Ergste droogte in Afrika sinds 1951

In de Hoorn van Afrika zijn honderdduizenden mensen uit Somalië, Ethiopië en Kenia op drift geraakt door aanhoudende droogte. Internationale organisaties vrezen hongersnood.

De Hoorn van Afrika kampt met de ergste droogte sinds 1951. Op veel plaatsen in de regio vielen de laatste twee regenseizoenen tegen, en daardoor de oogsten. Veehouders zoeken vergeefs water en graasland. Hun dieren sterven.

Woordvoerder Elisabeth Byrs van het coördinerende bureau voor humanitaire zaken van de VN spreekt van „de ergste voedselcrisis” van dit moment. „Negen miljoen mensen hebben acuut noodhulp nodig om te overleven”, zegt ze in een telefoongesprek vanuit Genève.

Het Amerikaanse Famine Early Warning Systems Network brengt in kaart waar het komende half jaar voedselcrises dreigen. Vooral in Somalië, het noorden van Kenia en het zuidoosten van Ethiopië dreigt hongersnood. Maar ook in Oeganda en Djibouti hebben honderdduizenden mensen voedselhulp nodig. Byrs: „Het is onwaarschijnlijk dat de voedselschaarste voor 2012 minder wordt.” Pas over vier maanden wordt nieuwe regen verwacht.

De voedselprijzen schieten omhoog. „In sommige gebieden is de graanprijs ruim tweeënhalf keer hoger dan vorig jaar,” zegt Roberta Russo van de VN-vluchtelingenorganisatie UNHCR. „De mensen in het gebied besteden gemiddeld de helft van hun inkomen aan voedsel. Om honger te voorkomen verkopen ze alles. Ook hun middelen van bestaan.”

De gespannen politieke situatie in de regio vergroot de problemen. Hulporganisaties hebben nauwelijks toegang tot het zuiden en midden van Somalië, waar zo’n anderhalf miljoen mensen ontheemd zijn door geweld. Een half miljoen Somaliërs vluchtte al naar Kenia, Jemen en Ethiopië.

De vluchtelingenkampen bij Dadaab in het noorden van Kenia raken overvol. Er zitten al ruim 380.000 mensen, dagelijks komen er ruim duizend uitgeputte en ondervoede Somaliërs bij. Vorige week vielen bij rellen twee doden en raakten tientallen mensen gewond. UNHCR heeft een derde kamp geopend. Mogelijk komen er nog zeker twee bij.

De VN vragen landen om meer dan een miljard dollar hulp voor de vluchtelingen en lokale bevolking in Kenia en Somalië. Ook andere hulporganisaties roepen mensen op geld voor noodhulp te geven.

Deze hulp biedt geen structurele oplossingen. De inwoners van Oost-Afrika moeten zich aanpassen aan „de nieuwe realiteit van sterk variërende weersomstandigheden” zegt Rod Charters, regionaal coördinator voor noodsituaties van de VN-Voedsel- en Landbouworganisatie FAO.

Hulporganisatie Cordaid moedigde nomaden die vee houden in Kenia en Ethiopië aan om dieren te verkopen toen die nog wat waard waren, en om waterputten te onderhouden. „Maar twee tegenvallende regenseizoen is een te zware klap”, zegt Ton Haverkort van Cordaid. De nomaden proberen nu over grote afstanden naar de weinige overgebleven graaslanden te trekken. Vijandige onderlinge verhoudingen dreigen daar tot conflict te leiden.

De Somalische vluchtelingen zitten kleml. Ze kunnen niet terug naar Somalië omdat dat te onveilig is, zegt UNHCR-medewerker Kisut Gebre Egziabher in Ethiopië. Maar de buurlanden willen niet dat de Somaliërs in hun samenleving integreren.

Veel vluchtelingen in de kampen hebben niets te doen. Kisut: „Wij hadden projecten om hen bezig te houden. Maar daarop moesten we bezuinigen. Nu houden we hen alleen nog in leven.”