Film en theater vertalen de politieke zegetocht van de Groenen in Duitsland

Macht corrumpeert ook idealisten op gympen. Duitse acteurs verbeelden de opkomst van de Groenen. „Kun je deel zijn van de beweging en ook regeren?”

Op het toneel van een theater in een Zuid-Duitse stad herleven de jaren zeventig, begin tachtig. Langharige tegenstanders van kernenergie, fanatieke feministes en jonge aankomende politici op gymschoenen discussiëren dat de vonken eraf spatten. Net zo beeldend wordt dit voor Duitsland opwindende tijdperk gepresenteerd in een zojuist verschenen film, maar dan aan de hand van historische journaalfragmenten. Hoofdthema in beide gevallen is het succes van de Duitse groene beweging.

De Groenen zijn film en theater geworden. De zegetocht van deze politieke partij heeft een culturele vertaling gekregen. Politiek en cultuur hebben in Duitsland altijd al hun krachten gemeten. En de kleurrijke dertigjarige geschiedenis van de Groenen in de Bondsrepubliek is voor kunstenaars een dankbaar onderwerp: omstreden en zeer Duits.

De groenste stad van Duitsland is Freiburg in de Breisgau, een streek gelegen tussen de Bovenrijn en het Zwarte Woud. Sinds negen jaar zijn hier de Groenen aan de macht. De lievelingspartij van de lokale bevolking is nu door het Freiburger Theater op de korrel genomen met het toneelstuk Die Grünen. Eine Erfolgsgeschichte van de Zwitsers-Hongaarse regisseur en theatermaker Jarg Pataki. Min of meer tegelijkertijd is de film Joschka und Herr Fischer van de Duitse regisseur en documentairemaker Pepe Danquart uitgekomen, een meer dan twee uur durend portret van de Duitse groene politicus Joseph Martin ‘Joschka’ Fischer.

In Danquarts werk is Fischer te zien als linkse straatvechter, bedachtzaam filosoof en berekenend machtspoliticus. Hij is mager, wordt steeds dikker, slankt spectaculair af en eet zich daarna weer tonnenrond. Maar zijn neus voor politiek blijft onveranderd. Over zijn partij windt de concurrentie zich mateloos op. Bondskanselier Helmut Kohl zegt bijtend, als de Groenen triomferend de Bondsdag intrekken: „Ze zijn met bloemen gekomen, maar hebben veel haat gezaaid.”

Aan Die Grünen. Eine Erfolgsgeschichte van theatermaker Pataki is twee jaar onderzoek vooraf gegaan. Redevoeringen, politieke programma’s en debatten in de Bondsdag werden onderzocht op bruikbare theaterteksten. Geen zin is bedacht. Bijna ieder woord van de acteurs komt uit een van de vele manifesten of politieke voordrachten van de Groenen.

„Kun je deel uitmaken van de beweging en tegelijkertijd willen regeren?”, vraagt een actrice in Pataki’s stuk zich af. De tekst is afkomstig van Groenen-voorzitter Claudia Roth. Haar loodzware Duitse ernst, alsmede die van groene politici als Petra Kelly, Jürgen Trittin en Renate Künast, krijgt door Pataki’s ironische aanpak iets vederlichts. Volgens toneelrecensenten kunnen de zelfingenomen Groenen dit soort politieke persiflage goed gebruiken.

Film en theaterstuk laten zien dat macht ook idealisten corrumpeert. Fischer schreef geschiedenis toen hij zich als groene idealist op gympies tot minister van Milieu van de deelstaat Hessen liet beëdigen. Jaren later was hij als bewindsman op Buitenlandse Zaken in de rood-groene coalitie van bondskanselier Gerhard Schröder de drijvende kracht achter het besluit om het Duitse leger voor de Kosovo-oorlog in te zetten. Voor de een is dit Realpolitik, de ander noemt het „verraad aan de groene beweging”.

Andere grote politieke partijen van het land kunnen jaloers zijn op zoveel culturele aandacht voor de Groenen. Geen politieke partij in Duitsland is de laatste jaren zo succesvol geweest. Bij vrijwel alle regionale en landelijke verkiezingen boekten de Groenen stemmenwinst. Het groepje tegenstanders van kernenergie, warrige macrobioten en feministen dat begin jaren ’80 een eigen partij stichtte, werd aanvankelijk door de concurrentie niet serieus genomen. Inmiddels dwongen ze, door hun succes, Angela Merkel tot een herziening van haar kernenergiebeleid. En ze vormen de derde politieke hoofdmacht van Duitsland, na christen-democraten (CDU/CSU) en sociaal-democraten (SPD). Een film over CDU-voorzitter Angela Merkel of de SPD-leiders Sigmar Gabriel en Frank-Walter Steinmeier met een lengte van 140 minuten moet nog worden gemaakt. Voor het theater zijn hun partijen kennelijk ook te saai. Steinmeier van de SPD zei het ooit treffend: „Van de Groenen valt nog iets te leren.”