Kurt Elling: Ik kan een marathon lopen met mijn stem

Weinig jazzvocalisten zingen op zo’n losse, nonchalante manier als de Amerikaan Kurt Elling. “Ik wil mensen blijdschap laten voelen als ik een opgewekt liedje zing.” De male voice in de jazz is dungezaaid. Want hoewel er elke generatie wel iemand opstond die de ontwikkeling van de jazzzang verder bracht, zijn de kerels wereldwijd altijd overschaduwd

Kurt Elling. Foto Concord Jazz

Weinig jazzvocalisten zingen op zo’n losse, nonchalante manier als de Amerikaan Kurt Elling. “Ik wil mensen blijdschap laten voelen als ik een opgewekt liedje zing.”

De male voice in de jazz is dungezaaid. Want hoewel er elke generatie wel iemand opstond die de ontwikkeling van de jazzzang verder bracht, zijn de kerels wereldwijd altijd overschaduwd door zangeressen. Dat is, zegt de Amerikaanse jazzvocalist Kurt Elling (43), omdat de meeste zingende mannen gewoon popster willen worden.

“Als je meisjes wilt versieren ga je geen jazz zingen. Dan pak je een gitaar, ga je zingen en ga je geld verdienen.”

Wie jazz zingt gaat met de billen bloot, aldus Elling.

“Jazz is zonder studiotechniek. Er is niemand die je de noten helpt op te tillen. En het gaat niet over hard zingen. Jazz zing je nooit zomaar en geen optreden is hetzelfde. En het allerlastigste: mensen kunnen precies horen wat je weet en wat je niet weet van muziek.”

Bar weinig jazzvocalisten zingen op de nonchalant-losse manier als Elling

De jazzzang van Kurt Elling (1967, Chicago) is kunst. De bariton komt met zijn buigzame stem langs maar liefst vier octaven, neemt risico’s maar verschiet nooit zijn kruit en geeft een onweerstaanbare invulling aan techniek en voordracht. Bar weinig jazzvocalisten zingen op de nonchalant-losse manier als Elling. Ooit zond hij bij Blue Note een demo en kreeg prompt een platencontract. Met zijn elegante manier van zingen, die hij van vocalisten als Jon Hendricks en Mark Murphy afkeek, heeft hij zich vervolgens, met steeds betere albums een plaatsje veroverd in de top van deze generatie jazzvocalisten. Het leverde hem diverse Grammynominaties op. Elling verzilverde er een voor zijn album Dedicated to You, waarop hij de muziek van saxofonist John Coltrane en zanger Johnny Hartman eerde.

Niet gek voor iemand die betrekkelijk laat in de jazz arriveerde, zegt Elling aan het ontbijt in een Amsterdams hotel. Hij groeide op met zang in de kerk van zijn vader en zong eerst in diverse klassieke koren.

“Ik ben niet in de jazz geboren, ging niet naar het conservatorium. Ik verdiende mijn zangsporen door solo’s uit te pluizen, hard te studeren en te zingen waar ik maar kon.”

Kurt Elling - My Foolish Heart, live op het festival van Montreal

Hij voelde dat hij zich harder moest bewijzen dan de anderen.

“Ach, ik was een blanke man die jazzzanger wilde zijn, maar niet in jazzstad New York woonde. Wie zat op mij te wachten? Maar het zat meer in mijn hoofd dan dat het echt een ding was hoor. Jazzmusici hebben me eigenlijk altijd verwelkomd. Oude gevestigde jazzcats in Chicago als de saxofonisten Von Freeman en Eddie Johnson drukten me tegen de borst en moedigden me aan in kleine clubs: ‘Kom volgende week maar terug jongen’. Ik dank veel aan hen.”

De eredivisie van jazzvocalisten

Met zijn elegante manier van zingen heeft Kurt Elling zich opgewerkt tot de eredivisie jazzvocalisten van nu. Hij brengt een wat intellectueel soort jazz, door bijvoorbeeld solo’s van John Coltrane en Dexter Gordon van op poëzie en literatuur geïnspireerde teksten te voorzien (‘vocalese’). Daarnaast geeft hij een nieuwe dimensie aan het woordeloos improviseren (scatten). Zijn zelf benoemde ranting stijl (tekst improviseren op ter plekke bedachte melodietjes) maakt zijn muziek spannend en bloemrijk.

Zanger Jon Hendricks introduceerde de vocalese-stijl, het nazingen van historische instrumentale jazzsolo’s, een nog steeds in de jazz veelvuldig uitgevoerde kunst. Hij geldt als Ellings grote voorbeeld.

“Hij is mijn tweede vader, de schakel in de originele jazzketting. Hij heeft me leren verhalen vertellen in de muziek. Dat houdt de avond interessant, maakt dat de mensen willen blijven zitten.”

“Veel jonge vocalisten onderschatten de kunst van vocalese”, vervolgt Elling. “Ze denken: dat doen we zo even. Maar het is gewoon heel moeilijk. Van het transcript van de vocalese tot het editen van de tekst en dan het zingen ervan.”

Een promotiefilm voor Kurt Elling’s laatste album, The Gate

Solo’s kiest hij intuïtief. Op zijn meest recente album The Gate (Spotify) interpreteert Elling, net als op zijn vorige plaat Dedicated to you (Spotify), klassiekers in nieuwe arrangementen van Ellings vaste pianist Laurence Hobgood. Het is een wat onsamenhangende pop- en jazzverzameling, maar het levert verrassingen op. ‘Steppin’ Out’ van Joe Jackson krijgt een mahoniekleurige behandeling die fijn swingt. Tearjerker ‘After the Love is Gone’ van Earth, Wind & Fire is in gestripte vorm een invoelende jazzballade. En Lennon en McCartneys ‘Norwegian Wood’ heeft een aantrekkelijk steviger aanpak gekregen met ruimte voor een bluesgitaarsolo.

Met zijn geëngageerde poetrystijl voorziet hij vergeelde nummers van nieuw elan. Elegant verbindt hij de woorden. Soul in jazzvorm kan ook wat geforceerds krijgen. Maar wat Elling ook zingt – zo achteloos, chique en goed – het origineel kruipt toch naar je achterhoofd.

“Ik kan per album aangeven wat ik als vocalist heb geleerd. Het is daarbij ook per album relaxter, mijn bewijsdrang slinkt. Het gaat meer over toelaten wat de muziek nodig heeft, en niet het ego pleasen. Al is dat soms moeilijk loslaten.”

Norwegian Wood, bij Kunststof TV

Muziek kijkt altijd naar de toekomst

Het mooie aan jazz, vervolgt Elling, is dat het avontuurlijk en inventief is. “De muziek kijkt altijd naar de toekomst, maar vergeet het verleden niet. Om die ene melodie te vinden die anderen nog niet kenden, daar doe je het voor.”

En de interactie met musici, blijft indrukwekkend.

“Je stimuleert elkaar in dit creatieve proces. Ook als je de mist in gaat. Want een foutje sluipt er zo in. Even laat je je gedachten gaan of de moeheid bevangt je en ach, daar ga je. Je moet je zo concentreren.”

Laatst nog, grinnikt Elling. Zette hij in een verkeerd ritme in en kwam er niet meer uit. “Ik keek mijn drummer aan, wat ben je ik nou aan het doen? En dan is er dat vangnet dat de blunder opvangt.”

Kurt Elling in gesprek met Radio 6 voor zijn show op North Sea Jazz 2010

Het lijkt zo makkelijk, maar niets is zomaar

Door de jaren heen is Kurt Elling gegroeid op het podium. Hij ontwikkelde een animerende podiumpersoonlijkheid. In zijn altijd wat ruime oude mannenpak en zijn gladde achterovergekamde haren ziet hij eruit als een dandyachtige figuur die zich met grapjes en gimmicks als het imiteren van instrumenten door zijn concert werkt. Het lijkt zo makkelijk, maar niets is zomaar.

“Dat doe ik opzettelijk. Ik wil mensen blijdschap laten voelen als ik een opgewekt liedje zing.” Hij is daarbij scherp op zijn musici. “Ze moeten in staat zijn het vuur op te stoken als ik hen de bal toewerp. Ik wil jongens die echt wat kunnen, die iets op tafel leggen dat ik nooit had kunnen bedenken. Het instrument dat wordt bespeeld maakt me dan niet eens zo uit. Ik selecteer op speler en vurig spel. Als het project omhoog wordt getild ga ik ook weer beter zingen.”

Met grote discipline probeert Elling fit te blijven. Door vijf kilometer per dag te rennen bijvoorbeeld.

“Een avond met publiek vergt veel opoffering. Soms zou ik liever een stad bekijken dan gaan slapen. Maar ik ben het aan de muziek en het publiek verplicht. Ik kan een marathon lopen met mijn stem, maar je moet blijven trainen.”

Luister naar The Gate van Kurt Elling op Spotify