'Verlosser' had geen enkel krediet meer

De spelers van Feyenoord zegden gisteren het vertrouwen op in trainer Mario Been. Been besloot op te stappen na een gesprek met de technische leiding van de club.

20-02-2011, Den Haag. ADO Den Haag - Feyenoord. Feyenoord trainer Mario Been Foto Bas Czerwinski

Hij werd twee jaar geleden als ‘de Verlosser’ binnengehaald door de supporters en de leiding van de club. Mario Been had Feyenoord in zijn dna en zou de noodlijdende club weer succes kunnen bezorgen. ‘Super Mario’ is vertrokken als een trainer die zijn belofte bij Feyenoord nooit heeft ingelost, nadat de spelers gisteren hun vertrouwen in hem hadden opgezegd.

Twee jaar lang kampte Mario Been bij Feyenoord met onrealistisch hoge verwachtingen, een diepe financiële crisis en een gebrekkige samenwerking met de spelersgroep. Afgelopen zaterdag smeet aanvoerder Ron Vlaar weer eens met de deur van de kleedkamer nadat Feyenoord een oefenwedstrijd tegen amateurclub Vitesse Delft met moeite had gewonnen. Vlaar verweet zijn medespelers, zoals wel vaker, een gebrek aan inzet. Zijn trainer was het met hem eens.

Mario Been is een kind van de volksclub uit Rotterdam-Zuid. Hij genoot een groot deel van zijn jeugdopleiding ‘op’ Zuid, en speelde zes seizoenen (137 duels, 53 doelpunten) in de hoofdmacht, voordat hij in 1988 vertrok naar Pisa. Aan de zijde van onder anderen Johan Cruijff en Ruud Gullit won hij in zijn tweede seizoen (1983-84) de landstitel met Feyenoord. Toen hij in de zomer van 2009 daar als hoofdtrainer terugkeerde, werd hij op de eerste training door tienduizend supporters ontvangen. Op rode spandoeken en T-shirts werd hij afgebeeld als de Zuid-Amerikaanse revolutionair Che Guevara en toegezongen door het naar succes hunkerende Legioen.

Onder druk van de matige en bij vlagen beschamende prestaties kwam Been het voorbije seizoen steeds meer onder vuur te liggen. Beens onvoorwaardelijke liefde voor Feyenoord was zowel zijn kracht als zijn zwakte, zo viel de afgelopen maanden regelmatig in de stad te horen. Het rood-wit zit in zijn genen, wat hem tot de aangewezen man zou maken om het noodlijdende en slecht presterende Feyenoord uit het dal te trekken. Critici stelden tegelijkertijd vast dat Been juist onvoldoende afstand nam.

In het eerste seizoen van Been in Rotterdam-Zuid eindigde Feyenoord op de vierde plaats en verloor de club in de bekerfinale kansloos van aartsrivaal Ajax. Afgelopen seizoen ging het sportief veel slechter. Door de hoge schuldenlast (ruim 20 miljoen euro) was er geen geld voor nieuwe aankopen. En zonder de routiniers Giovanni van Bronckhorst (gestopt), Roy Makaay (gestopt), Denny Landzaat (naar FC Twente) en Jon Dahl Tomasson (geblesseerd) bleef er voor Been een onevenwichtige en jonge spelersgroep over, die bij de minste tegenslag uit elkaar viel.

Gelaten ondergingen de spelers bijvoorbeeld de afstraffing tegen PSV, waardoor de score kon oplopen tot 10-0. In een doodstille kleedkamer stelde een tot tranen geroerde Been na afloop zijn positie ter discussie. De spelers deden er het zwijgen toe.

Gedurende het seizoen uitte Been regelmatig openlijk kritiek op zijn selectie. Na de 3-2 nederlaag tegen degradatiekandidaat VVV-Venlo zei Been dat zijn werk bij Feyenoord af en toe voelde als „dweilen met de kraan open”. In augustus maakte hij ruzie met verdediger Tim de Cler na het teleurstellende verlies tegen Excelsior.

Ondanks de slechte prestaties van Feyenoord kon Been lang op de steun van de supporters rekenen. De spelers niet. Die moesten „werken voor hun geld” en zo niet dan konden ze maar beter „opkrassen”, zo werd hen bijvoorbeeld na de nederlaag tegen PSV te verstaan gegeven.

Tijdens het financiële en sportieve rampseizoen, waarin Feyenoord ook hard getroffen werd door het overlijden van clubiconen Fred Blankemeijer en Coen Moulijn, kreeg Been in januari zelf voor het eerst kritiek. Na de 1-0 thuisnederlaag tegen De Graafschap werd hij uitgefloten in de Kuip. Daarna kwam er meer kritiek: Been zou te vaak op de golfbaan staan, zijn trainingen stelden weinig tot niets voor en hij blonk ook in tactisch opzicht niet uit. „We doen maar wat”, zei aanvaller Georginio Wijnaldum na het duel tegen De Graafschap. Ook werd steeds vaker werd gezegd dat Been de weliswaar jonge, maar zeer getalenteerde spelersgroep niet beter wist te maken.

Toen technisch directeur Leo Beenhakker eind januari met slaande deuren uit de Kuip vertrok, na een conflict met de clubleiding, verloor Been ook zijn beschermheer.

Beens vertrek komt op een moment dat Feyenoord in financieel opzicht de weg omhoog lijkt te hebben gevonden. Zakenman Pim Blokland van de Vrienden van Feyenoord kondigde gisteren in deze krant aan dat twaalf private investeerders de schuldenlast in recordtempo wegwerken. Over niet al te lange tijd hoopt de groep 30 miljoen euro bij elkaar te hebben. Blokland: „We wachten op een geschikt moment als Feyenoord positief nieuws kan gebruiken.”