Volkswagen van Piëch schept een truckreus

Nu Volkswagen truckfabrikant MAN feitelijk heeft ingelijfd, nadert het levenswerk van topman Ferdinand Piëch zijn voltooiing: een autoconcern dat het hele spectrum bestrijkt, van luxe sportwagens tot zware vrachtwagens.

Joost van der Vaart

Voor de machtigste man van de Duitse auto-industrie, Ferdinand Piëch, moet maandag een prettige, misschien wat melancholische dag zijn geweest.

Zijn droom kwam eergisteren uit. Volkswagen kon zich opeens meerderheidsaandeelhouder noemen van het Münchense vrachtwagenconcern MAN. Waarmee Piëchs levenswerk zijn voltooiing nadert: een automobielconcern dat het hele spectrum bestrijkt, van uiterst luxueuze sportwagens tot de zwaarste trucks.

Dat dit wereldimperium – „Piëchs wonderbare universum”, zoals het door jaloerse concurrenten gekscherend wordt genoemd – eindelijk tot stand is gebracht, zou Piëch wel eens weemoedig hebben kunnen stemmen, hoewel hij een onsentimentele man is. Want zijn werk zit erop, het einde is in zicht. Ook naar menselijke maat: Piëch is 74 jaar.

Ferdinand Piëch is zowel voorzitter van de raad van commissarissen van Volkwagen als van MAN, tot eergisteren een zelfstandig en aan de beurs genoteerd concern met een rijke industriële traditie. Piëch, kleinzoon van de Oostenrijks-Duitse auto-ontwerper Ferdinand Porsche, is degene die het feitelijk bij Volkwagen voor het zeggen heeft.

Ruim drie jaar geleden, in de lente van 2008, gaf Piëch in familiekring te kennen dat hij belangstelling had voor MAN. Hij had net Volkswagen aangespoord voor bijna 2,9 miljard euro het aandelenpakket te kopen dat de Zweedse familie Wallenberg had in Scania, een aan de beurs van Stockholm genoteerde onderneming die vrachtwagens, scheepsmotoren en autobussen maakt.

Eigenlijk had MAN Scania willen overnemen, maar de Zuid-Duitse truckmaker trok zich vrijwillig terug toen Volkswagen zich in Zweden meldde. In de Duitse autowereld deed destijds de grap de ronde dat Ferdinand Piëch als president-commissaris van VW tegen zichzelf in zijn hoedanigheid als president-commissaris van MAN had gezegd: „Dit is te groot voor jou. Laat het maar aan mij over.”

Piëch streeft al jaren naar concentratie op de markt voor vrachtwagens. Nu krijgt hij wat hij hebben wil. MAN wordt het elfde merk van het Volkswagenconcern (als Porsche wordt meegerekend). VW bouwt kleine vrachtwagens, Scania maakt de hele zware en MAN de middelzware. Wereldwijd zou VW/Scania/MAN op de zesde plaats van de ranglijst van vrachtwagenmakers komen, overigens nog ruim na de grote Duitse concurrent Daimler.

In Wolfsburg, op het hoofdkantoor van Volkswagen, werd gisteren verheugd gereageerd op het nieuws. „We zijn meer dan tevreden”, zei Martin Winterkorn, de bestuursvoorzitter van Volkswagen. Zijn tevredenheid had een reden. Winterkorn, benoemd door Ferdinand Piëch, heeft voor krap 56 procent van de aandelen MAN ongeveer 3,5 miljard euro betaald; volgens beursanalisten „een koopje”.

Volkswagen had eerder bekendgemaakt dat het 30 procent van de aandelen MAN via de beurs had verworven. Tegelijk kregen de aandeelhouders van MAN het aanbod de resterende stukken voor 95 euro aan VW te verkopen. Die prijs lag op dat moment duidelijk onder de koers van MAN, die richting 100 euro ging.

Volkswagen had zich al verzoend met een belang van 30 à 40 procent, toen de koers van MAN plotseling begon te dalen, richting 92 euro. Daardoor werd het aanbod van Volkswagen alsnog lucratief en verkochten veel aandeelhouders van MAN hun stukken. Maandag kon Volkswagen zich tegen een uiterst schappelijke prijs meerderheidsaandeelhouder van MAN noemen. De vlag in Wolfsburg ging uit. Ferdinand Piëch had weer eens gezegevierd.

De geschiedenis van Volkswagen is nauw verweven met de families Porsche en Piëch. Het bedrijf werd in 1937 gesticht door het nationaal-socialistische Deutsche Arbeitsfront. Een paar jaar daarvoor had dictator Adolf Hitler de Oostenrijks-Duitse ingenieur Ferdinand Porsche opdracht gegeven een auto te ontwerpen die minder moest kosten dan duizend Reichsmark: de Volkswagen.

In 1939 begon de productie. Vanaf 1941 werd de onderneming geleid door Anton Piëch. Na de Tweede Wereldoorlog is de bemoeienis van de Porsche- en Piëchdynastie bij Volkswagen gebleven. Ferdinand Piëch was in de jaren negentig bestuursvoorzitter van Volkswagen. Nu is hij degene die achter de schermen aan de touwtjes trekt.

Frank Biller, financieel analist van de Landesbank Baden-Württemberg, denkt dat Volkswagen voorlopig zal doorgaan met het kopen van aandelen MAN. „Op de lange termijn streeft VW waarschijnlijk naar een belang van rond de 75 procent, om haar zeggenschap zo groot mogelijk te maken. Een koop van alle aandelen acht ik onwaarschijnlijk, omdat dat strategisch niet noodzakelijk is.”

Bij MAN in München heerst opluchting. Dat het concern zijn zelfstandigheid zou verliezen, stond al langer vast. „Volkswagen is een prima partner. De kansen van deze samenwerking zullen we volop benutten”, zegt een woordvoerder. „We gaan met Volkswagen en Scania een nieuwe en offensieve fase in.”

De Machinenfabrik Augsburg-Nürnberg (M.A.N.) heeft een typisch Duits-industriële geschiedenis die teruggaat tot de oprichting van een ijzerertsmijn en hoogoven in het Ruhrgebied, de St. Antony Hütte in 1758. Aan het eind van de negentiende eeuw ontstond daaruit door fusies en overnemingen de alom bekende Gutehoffnungshütte Aktienverein für Bergbau und Hüttenbetrieb.

In het Ruhrgebeid werd het ijzer gewonnen; vijfhonderd kilometer zuidelijker werd het verwerkt. In 1840 stichtte Ludwig Sander de voorloper van MAN in de Zuid-Duitse stad Augsburg, de Sander’sche Machinenfabrik. Min of meer tegelijkertijd werd in Nürnberg de ijzergieterij en machinefabriek Klett & Comp opgericht. Aan het eind van de negentiende eeuw fuseerden beide ondernemingen tot de MAN, dat in de jaren daarna een enorme groei doormaakte en producten leverde die vrijwel iedere Duitser kent.

Het bekendste voorbeeld is de Wuppertaler Schwebebahn, een constructie van geklonken staal waaraan een soort tram hangt die het openbaar vervoer in de stad Wuppertal tot op de dag van vandaag verzorgt. Een innovatief product van MAN in eerste jaren van de vorige eeuw was de stalen rotatiedrukpers, waarmee miljoenen werden verdiend.

Na de Eerste Wereldoorlog kwam de klad erin. De inflatie in de eerste crisisjaren van de Weimarrepubliek bracht MAN aan de rand van de afgrond. In 1921 werd de onderneming voor vrij weinig geld overgenomen door Gutehoffnungshütte.

Pas in de nazitijd, en vooral in de oorlogsjaren, begonnen de zaken weer te lopen. MAN maakte motoren voor onderzeeboten en allerhande zwaar wapentuig. Na de Tweede Wereldoorlog is geleidelijk het nieuwe MAN ontstaan, dat zich uit de mijnbouw en hoogovens heeft teruggetrokken en steeds meer is gaan concentreren op drukpersen, scheepsmotoren en vooral vrachtwagens.

MAN is nu in meerderheid in handen van Volkswagen. Het kan veelzeggend voor de verhoudingen in de Duitse auto-industrie worden genoemd dat vorige week op de aandeelhoudersvergadering van MAN in München – toen van een meerderheid van VW nog geen sprake was – de voltallige raad van bestuur van Volkswagen onder leiding van VW-chef Martin Winterkorn de zaal binnengemarcheerde en ostentatief op de eerste rij plaatsnam. Volkswagen had op dat moment ongeveer eenderde van de MAN-aandelen in handen, maar het leek wel alsof de Wolfsburgers het in München al voor het zeggen hadden. Amper een week later was dat een feit.

Voor Ferdinand Piëch is een droom in vervulling gegaan. De patriarch van de Duitse auto-industrie kan, nu zijn universum is voltooid, eindelijk met pensioen. Hij hoopt dat Scania en MAN de kosten aanzienlijk kunnen drukken door gezamenlijk in te kopen, afdelingen samen te voegen en in nauw overleg modellen te ontwikkelen.

Volkswagen heeft steeds zo gewerkt, met de vele overnames die het concern de laatste decennia heeft gedaan. Maar die interne samenwerking moet wel worden afgedwongen en kan een moeizaam en tijdrovend proces zijn. „Bij VW en Audi [sinds 2000 een dochter van Volkswagen, red.] heeft het jaren geduurd voordat samenwerking en kostenreductie echt een feit waren”, zegt branchedeskundige Frank Schwope van de bank NordLB.

De kans is groot dat Piëch het fusieproces ook de komende jaren nog wil beïnvloeden. Hij is er de man niet naar om op z’n lauweren te rusten.