Alberto Contador staat er het slechtste voor

De Tour gaat morgen het hooggebergte in, met drie etappes in de Pyreneeën. Hoe staan de kanshebbers voor de gele trui er voor? Contador oogt vermoeid, Evans rijdt goed en Gesink kan verrassen.

Stralend nam Alberto Contador gisteren bij de start in Aurillac alle tijd om te poseren naast Marianne Vos, twee dagen eerder nog oppermachtig winnares van de Ronde van Italië voor vrouwen. Was dit de renner over wie de Franse krant L’Equipe dezelfde dag schreef dat hij de Tour de France mogelijk zou verlaten in de Pyreneeën, vanwege een knieblessure? De drievoudig Tourwinnaar zelf lijkt zich nog niet te veel zorgen te maken. „Geweldig bezoek van Marianne Vos vandaag”, twitterde hij gisteravond om tien uur rustig in Spaans en Engels. „Winnares van de Giro en alles wat ze maar wil.”

Morgen gaat het peloton in de 98ste Ronde van Frankrijk eindelijk het hooggebergte in met de eerste van drie zware ritten in de Pyreneeën. Liefst 211 kilometer met ‘Tourdebutant’ La Hourquette d’Ancizan (eerste categorie), Tourmalet (buitencategorie) en aankomst op Luz Ardiden (ook buitencategorie). Alle ogen zijn toch vooral weer gericht op Contador, de nummer zestien van het algemeen klassement, op 4.07 minuut van geletruidrager Thomas Voeckler. Heeft de superieure winnaar van de Ronde van Italië nog genoeg kracht over om zijn vierde Tour te winnen?

Wie hem in de ogen keek na de negende etappe naar Saint-Flour, is geneigd om de vraag te beantwoorden met ‘nee’. Contador, normaal gesproken zelfs na de zwaarste bergrit een toonbeeld van sereniteit, oogde vermoeid. De ogen lagen diep, het gezicht was vuil en bezweet. Knieprobleem, omdat ook hij in die tumultueuze rit was gevallen? „Een knie is belangrijk voor een wielrenner”, zei hij een dag later op de rustdag. Hielp de acupunctuur? „We moeten de komende dagen afwachten hoe het gaat.” En daar poseerde hij weer lachend voor L’Equipe met de jongen die zijn val veroorzaakte in de eerste rit, waardoor hij op de meeste klassementstoppers direct anderhalve minuut verloor.

Slim in de schaduw van Contador staan andere favorieten voor de eindzege er een stuk beter voor. Cadel Evans liet dit voorjaar in de Tirreno al zien dat hij goed had overwinterd en sterker was dan voorgaande jaren. Zodra de weg omhoog liep, reed de nummer twee van 2007 en 2008 vooraan. Hij won de rit op de Mûr-de-Bretagne, staat op 2.29 minuut van Voeckler derde, als eerste van de toppers. Zijn ploeg BMC heeft één doel en rijdt tot nu toe sterk. Maar is Evans (34) killer genoeg om de Tour te winnen?

„Mijn broer Fränk”, antwoordde Andy Schleck op de rustdag gevat, toen hem werd gevraagd wie van zijn opponenten hij het meest vreesde. De nummer twee van vorig jaar toonde zich in de eerste tien dagen van de Tour zelden, verloor een paar seconden op de Mûr-de-Bretagne en fietste verder net als zijn oudere broer zonder tegenslag mee. Leopard-Trek lijkt de sterkste ploeg van het Tourpeloton.

Hoe goed oogt de Deense klimmer Jacob Fuglsang, van wie een shirt met handtekening in de fietsenzaak Los Locos van landgenoot Michael Rasmussen bij het Gardameer hangt. Heeft Andy Schleck dit seizoen nog nergens grote indruk gemaakt? Morgen is het vroeg genoeg.

En Ivan Basso, heeft iemand die al gezien? De Italiaan komt elke dag glimlachend aan de finish. Tegenvallende Touraanloop of niet, de nummer twee van 2005 liet niet voor niets de Giro schieten. Hij zal er staan als het moet.

En Robert Gesink? Sinds zijn wederopstanding in de rit naar Saint-Flour, toen ploeggenoten als Grischa Niermann en Maarten Tjallingii hem in de Tour hielden, lijkt er druk van zijn schouders te vallen. De Rabokopman legde een enorme trainingsbasis voor de Tour. Als zijn blessures na de val van vorige week woensdag niet te veel van zijn lichaam hebben gevergd, is Gesink de komende dagen tot mooie dingen in staat.