Placebo evenaart medicijn

Een placebo kan – wat de patiënt betreft – evenveel effect hebben als een echte behandeling. Dat blijkt uit onderzoek onder astmapatiënten.

Met een placebopil kan een patiënt zich een stuk beter voelen, terwijl de dokter die de pil gaf er ontevreden over is omdat hij geen enkele verbetering meet.

Dat grote verschil tussen subjectieve beleving en een objectieve meting na een nepbehandeling beschrijven Amerikaanse onderzoekers van Harvard Medical School vandaag in The New England Journal of Medicine. Hun conclusie is: wat een patiënt zegt over een medische behandeling is vaak onbetrouwbaar. Daar moet een dokter dus niet al te veel op vertrouwen, terwijl dat in de praktijk nog wel eens wordt gedaan, ook bij ‘echte’ medicijnen en behandelingen. Maar daarover ontstaat onmiddellijk discussie, want in een commentaar dat de redactie van The New England liet schrijven, stelt medisch antropoloog Dan Moerman: „Wat is de belangrijkste uitkomst van een medische behandeling: de objectieve of de subjectieve, de ervaring van de dokter of die van de patiënt?”

Moerman weet het antwoord wel. De patiënt meldde zich bij de dokter vanuit het gevoel dat zijn klacht daar ernstig genoeg voor was. En als dat subjectieve gevoel na doktersbezoek minder alarmerend wordt, dan is het doel bereikt. Als tenminste, voegt Moerman nog toe, geen negatieve lichamelijke effecten zijn te verwachten van die subjectieve tevredenheid. En dan bedoelt Moerman toch weer: gemeten negatieve effecten.

Ondanks die kritiek heeft het artikel van Ted Kaptchuk van Harvard, specialist in de effecten van placebo’s en acupunctuur, alles in zich een klassieker te worden in het placebo-onderzoek. Met zijn team onderwierp hij 46 astmapatiënten achtereenvolgens en meermalen aan vier verschillende behandelingen. Dat waren: albuterol (een luchtwegverwijdend medicijn, ingeademd met een inhaler), een placeboinhaler, een nep-acupunctuurbehandeling, of géén behandeling, waarbij de patiënt na een paar uur wachten naar huis werd gestuurd.

De dokters maten het met kracht uitgeblazen luchtvolume (FEV1), een gebruikelijke maat om de ernst van astma te meten. De patiënten moesten aangeven of ze zich meer of minder benauwd voelden.

De FEV1 verbeterde alleen na toediening van albuterol, met 20 procent. Maar de patiënten voelden zich minder benauwd na albuterol, na gebruik van de nepinhaler en na nep-acupunctuur. Steeds voelde de helft zich minder benauwd.

Commentator Dan Moerman zegt dan: „Alle medische behandelingen (werkend of niet) hebben betekenis.” Dat komt, legt hij uit, door de witte jassen, de glimmende apparaten, de zorgzame verpleging en een imposant ziekenhuis („dat van ons heeft twee helikopterlandingsplaatsen!” voegt Moerman vrolijk toe).

Maar Kaptchuk komt niet verder dan een zuinig „placebo-effecten kunnen klinisch betekenis hebben en kunnen net zo goed uitpakken als actieve medicijnen”. Het druipt ervan af dat hij dat eigenlijk maar niks vindt en hij waarschuwt onderzoekers er rekening mee te houden.