'Jury is de weg kwijt'

Naam: Theo Smit

Leeftijd: 60

Tourprestaties: 2 ritzeges (1975)

„Mark Cavendish is de snelste sprinter van zijn generatie. Als hij niet gehinderd wordt, is hij onverslaanbaar. Dat maakt winnen extra moeilijk. De druk op de ploeg is enorm. Dat heeft gevolgen: zijn ploegmaten krijgen geen steun en kunnen niet lang genoeg op kop rijden. Daarom hebben ze hun strategie aangepast. Cavendish laat zijn knechten nu op kop zitten, maar houdt zich een paar posities verder schuil. Zo kan hij anticiperen.

„In mijn tijd stond ik bekend als ‘de katapult’. Dat kwam door mijn manier van sprinten: ik had een ongelofelijke versnelling in de benen, en slingerde me vaak alsof door een katapult weggeschoten over de eindstreep.

„Ik had natuurlijk geen volledige ploeg rond mij zoals Cavendish. Ik kreeg niet zo veel steun van mijn ploegmaats. Ze hielpen me wel eens een bergje over en brachten me daarna terug in het peloton, maar in de sprint moest ik zelf de weg zoeken.

„Er worden dit jaar opvallend veel renners gediskwalificeerd. De wedstrijdjury is echt helemaal de weg kwijt. Het lijken soms wel voetbalscheidsrechters, die voor het minste contact bestraffen. Ze staren zich blind op al die helikopterbeelden en herhalingen. De jury mist voeling met de realiteit. In een sprint moet je jezelf toch kunnen verdedigen? Als je uit het wiel komt, moet je de anderen in de wind proberen zetten. Sprinters manoeuvreren vaak op het randje, maar ze kijken best wel uit. Er gaan echt geen doden vallen. Op deze manier maakt de jury regels die sprinten onmogelijk maken.

„Dat er veel gevallen wordt, is geen toeval. De Tour is momenteel in Bretagne. De wegen zijn er een stuk smaller, dat zorgt natuurlijk voor problemen. Dat is vooral lastig voor de klassementsrijders. Sprinters zijn stuurvaardiger.

„De Tour de France is de grootste wielerwedstrijd ter wereld. Een categorie apart. Ik vind het wel jammer dat alles vandaag zo’n mediaspektakel is. De koers wordt bijna van start tot aankomst in beeld gebracht. Dat neemt veel van de heroïek weg. In mijn tijd kwam de Tour alleen op de radio. De Tour had toen bijna iets mythisch, iets onbereikbaars. Neem nu Addy Engels, die zijn gevallen kopman Tom Boonen probeerde terug te brengen. In mijn tijd zou hij een volksheld geweest zijn. De radiocommentatoren zouden er een ganse dag over gesproken hebben. En nu wordt hij droog in beeld genomen wanneer hij met Boonen over de meet rijdt. Dat is jammer. Die jongen verdient beter.”