Plantsoenen verwilderen

De bezuinigingen zijn overal voelbaar, tot in de kleinste gemeente. Wat zijn daar de gevolgen van, voor bijvoorbeeld de ijsbaan en de kinderboerderij? Vandaag: het groen in Albrandswaard.

‘Dorp tussen stad en groen’. ‘Groene oase in het drukke Rijnmondgebied’. De slogans maken duidelijk hoe Albrandswaard zich wil profileren. De gemeente telt 25.000 inwoners en is een samensmelting van de oude dorpskernen en nieuwbouwwijken, net onder Rotterdam. En die grote stad rukt op. Vanuit het raam zien de Albrandswaarders de haven al liggen. „Hier in Albrandswaard hebben we nog het gevoel dat er ruimte is”, zegt wethouder Mieke van Ginkel (Buurt en Buitenruimte, CDA). „Het groen vormt een tegenwicht tegen de verstedelijking.” Het groen: dan bedoelt Van Ginkel de polders van Het Buijtenland van Rhoon, de Rhoonse Grienden, de dijken rond de dorpskernen Rhoon en Poortugaal, maar ook het groen in de dorpen en buurten zelf.

Het onderhoud van het groen „gaat knellen”, zegt Van Ginkel. Gemeente Albrandswaard maakt de komende jaren weliswaar extra geld vrij voor groenonderhoud, maar er komt ook groen bij: het ‘nieuwe groen’ in drie nieuwbouwwijken in Albrandswaard. Per saldo lijdt wethouder Van Ginkel dus verlies. Albrandswaard moet dit jaar 2 miljoen euro bezuinigen op het hele gemeentebudget, in 2014 zelfs 4 miljoen.

Een rapportcijfer 7 voor groenonderhoud, dat is het streven van Van Ginkel. Maar ze vreest een 5. Plantsoenen die verwilderen, overwoekerende perken, bosstroken met zwerfafval.

Wethouder Van Ginkel neemt deze zomer de voltallige gemeenteraad op sleeptouw, voor „een ronde door de wijken heen”. ‘Kijk’, zal ze dan zeggen tegen de raadsleden, ‘zo ziet het groen in dit plantsoen er uit bij rapportcijfer 7.’ Ze zal zeggen dat het nette plantsoen misschien niet meer houdbaar is, dat er wellicht beter een grasveldje kan liggen. Maaien kost minder dan schoffelen.

De gemeente verzoekt bewoners van Albrandswaard om hulp. Of ze er iets voor voelen het groen in hun straat zelf te onderhouden. „Eerst was er weerstand bij bewoners”, zegt Van Ginkel. „Men zei: we betalen toch belasting?” Die houding verandert. „Bewoners beseffen dat de gemeente het echt moet stellen met een beperkt budget. Het groen ligt voor onze deur, denken ze nu, met z’n allen is het zo gepiept. Zelf het groen onderhouden vindt men niet raar meer.”

Ingmar Vriesema