In de sferen van thriller, cinema en slapstick

Tanguy Viel: Paris-Brest Vert. door Katrien Vandenberghe. Arbeiderspers, 144 blz. € 17,50 ***

De schrijver Tanguy Viel heeft een liefde voor de film noir. In dat soort films ballen zich de passies samen in een enkel moment dat de rest van een mensenleven bepaalt. Er wordt gesjouwd met koffers met dubieuze inhoud, veel speelt zich af in het donker en naar beweegredenen wordt vaak achteraf gegist.

Precies deze thema’s vind je ook in Viels roman Paris-Brest, waarin een jongeman, opgegroeid in Brest, vanuit zijn woonplaats Parijs naar zijn familie terugkeert. Zijn familiegeschiedenis wordt bepaald door twee fortuinen: het een is verduisterd en de oorzaak van het tijdelijke ballingschap van zijn ouders. Het andere is uit de lucht komen vallen en in de schoot van zijn oma beland. In de koffer van de verteller zit, figuurlijk gesproken, een explosief: het manuscript van zijn familieroman.

Viel gebruikt de technieken van de thriller, de cinema en de slapstick. Hij bouwt spanning op, introduceert elementen waarvan je als lezer begrijpt dat ze mis zullen gaan en geeft zijn verteller voldoende trekken van een naïeve loser mee om de lezer stof tot nadenken en meeleven te bieden.

Bovendien reflecteert Viel op de totstandkoming van de roman die we aan het lezen zijn. ‘En er zijn bepaalde dingen waarover ik het wel zal moeten hebben, omdat ze belangrijk zijn voor het verdere verloop van dit verhaal, dingen die mijn moeder er eigenlijk altijd buiten heeft willen houden en er in zekere zin ook altijd buiten hééft gehouden, als in een gekuiste versie van de geschiedenis, maar zelf ben ik wel verplicht ze op te halen, zelf ben ik verplicht om Kermeur junior als het ware weer centraal op het schaakbord te plaatsen’.

Viels verteller zoekt naar woorden, naar een uitgangspunt, naar de waarheid en die zoektocht bepaalt ook zijn stijl, aarzelend en meanderend. Waarin Viel vooral excelleert is – en in dit opzicht is hij verwant aan die andere grote verteller van familiegeschiedenissen, Jean Rouaud – in het oproepen van een sfeer: een woning aan zee, wind, eenzaamheid, dorpsroddel en broedervriendschap.

Margot Dijkgraaf