Magisch kijkje in mythische wereld

Over het IJ Festival; Sweet Dreams/ Rampentraining voor stewardessen/Eindland. Inl. overhetij.nl ****/*/****

„Schipper mag ik overvaren, ja of nee?” IJl klinkt de meisjesstem in de avondschemering. Wie Sweet Dreams van Alexandra Broeder bezoekt, maakt zich op voor een overtocht. Maar verwacht geen pleziervaart – deze voorstelling is een kijkje in een andere wereld; een wereld die maar weinigen weer verlaten. Broeder maakte een voorstelling, of eigenlijk een ervaring, die de hele nacht duurt. Publiek arriveert om half elf en vertrekt ’s ochtends om half zeven weer. Theater is het vooral bij aanvang en aan het einde. Tussendoor kan zelfs een beetje worden geslapen.

Broeder creëerde een magische nachtelijke wereld; een overgangsplek tussen de levenden en de doden. Visueel is Sweet Dreams ijzersterk: de mysterieuze, vervallen locatie is al een klein wonder. Kostuums en maskers van de zeven kindacteurs hebben een vaudeville-achtig tintje, in de sfeer van weleer – alsof ze al eeuwen ronddolen. Hoe deze griezelig mooie figuren bij het vallen van de avond op een rij aan de einder verschijnen en er ’s ochtends bij het ontwaken muisstil en onverwacht weer zijn, belicht door een opgaande zon: die momenten zijn adembenemend.

De kinderen zijn onze gidsen. Ze begeleiden ons grotendeels zwijgend, in stille verbazing over onze zelfgekozen komst naar deze plek, waar zij voor altijd jong zijn gebleven. Meewarig, met iets van medelijden bekijken ze ons – zij zijn lichtjaren verder dan wij. Of we bang zijn voor de dood, vragen ze. Wie we het liefste vannacht naast ons bed zouden hebben. En: wat waren mijn plannen voor morgen? Als ik niet verder kom dan: „uitslapen”, staart mijn gids, een droeve jongen, me lang aan, met een onpeilbare blik. Boosheid over mijn naïviteit denk ik erin te zien, jaloezie misschien, op zo’n lichte levensinstelling – alsof ik nog eeuwen de tijd heb. Dat, en een peilloos verdriet. Ik neem me stellig voor vanaf nu van elke dag iets te maken. En op tijd op te staan.

Broeder wil de bezoekers stil laten staan bij hun leven. Met bovenstaande vragen lukt dat goed, maar er zijn tekstflarden (’s nachts, op geluidsband) die ons wel erg in de gewenste richting dwingen. „Laat je leven aan je voorbij trekken. Welke herinneringen dringen zich op?” Het is net iets te nadrukkelijk om goed te werken. Daarbij mis je ’s nachts het theatrale aspect: de ervaring moet dan vooral komen van licht en geluid, en vergeleken bij het voorgaande is dat een tikje teleurstellend. Eén goed doordachte, consequente soundtrack had bovendien beter gewerkt dan het incidentele americana-nummer dat nu klinkt. Maar al met al biedt Broeder een exceptionele ervaring, die het theater ver overstijgt.

De magie van Sweet Dreams staat in schril contrast met Rampentraining voor stewardessen van Golden Palace. Plat en prozaïsch is deze improvisatievoorstelling die, inderdaad, alle voor de hand liggende grappen over stewardessen eindeloos uitwalst. Een noodlandingsoefening die uit de hand loopt is één keer grappig, maar niet vijf keer. En zelfs de veiligheidsinstructies ontbreken niet. Sommige van de twintig (!) actrices mogen met hun verbeten expressie zo nu en dan een lach ontlokken, dat is te weinig om dit stuk te rechtvaardigen.

Nee, dan Eindland van Jibbe Willems in de regie van Roeland Hofman. Dit is de gedroomde locatietheatervoorstelling, die met gebruik van de vervallen industriële omgeving een bizar maar consequent universum schept. Een stinkende, walmende, postapocalyptische wereld treffen we aan; onze beschaving is aan vervuiling ten onder gegaan. Wat van de mens resteert is een primitieve stam, geregeerd door bijgeloof en gevormd naar een kastesysteem.

Twee zussen, actrices Anna Schoen en Lotte Dunselman, zijn belast met de taak van het ruimen van onze rommel, en dat doen ze ploeterend in een dampende poel brak water, giftig groen verlicht. Ze boeren en spuwen en spreken verbasterd archaïsch Nederlands, een wonderlijke mix van Afrikaans, Twents, Brabants en slang. Hoewel de tekst vaak aards, plat en grof is, gaat er een bijna buitenaards soort poëzie vanuit.

Mooi aan Eindland is ook de boodschap. Wat maakt de mens mens? Dunselman hunkert naar kennis. Als onverwachts muziek klinkt, moet ze wel dansen, al begrijpt ze niet wat dat is. En als haar zus sterft, ontstaat als vanzelf een afscheidsritueel. Kennis, kunst en liefde – dat zijn de dingen die ons menselijk maken. Dat is waar de beschaving begint.