvallige buurlanden in het gareel te blijven houden.

Andere politici en sommige analisten zeggen dat meer integratie de leveringszekerheid juist vergroot. Econoom Josef Auer van Deutsche Bank wijst bijvoorbeeld op de jarenlange samenwerking die het Duitse Basf, het grootste chemiebedrijf ter wereld, en Gazprom hebben. Via een gezamenlijke dochter, Wingas, verkopen ze gas in Duitsland en sinds kort ook Nederland. „Basf maakt niet de indruk dat de samenwerking gevolgen heeft voor zijn bedrijfsstrategie, of voor de Duitse politiek.”

Ook het Nederlandse kabinet stelt zich open op tegenover Gazprom. Staatsbedrijf Gasunie neemt deel in Nordstream, dat voor de meerderheid van de Russen is. In ruil heeft Gazprom een belang gekregen in de nieuwe pijpleiding tussen Nederland en Groot-Brittannië. Zo ontstaat er een as vanuit Rusland via Duitsland verder naar Nederland en Groot-Brittannië, die door Gazprom beleverd wordt. Bijvoorbeeld vanuit de grote gasopslag die bij Bergermeer moet komen, waarin Gazprom ook een belang heeft.

De deal RWE-Gazprom vormt toch via andere weg een risico voor de EU-energieveiligheid. De Europese Unie wil al jaren een gaspijpleiding bouwen van de Kaspische Zee naar Europa, die Rusland omzeilt. De pijpleiding heet Nabucco en RWE is een van de belangrijkste partners. Maar Gazprom ziet die pijp als bedreiging voor zijn positie in Europa. Dus zal Gazprom volgens Alexander Rahr „grote druk gaan uitoefenen op RWE zich terug te trekken.”

„Vooralsnog is er alleen de intentie om samen te werken”, zegt de Ruslandspecialist van de Duitse denktank DGAP. „Maar als deze deal van de grond komt, wordt de kans dat Nabucco van de grond komt een stuk kleiner. Het betekent nog niet het einde van Nabucco, maar het ziet er dan niet goed uit.” Het Nabucco-project was al onzeker. De landen die Nabucco beoogt als gasleverancier willen eerst zien dat het project financieel rond is, zodat ze zekerheid hebben dat er straks gas kan worden verkocht. Maar de energieconcerns in het project, de afnemers, willen juist eerst zekerheid dat er gas is voor ze geld gaan uitgeven.

Voor Gazprom komt de deal niet op een ongunstig moment. Gazprom zoekt zekerheid van afzet. Het concurreert op een Europese markt die de laatste jaren overvoerd is met gas. Niet alleen vanuit Noorwegen, maar ook vanuit Qatar, Algerije, Nigeria. Doordat gas tegenwoordig ook via schepen vervoerd kan worden in de vorm van LNG (liquified natural gas, sterk afgekoeld en vloeibaar gemaakt aardgas), kan Europa geleverd worden vanuit allerlei landen. Het heeft de gasprijzen gedrukt.

Dat is slecht voor Gazprom. Zijn positie in Europa was de afgelopen jaren juist kleiner was geworden. Gazproms aandeel van de Europese gasmarkt was voor de crisis zo’n 28 à 29 procent. Nu is dat volgens topman Aleksej Miller nog 23 procent.

De overvloed op de gasmarkt heeft ook de contracten onder druk gezet. De gasprijs wordt mede bepaald door de mondiale olieprijzen. Maar de olieprijzen zijn al weer een paar jaar hoog, terwijl de gasprijzen laag zijn. Grote afnemers willen die koppeling met de mondiale olieprijzen verder afbouwen. Ook dat heeft de inkomsten voor Gazprom gedrukt.

Rahr, van DGAP, zegt dat hoe dan ook de afhankelijkheid van Russische gas de komende jaren zal groeien. „Dat is een realiteit die we zullen moeten accepteren.”