Overleefster Merkel hoopt op derde termijn

De kritiek op bondskanselier Merkel groeit. Halverwege haar tweede termijn heeft ze veel krediet verloren. Maar economisch gaat het goed.

Het grote Duitse nieuws werd afgelopen weekend klein gebracht. De mededeling van Angela Merkel dat ze voor een derde termijn als bondskanselier wil aantreden, legde het in de zondagskranten en op televisie ruim af tegen het onverwachte verlies van het Duitse elftal op het wereldkampioenschap vrouwenvoetbal.

Merkel gaf haar ambities met kenmerkende indirectheid aan. In een gesprek met de tv-zender Sat.1 zei ze: „Ik mag toch hopen dat ik een tegenkandidaat van de SPD krijg bij de komende Bondsdagverkiezingen.” Waarmee voor Duitsland duidelijk was dat Merkel wederom lijsttrekker en kanselierskandidaat voor haar partij, de christen-democratische CDU, wil zijn. Dat had ze nog niet eerder gezegd.

Na de CDU is de SPD de grootste politieke partij van Duitsland. Bij de sociaal-democraten is een discussie begonnen over mogelijke kanselierskandidaten, onder wie wellicht oud-minister van Financiën Peer Steinbrück. Zijn populariteit stijgt. Hij heeft geen regeringsverantwoordelijkheid meer, is schrijver van een politieke bestseller en trekt volle zalen als spreker en criticus van Merkel.

De bondskanselier wordt intussen steeds minder geliefd. Maar ze maakt zich geen zorgen over de toenemende concurrentie en de dalende populariteit. De namen van mogelijke tegenstanders zijn Merkel bekend. „Laten we eerst maar eens afwachten”, zei ze gelaten tegen Sat.1.

Het tweede kabinet-Merkel is halverwege en moet nog ruim 24 maanden regeren. Politieke waarnemers gaan ervan uit dat Merkel de rit uitzit, maar helemaal zeker is dat niet. Ze heeft de Bondsdag de afgelopen maanden geconfronteerd met omstreden maar als „alternatiefloos” gepresenteerd crisisbeleid. Dat heeft kwaad bloed gezet.

Voor het Duitse parlement begint dezer dagen het zomerreces. Menig afgevaardigde zal zich afvragen of het regeringsbeleid inzake de steun aan Griekenland ongewijzigd moet doorgaan. Een ander pijnpunt, de onverwachte maatregel van het kabinet om te stoppen met kernenergie, is zelfs bij partijgenoten van Merkel slecht gevallen. „De bondskanselier heeft aan krediet verloren, en eens moet er worden afgerekend”, zegt een politicoloog en partijonderzoeker in Berlijn desgevraagd. Hij denkt dat na de vakantie vooral de Griekse steun in de Bondsdag wel eens op een „breekpunt voor Merkel” kan uitlopen en dat ze haar beleid op dit punt zal moeten wijzigen.

Een signaal dat Merkels regeringsmachinerie minder soepel draait dan voorheen, kwam eind vorige week uit de Bondsraad, de Duitse senaat. Die wees een wetsvoorstel voor belastingsvereenvoudiging af. Merkels Atomausstieg werd weliswaar goedgekeurd, maar daar staat tegenover dat het Duitse staatshoofd, president Christian Wulff, zijn handtekening nog niet onder dit voorstel wil zetten. Hij wil het nader bestuderen.

Wulff bekritiseert Merkels regering wegens de omgang met kiezers en parlement. „De huidige politiek lijdt aan communicatieve gebreken. Er wordt onvoldoende verklaard wat er wordt gedaan en wat de prioriteiten zijn. Ontwikkelingen buitelen over elkaar heen. Wie in februari in slaap zou zijn gevallen en nu wakker was geworden, zou z’n ogen uitwrijven. Karl-Theodor Zu Guttenberg weg als minister van Defensie, Guido Westerwelle opgestapt als voorzitter van de FDP, een groene premier in Baden-Württemberg, het besluit om te stoppen met kernenergie – de politiek mag niet te hectisch worden.”

Zelfs media die Merkel welgezind zijn, zoals de Frankfurter Allgemeine en Bild, schrijven kritisch over haar ad hoc politiek en de voldongen feiten waarmee ze de Bondsdag confronteert. Weekblad Der Spiegel, geen vriend van Merkel, heeft al vele malen afgerekend met wat de redactie „deze zogenaamde regering” noemt. Die Zeit vroeg zich af hoe het toch komt dat „de regering zo slecht is en het met het land zo goed gaat”. Merkels regering is volgens de krant „de slechtste sinds 1949.”

Angela Merkel is een politieke overleefster. Politiek ziet het er niet zo mooi voor haar uit, maar ze heeft de tijd mee. De Duitse economie draait op volle toeren; de werkloosheid is laag. Daar heeft Merkels vorige kabinet mede de hand in gehad, met een geslaagde aanpak van de recessie na de kredietcrisis. Haar tweede kabinet, nu met de liberalen in plaats van de sociaal-democraten, komt zwak over. Maar voor Merkel tellen de parlementaire meerderheden – en die heeft ze met haar zo bekritiseerde politiek steeds gehaald.

Veel Duitsers kunnen het waarderen dat Merkel open is over haar ambitie om nog een derde keer op te willen. Zijzelf weet vermoedelijk als geen ander hoezeer dit toekomstmuziek is. Als alles goed gaat, is het pas in 2013 aan de orde. En twee jaar is een eeuwigheid in de politiek.