Parijs wil dat rebellen met Tripoli praten

In een verschuiving van haar standpunt heeft de Franse regering dit weekeinde aangedrongen op onderhandelingen tussen Libische rebellen en het regime van de Libische leider Moammar Gaddafi.

Gaddafi moet uiteindelijk weg, zo zei minister van Defensie Gérard Longuet, maar de rebellen hoeven daarop niet te wachten voor ze onderhandelingen beginnen met diens bewind over een politieke oplossing.

Frankrijk was samen met Groot-Brittannië de drijvende kracht achter de luchtbombardementen van de NAVO op regeringsdoelen in Libië onder een mandaat van de VN-Veiligheidsraad om de Libische burgers te beschermen. Na meer dan drie maanden van luchtaanvallen hebben de rebellen wel zekere successen geboekt, maar is een einde aan de oorlog, dat wil zeggen de val van het Libische bewind, nog niet in zicht. In Frankrijk, en in andere deelnemende landen, groeien de frustraties over de duur en de kosten van de missie. Deze heeft al miljarden euro’s gekost.

„We hebben hun gevraagd met elkaar te praten”, zei Longuet gisteren tegen het Franse televisiestation BFM TV, want „er is geen oplossing met geweld”. Hij zei dat de NAVO de bombardementen op regeringsdoelen zal stoppen zodra een dialoog begint en de militairen van beide zijden terug zijn in hun kazernes. Minister van Buitenlandse Zaken Alain Juppé zei tegelijk in Addis Abeba met de Afrikaanse Unie te gaan samenwerken om een „politieke oplossing” voor het conflict te vinden.

De rebellen houden tot dusverre vol dat ze niet willen onderhandelen voor Gaddafi weg is. Ze hadden vandaag nog niet gereageerd op Longuets woorden.

Een van Gaddafi’s zoons, Seif al-Islam Gaddafi, zei in een vandaag verschenenen interview met een Algerijnse krant dat het regime in gesprek is met de Franse regering. Daarop heeft Parijs weer niet gereageerd. (Reuters)