Raad van State: nationale politie geen verbetering

Het plan van minister Opstelten (Veiligheid en Justitie, VVD) voor een nationale politie leidt niet tot meer slagvaardigheid. Dat vindt de Raad van State, het belangrijkste adviesorgaan van de regering. Gisteren publiceerde de Raad zijn commentaar op de nieuwe Politiewet.

Opstelten wil een nationaal korps om de bureaucratie bij de politie te verminderen. De huidige 25 korpsen gaan op in een organisatie met tien regiokorpsen. Volgens de Raad van State komen er meer bestuurslagen. Bovendien wordt de politie „sterk hiërarchisch”: de minister bepaalt hoe mensen en middelen worden ingezet. Daarover waren eerder de burgemeesters al kritisch; zij krijgen minder te vertellen over de politie.

Opstelten maakte, ook gisteren bekend wie de beoogde chefs zijn van de nieuwe politieregio’s en de landelijke eenheid. Samen met de al aangestelde vierkoppige nationale leiding gaan zij het korps inrichten.

Onder de elf kwartiermakers zijn drie vrouwen. Miriam Barendse, nu chef in Brabant-Noord, krijgt de leiding in de Flevoland-Utrecht. Liesbeth Huyzer, nu in de korpsleiding van Amsterdam, gaat naar Noord-West-Nederland. Patricia Zorko, plaatsvervangend chef van het Korps Landelijke Politiediensten, wordt hoofd van de landelijke eenheid.

Opvallend is dat de politiecommissarissen die dit jaar in opspraak raakten wegens royale financiële toelages allemaal zijn gepasseerd voor een nieuwe topfunctie bij de politie.

De overige kwartiermakers zijn: Stoffel Heijsman (Oost-Nederland); Oscar Dros (Noord-Nederland), Henk van Essen (Haaglanden), Frank Paauw (Rotterdam Rijnmond), Frans Heeres (Oost-Brabant), Gerry Veldhuis (Limburg) en Hans Vissers (Zeeland-West-Brabant). De komst van Pieter-Jaap Aalbersberg naar Amsterdam was al bekend.

Politievakbond ACP is kritisch. Niet alleen de politiestructuur moet anders, ook de cultuur. „De vraag is in hoeverre deze kwartiermakers in staat zijn die slag te maken”, aldus voorzitter Gerrit van de Kamp.