Verhoging strafmaximum voor jeugddetentie pure symboliek

Penitentiaire inrichting De Schie in Rotterdam. Foto NRC

De regering wil de maximumstraf voor zestien- en zeventienjarigen verhogen van twee naar vier jaar. Lichtere criminelen, zoals vandalen en bedreigers, maken kans op ‘strafdienstplicht’ met nachtdetentie. Een voorstel voor de bühne, menen vier hoogleraren. “Het zal contraproductief werken.”

Op de opiniepagina van NRC Handelsblad kraken Mariëlle Bruning (jeugdrecht), Gerard de Jonge (detentierecht), Theo Doreleijers (jeugdpsychiatrie) en Ido Weijers (jeugdrechtspleging) vandaag het plan van staatssecretaris Fred Teeven (Veiligheid en Justitie, VVD). Een verharding tegenover minderjarige daders is volgens het viertal allesbehalve noodzakelijk.

“De politie en rechtbanken constateren een afname van het aantal jeugdige daders. Zes justitiële jeugdinrichtingen zijn inmiddels gesloten, wegens gebrek aan delinquenten. Ook een onderzoek onder slachtoffers laat zien dat Nederland veiliger is geworden.

Teevens verharding is bovendien achterhaald. Dat is niet alleen gênant, maar ook zorgelijk. Dat hij als volksvertegenwoordiger telkens alarm sloeg en daarmee op gevoelens van onveiligheid inspeelde, was tot daaraan toe. Erger is dat hij als bewindspersoon de bevindingen van de ambtenaren van zijn eigen ministerie negeert en op geen enkele wijze meeneemt in zijn beleidsvoorstellen.”

De professoren zouden graag zien dat de bewindsman wat meer evidence based te werk gaat.

“Onderzoek toont steeds opnieuw dat strenger straffen geen positieve, maar eerder negatieve effecten heeft. Daarom wekt het verbazing dat Teeven opnieuw het idee van de strafdienstplicht van stal haalt. Eerdere varianten daarvan, zoals de Glenn Mills School en de kampementen van Lubbers, waren allesbehalve effectief. De raddraaiers zijn dan enige tijd van de straat, maar de kans neemt toe dat deze onbehandelde delinquenten na terugkeer in de maatschappij opnieuw slachtoffers maken.”

Teeven heeft het in zijn Kamerbrief van 25 juni over een nieuw in te voeren adolescentenstrafrecht. Een aparte benadering van deze groep 15-23 jarigen zou volgens hem de veiligheid aanzienlijk verhogen. Een kleine dertig procent van alle verdachten valt in deze leeftijdsgroep, argumenteert de staatssecretaris.

Oplossing op zoek naar een probleem
Toch leert de praktijk dat de rechter al redelijk flexibel om kan gaan met het toepassen van jeugd- of volwassenenrecht bij verdachten die feitelijk in een andere leeftijdscategorie vallen. De bewindsman citeert zelfs Jeugdstrafrecht in internationaal perspectief (Boom, 2008), een boek van Ido Weijers, de hoogleraar die hem nu bekritiseert.

“Het Nederlands sanctiestelsel voor jeugdigen en volwassenen is een stelsel met flexibele leeftijdsgrenzen bij de overgang van jeugd naar volwassenheid. De bovengrens van het Nederlandse jeugdstrafrecht ligt bij 18 jaar, maar deze grens ligt niet vast. In het Nederlandse systeem kan het gewone strafrecht worden toegepast als de persoonlijkheid van de minderjarige (mits 16 of 17 jaar ten tijde van het plegen van het delict), de ernst van het feit, of de omstandigheden waaronder dit feit is begaan daartoe aanleiding geven.

Andersom kan op jongvolwassenen (tot 21 jaar ten tijde van het plegen van het delict) het jeugdstrafrecht worden toegepast als de persoonlijkheid van de jongvolwassene of de omstandigheden waaronder het feit is begaan daarvoor aanleiding geven. Ook andere Europese landen waaronder België, Frankrijk en Engeland, hanteren net als Nederland een flexibel stelsel.”

Typisch een geval van een oplossing die op zoek is naar een probleem, schreef juridisch redacteur Folkert Jensma zaterdag. Als voorbeeld geeft hij Murat D., de vmbo-leerling die in 2004 conrector Hans van Wieren doodschoot. Zestien was hij destijds. Nu is de zwakbegaafde Murat 23. Hij zit al zeven jaar gevangen in de justitiële jeugdinrichting Teylingereind.

Murat D. is veroordeeld volgens het volwassenenstrafrecht. En zo zijn er meer voorbeelden. “Er is in dit land geen tekort aan strafmogelijkheden voor minderjarigen”, concludeert Jensma. “Dat is er dus ook nooit geweest. De verhoging door Teeven van het strafmaximum voor jeugddetentie is pure symboliek.”