Het hoort naar kaas te smaken

Ik heb lang moeten wennen aan het woord cheesecake. En ik moet me altijd ergens overheen zetten voor ik een hap neem van zo’n stuk zoete, kazige taart. Dat heeft simpelweg te maken met de naam. In mijn bekrompen, rechtlijnige wereld hoort een kaastaart naar kaas te smaken en als dat niet zo is komen

Ik heb lang moeten wennen aan het woord cheesecake. En ik moet me altijd ergens overheen zetten voor ik een hap neem van zo’n stuk zoete, kazige taart. Dat heeft simpelweg te maken met de naam. In mijn bekrompen, rechtlijnige wereld hoort een kaastaart naar kaas te smaken en als dat niet zo is komen zowel mijn smaakpapillen als mijn taalcentrum in opstand.

Dat gebeurde ook toen ik een tijd geleden na een vijfgangendiner bij de koffie een bittergarnituur geserveerd kreeg. Het plakje osseworst was gemaakt van versuikerd fruit, de bitterbal was stiekem een cakeje en het blokje kaas was geboetseerd van witte chocola. Ik zag heus wel dat het allemaal met vakmanschap was klaargemaakt, maar eerlijk gezegd kan ik niet goed tegen zoveel gekkigheid op een bordje. Ik ben zo’n tuttebel die het wel prettig vindt als een koekje eruitziet als een koekje.

Goed: kaastaart. Wie fan is van Ready Steady Cook weet dat je de bodem voor zo’n cheesecake in een handomdraai kunt maken door je favoriete biscuits (Bastogne, Digestive, Oreo), fijn te malen in de keukenmachine en te mengen met wat gesmolten boter. Voor een hartige kaastaart (ja, dit is een pleonasme, ik weet het) zou zoiets ook mogelijk moeten zijn. Speurwerk op het net leerde me dat de Britten zo’n niet-zoete onderlaag maken van fijngemalen oatcakes, een soort haverkoeken. Aangezien die hier in Nederland niet te koop zijn, maakte ik zelf een bodem, met wat hulp van een recept voor haverkoeken uit Pane e panini van Ursula Ferrigno.

Verwarm de oven voor op 190 graden. Meng het havermeel met de vlokken, roer het zout en de soda erdoor en doe de gesmolten boter erbij. Meng met een vork, voeg dan een klein beetje heet water toe (het mag niet gaan plakken) en kneed alles door tot een stug deeg. Vet een springvorm van 24 cm doorsnee in met boter, neem het onderste, platte deel en rol daar het deeg op uit. Zet de bodem ongeveer twintig minuten in de oven tot de randjes bruin beginnen te kleuren. Laat hem op een rooster afkoelen. Temper de oventemperatuur tot 150 graden.

Mix in een kom de ricotta met de roomkaas, voeg een voor een de eieren toe en klop tussendoor goed. Doe hier zout en peper bij en het karwijzaad plus de geraspte kaas en mix nogmaals. Klik de bovenkant van de springvorm weer vast aan de bodem, doe het kaasmengsel erin en zet de vorm een uur in de (afgekoelde) oven.

Eet de taart lauwwarm, met wat bittere sla of gegrilde witlof en leg er een lepeltje abrikozenchutney naast – zie het recept van vorige week – want dat is een gouden combinatie.

Cheesecake

Voor de bodem:

125 g havermeel (biowinkel)

een handje havervlokken

el boter

mespunt zout

mespunt dubbelkoolzure soda, ook wel: zuiveringszout (bij elke drogist)

Voor de vulling:

250 g ricotta

100 g roomkaas

200 g geraspte oude kaas

zout en peper

tl karwijzaad

3 eieren