Steevast buiten adem in 'Adem'

Adem. Regie: Hans Van Nuffel. Met: Stef Aerts, Rik Verheye, Wouter Hendrickx, Ina Geerts, Marie Vinck. In: 5 bioscopen. ***

Stel de vraag ‘hoe wilt u het liefst overlijden?’ en de mensheid valt in twee groepen uiteen. De een wordt liefst kordaat door een trein overreden of sterft in zijn slaap. De ander kwijnt bij voorkeur langer weg om te kunnen reflecteren op het leven.

Langzaam wegkwijnen doen de jonge hoofdrolspelers in Adem: zij lijden aan de erfelijke taaislijmziekte die de longen langzaam dicht plamuurt tot er geen greintje adem meer inkomt. De Vlaamse cineast Hans Van Nuffel, zelf lijdend aan een milde vorm van de ziekte, situeert zijn film in een koel gestileerde ziekenhuiswereld waar deze ‘muco’s’ veel tijd doorbrengen. De broers Tom en Lucas zijn ziek. Tom verzet zich tegen zijn lot en zit vol rancune tegen de ‘witte jassen’ die hem ooit halfnaakt voor een collegezaal zetten als het jochie dat ging sterven. Hij sluit vriendschap met Xavier, die haast krampachtig het uiterste uit zijn leven en longen haalt: hij duikt, rijdt Porsche en doet aan triatlon. Zijn vriendin Anneleen gaat nog verder: zij wil een kind, hoewel de ziekte erfelijk is en het kind wellicht „al wees is voor ‘ie geboren wordt”. Ten slotte is er Milo, in quarantaine met een met name voor muco’s fatale multiresistente TB-bacterie.

Adem gaat over overlevingsmodellen. Positief denken dat aan ontkenning grenst, filosofische berusting en ten slotte Tom, die te bitter en bang is om te leven en lief te hebben. Hij doet alles fout uiteraard: geen film zonder ommekeer. Tom organiseert een medicijnenroof en laat de jeugdbende van zijn gewelddadige maar aanhankelijke maatje Jimmy het hospitaal terroriseren.

Het leven is een ongeneeslijke ziekte: in Adem leert Tom het beste te halen uit zijn beperkte tijd. De plot kent te veel mechanische en inplausibele wendingen: zo blijkt het wel heel simpel een ziekenhuis te beroven. Maar dat wordt goed gemaakt door enthousiast, overtuigend spel en sappige dialogen vol galgenhumor en zelfspot.