De eurocrisis is in een nieuwe fase

De Europese schuldencrisis is erger geworden nu ook Italië, de derde grootste economie van de eurozone, onder vuur ligt. Beurshandelaren zullen gisteren na het sluiten van de Europese beurzen puffend achter hun computers hebben gezeten, na een bijzonder heftige dag.

Eerst kelderden de Europese beurzen. Op het dieptepunt stond de beurs in Milaan 4,6 procent lager. Op het hoogtepunt voor de middag was de rente op staatsobligaties met een looptijd van tien jaar opgelopen tot 6,01 procent. In minder dan twee weken is de rente met een vol procentpunt gestegen. Het land gaf vandaag ook leningen uit met een looptijd van een jaar tegen 3,67 procent rente. Op een soortgelijke lening vorige maand betaalde Italië nog 2,15 procent rente. Het zag er slecht uit.

Maar opeens begonnen de rentes op Italiaanse obligaties te dalen en beurzen te herstellen. ’s Middags stond de beurs van Milaan weer op een winst van ruim 1 procent.

Wat precies achter het herstel zat is nog niet bekend. Het gerucht deed de ronde dat de Europese Centrale Bank had ingegrepen op de obligatiemarkt. Door massaal Italiaanse staatsobligaties te kopen zou de rente dalen. Ook het feit dat de ECB bereid is in te grijpen zou voor vertrouwen zorgen, waardoor andere handelaren ook weer het staatspapier zouden durven kopen. Eerder kocht de ECB Griekse en Portugese obligaties om de rente te drukken en zo tijdelijk rust te creëren. Het vreemde is dat handelaren toen snel wisten dat de ECB erachter zat. Nu blijft het bij geruchten. Een andere theorie is dat grote Chinese fondsen hebben ingegrepen. Zij hebben geld en hebben ook belang bij een stabiel Europa.

De oorspronkelijke paniek omtrent Italië is een combinatie van zorgen over de omvang van de Italiaanse schuld en het uitblijven van een oplossing voor de schuldencrisis die Europese politici al ruim anderhalf jaar verdeelt. Beleggers vinden dat Europese leiders te weinig daadkrachtig hebben opgetreden. Vorig jaar ontvingen Griekenland, Ierland en Portugal noodsteun en werden een tijdelijk en een permanent noodfonds opgericht. Er heerst nog steeds grote onzekerheid over Griekenland. Veel beleggers en economen denken dat het land de gemaakte schulden nooit zal terugbetalen en vinden dat Europese leiders de noodzakelijke beslissing om de schuld deels kwijt te schelden voor zich uit schuiven.

Maandag leidde een acht uur durend beraad van de ministers van de eurozone slechts tot het besluit om hun allerhoogste ambtenaren – thesauriers-generaal – te laten uitzoeken hoe het noodfonds kan worden uitgebreid en meer taken kan krijgen, hoe lagere rentes aan lenende landen kunnen worden doorberekend en hoe terugbetalingstermijnen voor Griekenland, Portugal en Ierland langer kunnen worden uitgesmeerd. Gisteren kwamen de ministers van Financiën opnieuw bijeen in Brussel, nog zonder resultaat toen deze krant naar de drukker ging. Op hetzelfde moment verlaagde kredietbeoordelaar Moody’s de kredietwaardigheid van Ierland naar de ‘junk’-status, waardoor deze nu gelijk is aan die van een ontwikkelingsland. Portugal overkwam vorige week hetzelfde.

Volgens een woordvoerder van Europees president Van Rompuy komt er waarschijnlijk vrijdag een ingelaste top van EU-regeringsleiders, om de escalerende eurocrisis te bespreken.