Saab mag vastgoed verkopen maar hervatting productie pas in augustus

Foto Reuters/Heinz-Peter Bader

De Zweedse regering heeft vandaag autofabrikant Saab goedkeuring verleend voor de verkoop van vastgoed. Niettemin is de hervatting van de productie, die voor volgende week gepland stond, uitgesteld tot 9 augustus, zo maakte het bedrijf bekend.

De Europese Investeringsbank (EIB) gaf eerder deze week al toestemming voor de vastgoeddeal. Met de opbrengst wil Saab-eigenaar Swedish Automobile leveranciers betalen, zodat de fabriek in het Zweedse Trollhättan weer opgestart kan worden. De fabriek ligt, met een kleine tussenpoos, al maanden stil omdat leveranciers weigeren onderdelen te leveren.

Saab verkoopt het vastgoed, waaronder de fabriek, aan een consortium van Zweedse investeerders. Zij betalen 28 miljoen euro voor een belang van 50,1 procent in Saab Automobile Property. Daarna huurt Saab het vastgoed weer terug.

De Chinese autoproducenten Pang Da en Youngman gaan in totaal 245 miljoen euro investeren in Swedish Automobile en krijgen daarmee een meerderheid van het bedrijf in handen. Die deal moet nog goedgekeurd worden door onder meer de Chinese overheid.

De leveranciers krijgen nog veel geld van Saab. Met de recente overeenkomsten, waaronder ook nog een lening van een investeringsfonds op de Bahama’s, en het geld dat deze opleveren, wil Saab de leveranciers betalen. Daarna hoopt Saab met de leveranciers nieuwe afspraken te kunnen maken voor toekomstige leveringen.