Mark Rutte lacht zijn problemen weg

Hij beledigt soms een eerzame beroepsgroep. „U weet: een consultant pakt je horloge en vertelt je hoe laat het is.” Niet erg premierwaardig.

Of hij maakt een pijnlijk foutje. Over de mislukte evacuatie uit Libië zei hij, vermoedelijk een tikkeltje onnadenkend, dat de fractievoorzitters hier vertrouwelijk over waren ingelicht. Nee dus. Sorry. Excuus. Kan gebeuren.

Met zijn onbevangen stijl komt hij ermee weg. Mark Rutte is de new kid on the block, de verademing na Jan Peter Balkenende. Die blonk niet uit in presentatie en communicatie, Rutte wel.

Dat de liberale premier veel minder dan Balkenende in diens beginjaren een achterliggende visie probeert uit de dragen, kleeft nog niet aan hem. Rutte toont zich een pragmatisch politicus. Met CDA en PVV kan hij bereiken wat hij wil bereiken: een kleinere overheid met gezondere financiën. Forse bezuinigingen zijn aangekondigd. Je zou zeggen: daartegen kan de oppositie scoren. Maar dat lukt niet. Ook stroomt het Malieveld nog niet vol. Er zijn forse demonstraties geweest, maar hij liet zich er niet door van de wijs brengen.

Gevaren zijn er zeker. Rutte heeft vaak oppositiepartijen nodig, bij Europese kwesties bijvoorbeeld. Die zullen proberen het Rutte moeilijker te maken dan tot nu lukte. En intern kunnen irritaties over Wilders’ eigengereide optreden oplopen. Maar voorlopig is Rutte de goedlachse leider van het eerste echte minderheidskabinet, dat stabieler is dan menigeen had gedacht.

„Het is de heer Wilders die de belangen van zijn kiezers en ook van alle kiezers verkwanselt.” (19 mei)

<