De Jager gelooft plots niet meer in 'vrijwillig'

Van de ene op de andere dag wijzigt minister De Jager (CDA) zijn koers in de schuldencrisis. Een nieuwe fase in het woordenspel over een bankroet dat niet zo mag heten.

De bewindsman die klare taal zegt te spreken over de Griekse schulden, is zelf een bron van verwarring. Nog geen drie weken nadat minister Jan Kees de Jager (Financiën, CDA) in Luxemburg instemde met een moeizaam compromis over meer steun aan de Grieken, lijkt hij zijn handen er van af te trekken.

Het gebeurde na een bezoekje in Londen, bij zijn collega George Osborne. In Luxemburg was eerder afgesproken dat banken en pensioenfondsen vrijwillig zouden meedoen met extra noodhulp voor Griekenland.

Zij zouden de looptijd van hun reeds aan Griekenland verstrekte leningen zelf verlengen. Vrijwillig, want bij dwang zou het gevaar bestaan dat dit door kredietautoriteiten als een ‘wanbetaling’ wordt gezien met een onbeheersbare implosie à la Lehman tot gevolg.

Nederlandse banken zouden bereid zijn aan zo’n operatie mee te doen, zei De Jager eerder deze week na overleg met de grootbanken.

Maar in Londen maakte De Jager een opmerkelijke draai: vrijwillig meebetalen is „niet reëel”, zei hij. Banken moeten zo nodig gedwongen een bijdrage leveren, ook als dat door kredietbeoordelaars als een wanbetaling wordt gezien. Dat laatste is volgens de minister „niet zo erg”, want Griekenland heeft voorlopig toch geen toegang tot de kapitaalmarkt.

De Jager gaat met zijn draai dwars in tegen de lijn van de Europese Centrale Bank en het IMF.

Dat beleggers niet in leningen met een krasje mogen beleggen, waardoor bij een technische wanbetaling een verkoopgolf dreigt, lijkt niet mee te spelen. Net zo min als het gevaar dat banken door de accountant gedwongen kunnen worden verlies te nemen op hun obligaties.

Of Griekenland toegang tot de kapitaalmarkt heeft of niet, een technische wanbetaling zal ongetwijfeld tot een gedragswijziging van spelers.

Maar willen banken, verzekeraars en pensioenfondsen wel vrijwillig meebetalen? Welke metaalarbeider zou het waarderen als zijn toch al wankele pensioenfonds extra geld in Griekse obligaties steekt? Achter de schermen bood De Jager de banken sweeteners aan om hen te verleiden. Eigenlijk gaat het om virtuele steun van de private sector – het volk wil ook wat – terwijl de risico’s toch weer bij de overheden terechtkomen.

De vraag is waarom. Wellicht ziet hij in de kritiek op de Amerikaanse kredietbeoordelaar Moody’s, die Portugal afwaardeerde, een kans. Politici lieten de machtige kredietbeoordelaars, die de crisis niet aan zagen komen, jarenlang ongemoeid.

Maar sinds gisteren wordt de bureaus door de Europese Commissie en politici roekeloos handelen verweten door zomaar extra te gaan waarschuwen voor de financiële situatie in Portugal. Ze kunnen toch weten wat voor gevolgen dat heeft? Jawel, maar dat wisten de politici ook.

Ondertussen zal De Jager zijn lijn vasthouden dat Griekenland niet failliet is. Het land heeft slechts een „financieringsgat” en kan niet op de markt lenen. En er gaat ook geen extra geld naar Griekenland. Bij al bestaande leningen zullen de banken slechts de looptijd verlengen, zegt De Jager. Dat je het ook kan zien als nieuwe leningen is slechts een flauwe semantische strijd.

Kredietbeoordelaars: pagina 2

Eerste optreden Lagarde: pagina 22