Pitcher van de hanen

Eastbound & OutComedy Central, 22.55/23.30 uur

Kenny Powers wil graag bijzonder zijn. Als professioneel werper in het honkbal was hij een grote ster. Maar hij raakte aan lager wal, moest bij zijn broer gaan wonen omdat hij geen geld had voor een eigen huis en nam een baantje als gymleraar bij zijn oude school. Zijn manmoedige pogingen een restje van zijn vroegere status overeind te houden („I’m the man who can throw faster than fuck”) mislukken in deze comedyserie grandioos.

Aan het einde van seizoen één kwam hij tot een verrijkend inzicht. Hij zou net als iedereen worden, wachtend op zijn dood, nergens naar strevend: „Een gewone man, met buitengewoon haar.” En: „De kampioen van het volk, de achterwaartse Apache-Meester, de man met de gouden lul, dokter Pik en Ballen; die Kenny Powers is dood.”

De lol bij de grofbesnaarde Kenny is zijn aanleg voor egomane monologen waarin hij alles wat hij voelt en denkt expliciet benoemd. Zelfs tegen kinderen. Bij het afscheid van zijn neefje zegt hij: „In de computerkamer, in de tweede lade van het kastje waar ik mijn wiet bewaar, onder mijn revolver, daar ligt een stapel porno waar je eelt op je handen van gaat krijgen.”

In het tweede seizoen, dat vanavond start, is Powers gevlucht naar Mexico. Hij is hanenvechter en heeft een lilliputter met hoge stem als beste vriend. ’s Avonds rijdt hij met een stoer gezicht op zijn brommer door de stad.

Het lokale honkbalteam kan wel een versleten veteraan gebruiken. In weer een lange speech geeft hij aan mee te willen doen, op zijn manier: „Samen kunnen we laten zien dat ik de Christus-figuur ben waar ze me in Amerika voor houden.”

En weg is ie, op zijn brommer.

Ron Rijghard