Gluren naar vrouwenenkels

Wereldberoemd is de scène waarin Marilyn Monroe haar opwaaiende jurk in bedwang houdt. Maar wapperende rokken op een ventilatierooster waren al voor Marilyn een filmhit.

Was het opzet dat de jurk opwaaide die Marilyn Monroe droeg in de luchtroosterscène van The Seven Year Itch? Had de regisseur Billy Wilder het zo bedacht? De geschiedenis vermeldt het niet, meent S. Montag onlangs in zijn Overpeinzingen naar aanleiding van de veiling van dit kostuum voor 4,6 miljoen dollar. Maar de geschiedenis valt wel te achterhalen en ze is in haar schoonheid een onbetaalbare stadslegende. Voor zijn beroemd geworden scène heeft Wilder zich laten inspireren door What Happened on Twenty-Third Street, een zogeheten sidewalkfilm uit 1901 van Edward S. Porter, een van de Amerikaanse filmpioniers, die verbonden was aan de firma van Thomas Edison. Op 21 augustus 1901 draaide Porter zijn scène middenin de drukke 23ste straat in New York, niet ver van Madison Square. Een man en een vrouw komen op de camera toelopen. Plotseling waait de jurk van de vrouw, tot genoegen van haar begeleider, omhoog waardoor haar donkere kousen te zien zijn: ze staat op een ventilatierooster van de metro. Het grappige van de scène schuilt in de combinatie van werkelijkheid en fictie. Het tweetal wordt gespeeld door de actrice Florence Georgie en Edison-cameraman Alfred C. Abadie. De nietsvermoedende omstanders, volstrekt niet gewend aan het verschijnsel filmcamera, zien het incident verbijsterd aan.

Ook deze scène heeft een inspiratiebron. In 1901 is op Madison Square, ter hoogte van de 23ste straat op de kruising van Broadway en Fifth Avenue, net een van de eerste wolkenkrabbers opgetrokken: de Fuller Building. In de volksmond wordt het al snel Flatiron Building genoemd, omdat het taps toelopende gebouw op een staand strijkijzer lijkt.

Vooral tijdens de ochtenddrukte treuzelden mannen hier om een glimp op te vangen van vrouwenenkels. De vorm van de wolkenkrabber veroorzaakt namelijk een stevige benedenwaartse trek die de rokken van voorbijgangsters doet opwaaien. Agenten verjagen de voyeurs telkens met de vermaning: ‘Twenty-three skiddoo.’ Ophoepelen (bij de 23ste).

Billy Wilder zal een halve eeuw later net zoiets hebben gedacht. Toen hij de scène op 15 september 1954 ging opnemen op de hoek van Lexington Avenue en de 52ste Straat bleek dat Monroes aanwezigheid (waarschijnlijk bewust) was uitgelekt. Bij elke van de vijftien takes juichten de omstanders als haar rok weer opwaaide.

De actrice uit 1901, Florence Georgie in haar hooggesloten witte japon, kijkt geschrokken. Monroe, gekleed in de simpele ecru halterjurk met geplisseerde rok van haar vaste ontwerper William Travilla, is allesbehalve gegeneerd. Ze gaat expres op het rooster staan. Haar alter ego in de film (ze heeft geen naam, ze heet op de titelrol gewoon The Girl, net als Georgie in 1901) vindt de bries van de ondergrondse ‘delicious’, zoals ze haar tegenspeler Tom Ewell vertelt.

‘Was ze exhibitionistisch?’ wil regisseur Volker Schlöndorff van Billy Wilder weten, als hij hem in 1989 interviewt voor zijn documentaire Billy, how did you do it? Wilder mompelt onduidelijk. Hij denkt aan iets anders: „Ik heb de scène overgedraaid in de studio, maar dan zonder tienduizend toeschouwers.” Daarmee overdreef de keizer van de komedies. Het waren er waarschijnlijk duizend, inclusief persfotografen. De luchtroosterscène in The Seven Year Itch is dus, anders dan die uit 1901, niet van de straat. Monroes recent geveilde jurk is overigens niet uniek. In 1999 werd een ander exemplaar geveild.

What Happened on Twenty-Third Street, New York City, 1901 is op YouTube te bekijken.