Even geduld nog. Het komt goed

Pim Blokland, het gezicht van de Vrienden van Feyenoord, steekt miljoenen in de noodlijdende club.

Hij is ervan overtuigd dat de club weer gezond wordt.

Zo’n tweehonderd Feyenoord-supporters missen deze ochtend Georginio Wijnaldum op het zonovergoten trainingsveld. De middenvelder is net voor 5 miljoen euro naar PSV vertrokken. Pim Blokland, het gezicht van de Vrienden van Feyenoord, de investeerders van de gevallen voetbalclub uit Rotterdam, spreekt in de Kuip van „een sublieme deal” van technisch directeur Martin van Geel. „We verkopen een voetballer met een contract voor een jaar in eigen land voor een buitenlandse prijs. Sportief is dat jammer, maar hij was niet te houden.”

Blokland (62) nam vorige zomer het initiatief voor de Vrienden van Feyenoord. Ze zijn intussen met twaalf, de grotendeels anonieme groep geldschieters die afgelopen najaar naar buiten trad met een eerste kapitaalinjectie van 17 miljoen euro. Daarmee werd het negatief eigen vermogen van Feyenoord bijna gehalveerd. In ruil voor hun steun kregen de Vrienden aandelen en inspraak. Blokland is al lid van de raad van commissarissen, oud-prof Graeme Rutjes (50) is voorgedragen.

De bekendmaking van een volgende ‘miljoenentranche’ is aanstaande. „We zitten nu al ver over de 20 miljoen euro”, vertelt Blokland met uitzicht op de aanleg van het nieuwe grasveld in de Kuip. „Over niet al te lange tijd denken we naar buiten te kunnen brengen dat we de grens van 30 miljoen euro hebben bereikt. We wachten op een geschikt moment, als Feyenoord weer eens positief nieuws kan gebruiken.”

Blokland komt uit een bakkersfamilie uit Rotterdam-Zuid en kreeg de liefde voor Feyenoord van huis uit mee. Zijn klassieke jeugdherinnering voert langs de imposante Kuip en buitenspeler Coen Moulijn. Blokland was zelf „een niet zo nette” verdediger op amateurniveau, tot een dubbele beenbreuk hem van voetbal weerhield. Feyenoord is hij altijd blijven bezoeken, de laatste dertig jaar als business-seathouder. Blokland verdiende zijn vermogen onder meer met de verkoop van zijn bedrijven in materialen voor het vastzetten van ladingen in vrachtwagens, vliegtuigen en schepen. Ook bezat hij enkele horecagelegenheden. „Ik was vaak in het buitenland, maar gaf mijn secretaresse een overzicht van de competitie- en Europa Cup-wedstrijden van Feyenoord. Daar kwam ik altijd voor terug.”

‘Pim Spanband’, zoals hij in de stad wordt genoemd, stak voor het eerst geld in Feyenoord in het voorjaar van 2007. Hij investeerde voor 750.000 euro in certificaten en talentpools waarmee hij zou meedelen in de opbrengsten van de verkoop van talenten van de voetbalclub. Feyenoord, dat toen al een negatief vermogen van meer dan 20 miljoen euro had, gebruikte een deel van het geld voor de koop van routiniers als Giovanni van Bronckhorst, Roy Makaay en Kevin Hofland. Maar de opzet – de lucratieve Champions League te halen en zo uit de rode cijfers te komen – mislukte. Feyenoord werd ingedeeld in categorie 1 van het licentiesysteem van de KNVB, wat betekent dat voor elke uitgave van meer dan 50.000 euro toestemming nodig is van de voetbalbond.

Blokland schoot Feyenoord de afgelopen – sportieve en financiële – rampjaren meer dan eens te hulp, onder meer bij de transfers van Dani Fernández, Sekou Cissé en Kamohelo Mokotjo. „Dat is puur uit clubliefde”, erkent hij. „Ik kom hier al zo lang en wil alleen maar helpen. Waarom zou ik dat niet doen als ik de mogelijkheid heb? Ik ken geen twijfels, weet voor honderd procent zeker dat het goed komt met deze club. Nog nooit ben ik aan iets begonnen waarvan ik niet zeker wist dat het zou lukken.”

Blokland krijgt in Rotterdam intussen vaak steunbetuigingen van supporters. Hij merkte in november echter ook de keerzijde van zijn bekendheid, toen werd ingebroken in zijn woning in een particulier bewaakte buurt in de deelgemeente Hillegersberg-Schiebroek. „Mijn vrouw zat beneden op de bank terwijl die gasten boven in mijn huis rondliepen. ‘Jij met je klote-Feyenoord’, zei ze. Dat is gelukkig snel weggeëbd; zij is ook supporter. Als ik morgen besluit nog meer miljoenen in Feyenoord te steken, vindt ze dat best.” Zelf kent hij ook geen twijfel. Laconiek: „Ik word door niemand lastig gevallen of bedreigd. Ik heb geen moment het gevoel dat ik niet veilig over straat kan.”

Dat neemt niet weg dat ook Blokland de druk voelt van het boze deel van de achterban, dat zich heeft verzameld in de zogenoemde Varkenoordgroep en het aftreden van enkele bestuurders eist. Financieel directeur Onno Jacobs kondigde vorige maand zijn vertrek aan nadat hem „signalen ter ore [waren] gekomen dat investeringen in Feyenoord uitblijven als gevolg van mijn aanwezigheid”. Blokland: „Vorig seizoen werd ik na de nederlaag tegen De Graafschap geconfronteerd met vijftien jongens die helemaal over de rooie waren. Voetbal is emotie, maar ik heb geleerd die aan de kant te zetten bij zakelijke beslissingen. De club moet contact houden met de achterban, maar supporters kunnen niet het beleid bepalen. Wij zien waarmee deze bestuurders dagelijks bezig zijn en staan achter deze directie en raad van commissarissen.”

Angst is volgens Blokland ook niet de reden dat de meeste Vrienden van Feyenoord hebben gekozen anoniem te blijven. „Bij de investeerders zijn ook bedrijven. Economisch gaat het natuurlijk niet overal even goed. Het is moeilijk uit leggen dat een werkgever twintig man op straat zet, maar wel een miljoen privégeld in een voetbalclub steekt.”

Blokland is niet van plan langer bij Feyenoord te blijven dan nodig. „Zodra de club in staat is ons uit te kopen, verdwijnen we naar de achtergrond. Dat is uiterlijk over een jaartje of vijf, als het aan mij ligt. Maar misschien doet Feyenoord al eerder weer mee om de bovenste plaatsen. Weet je, alles draait om wat er op het veld gebeurt. Zonder resultaten zijn ook de bitterballen koud en de stoeltjes niet schoon.”