Belgische crisis verdiept door 'neen' van De Wever

Gevoelens van chaos en zelfs angst heersen in België na de categorische weigering van de N-VA om te onderhandelen over een regering. Weer een bemiddelaar heeft gefaald.

De ernst van de politieke crisis in België was nog nooit zo duidelijk als gisteren. Na een periode van 390 dagen zonder volwaardige regering, en terwijl op de financiële markten bezorgdheid heerst over de Belgische staatsschuld, klonk in Brussel een luid en keihard Vlaams ‘neen’ tegen nieuwe regeringsonderhandelingen.

Bart De Wever, de leider van de Vlaams-nationalistische N-VA, maakte in de woorden van dagblad De Morgen ‘brandhout’ van een nota van formateur Elio Di Rupo, alom beschouwd als een laatste poging om een coalitie te vormen met daarin de twee grootste partijen van België – in Vlaanderen de N-VA en in Wallonië de Parti Socialiste (PS) van Di Rupo.

In deze krant zei Di Rupo woensdag nog dat partijen zijn „serieuze werk” niet zomaar konden afwijzen. Maar De Wever liet in een persconferentie niets heel van Di Rupo’s tekst. Di Rupo had weliswaar, overeenkomstig Vlaamse eisen, voorgesteld de meeste Vlaamse gemeenten in de rand van Brussel af te splitsen van het kiesdistrict Brussel-Halle-Vilvoorde (BHV) en bij Vlaams-Brabant te voegen. Maar, zei De Wever, dat voorstel gaat niet ver genoeg, en ondertussen is de nota voor Nederlandstaligen in Brussel zélf „desastreus”, omdat hun taalrechten worden verzwakt.

De felste bewoordingen reserveerde De Wever voor de sociaal-economische voorstellen van Di Rupo, die vooral de hardwerkende Vlaming zouden treffen. De nota zou een „een tsunami aan belastingverhogingen” betekenen. Vlaanderen zou onevenredig worden belast en „afgestraft” voor eerder gedane saneringen.

Na De Wevers categorische nee (Door De Morgen als ‘njet’ betiteld) heerst onder Vlaamse en Franstalige commentatoren ontgoocheling, verwarring en ook onverholen angst. „7/7/2011 is het 9/11 van België geworden”, schrijft De Standaard-commentator Bart Sturtewagen. „We gaan onbetreden gebied binnen.” „Ceci n’est plus un pays”, is de titel van het commentaar van de Franstalige krant Le Soir – ‘dit is niet langer een land’. „De N-VA heeft de verantwoordelijkheid genomen ons nader bij het einde van dit land te brengen.”

Politici vragen zich vooral af wat de volgende stappen zullen zijn in het eindeloze politieke gemanoeuvreer. Nieuwe verkiezingen na de zomer vormen één optie. Maar de vrees bestaat dat de impasse dan alleen nog maar groter zal worden. „Verkiezingen zullen niet veel oplossen als partijen dan met hetzelfde stemresultaat naar de onderhandelingstafel komen”, zei Wouter Beke, leider van de Vlaamse christendemocratische CD&V. Mogelijk wint de N-VA alleen maar meer stemmen door haar onverzettelijkheid tegenover Di Rupo.

Een tweede mogelijkheid is een regering zonder N-VA. Een meerderheid van partijen – ook van Vlaamse zijde – zei ‘ja’ tegen de nota van Di Rupo als onderhandelingsbasis. Maar CD&V wil niet zonder N-VA regeren, uit angst voor verder populariteitsverlies ten gunste van de Vlaams-nationalisten. Een regering zonder N-VA én zonder CD&V geldt als onrealistisch, omdat het Vlaamse smaldeel dan te klein wordt. Mogelijk geeft koning Albert later vandaag aan formateur Di Rupo de opdracht zijn schijnbaar onmogelijke werk toch voort te zetten.

Een derde optie is voortzetting van de demissionaire regering-Leterme. Het is wettelijk mogelijk de bevoegdheden van deze regering te vergroten, met name om de begroting van volgend jaar voor te bereiden. Een versterkte ‘noodregering’ Leterme zou in elk geval de periode tot de gemeenteraadsverkiezingen van oktober 2012 kunnen overbruggen.

Maar de scenario’s veranderen niets aan een belangrijke reden van de huidige crisis: de populariteit van de N-VA, die de grootste fractie in het Belgische parlement vormt. DeN-VA, zegt politicoloog Carl Devos telefonisch, is een „strijdpartij” en „geen traditionele machtspartij die uit is op Belgische compromissen.” Devos, werkzaam aan de Universiteit van Gent, zegt dat de „beginselvastheid” die zo’n obstakel vormt in onderhandelingen, „door kiezers juist wordt geapprecieerd”.