Sprinter Farrar nu in hoogste categorie

Tyler Farrar sloot gisteren een zware periode af met een spintzege in de derde etappe van de Tour. Een typisch Amerikaanse renner die precies weet wat hij wil.

The pack passes trough the village of Apremont during the third stage of the Tour de France cycling race over 198 kilometers (123 miles) starting in Olonne sur Mer, Vendee region, and finishing in Redon, Brittany, western France, Monday July 4, 2011. (AP Photo/Christophe Ena) AP

Schitterend gebaar, vlak voor de eindstreep met twee duimen en wijsvingers de letter W maken van zijn in de Giro overleden vriend Wouter Weylandt. De Amerikaan Tyler Farrar ging de massasprint winnen, zijn eerste ritzege in de Tour de France. Of? Trainer Adrie van Diemen hield thuis op de bank in Zoeterwoude de adem in. Wat kwam die Romain Feillu nog dichtbij! „De symboliek is prachtig, maar Tyler maakte het wel een beetje link. Eerst over de streep en dan juichen, zeg ik altijd. Gelukkig kwam het toch goed. En ik begrijp hem wel. Emotie doet veel met een mens.”

Een ritzege in de Tour is al twee jaar het belangrijkste doel van sprinter Farrar (27). Hij klom de afgelopen vier jaar snel op in de rangen van het profpeloton, won niet alleen ritten in de Ronden van Italië (2) en Spanje (3), maar ook klassieke topwedstrijden als de Scheldeprijs en Hamburg (twee keer). Niet voor niets staat zijn naam en beeltenis sinds vorig jaar prominent op de ploegbus van Garmin. Farrar had dan wel de status van een toprenner, toch miste zijn carrière iets. „Ik had al twee jaar het gevoel dat ik snel genoeg was om een rit te winnen in de Tour”, zei hij gisteren na de finish in Redon.

In de Tour van vorig jaar zou hij het grote duel der sprinters aangaan met de snelste man van 2008 en 2009, Mark Cavendish. Tot een polsbreuk in rit twee: weg kansen. Werd dit dan zijn jaar? Begin april smakte Farrar in volle sprint met zestig kilometer per uur tegen het asfalt in de Scheldeprijs. Skin off, maar geen breuken, ontsnapt. Sterk gevoel in de voorjaarsklassiekers. Tot die dramatische dinsdag in de Giro, rit drie. „Zijn vertrouwde verzorger nam hem na de finish apart”, vertelt Van Diemen. „Tyler hoorde van hem wat er met Wouter was gebeurd. Dan valt er verder niet veel te zeggen. Hij was totaal gebroken.”

De generatiegenoten Farrar, afkomstig uit Wenatchee in de staat Washington, en Weylandt kenden elkaar sinds 2007 van gezamenlijke trainingstochten in de omgeving van Gent. „Wouter hielp me toen ik naar Gent verhuisde”, vertelde Farrar op de begrafenis van zijn vriend in de Gentse Sint-Pieterskerk. „Hij nodigde me uit bij zijn vrienden en wees mij de weg.”

Van Diemen: „Tyler is een typische Amerikaan, die al snel zag dat hij naar Europa moest komen om een echt goede wielrenner te worden. Hij hield van de klassiekers. Daarom is hij in Gent terechtgekomen, het mekka van de Vlaamse wielersport. Hij trekt graag op met renners uit die cultuur. Tyler wordt nu gezien als een sprinter, maar is in eerste aanleg een klassiekerrenner.”

In 2008 ging Farrar samenwerken met Van Diemen. „Een beschaafde jongen, die precies wist wat hij wilde”, typeert de voormalig trainer van drievoudig Tourwinnaar Greg Lemond en nu van Garmin-toppers als David Millar, Christian Vandevelde en ook Thomas Dekker. „Hij is bij tijd en wijle een feestvarken. Uitgaan, gezellig. Maar alleen als het kan. Ik vind hem verder een van de meest serieuze profs, zoals hij met zijn vak bezig is. Zelden of nooit te zwaar. In de koers altijd goed tot zeer goed, hij zal nooit zomaar meerijden. En zeer ambitieus.”

Resultaten kwamen snel. „Toen ik hem leerde kennen, was hij nog de klassiekerspecialist. ‘Hoe verdien je je eten als beroepsrenner’, vroeg ik hem. Door koersen te winnen natuurlijk. In klassiekers is dat heel moeilijk, tenzij je Philippe Gilbert heet. Je hebt weinig kansen en de concurrentie is enorm. Tyler was van origine al behoorlijk snel, door iets te verbeteren kon hij volgens mij sprints winnen in rittenkoersen. Daar zijn we aan gaan werken, met specifieke krachttraining vooral. Het eerste jaar eindigde hij twaalf keer als tweede, hij werd er gek van. Maar het tweede jaar won hij dertien koersen. Vanaf dat moment loopt de weg omhoog.”

De dood van Weylandt verstoorde de voorbereiding op de Tour, samen met het WK hoofddoel van dit seizoen. „Tyler stapte af na de vierde etappe, reed 1.600 wedstrijdkilometers minder dan gepland. Tot de begrafenis, op de donderdag de week erna, deed hij helemaal niets. Daarna is hij naar Amerika gegaan om te trainen, vooral achter de scooter van zijn vriendin. Terug in Europa volgde een zwaar blok met wedstrijden in de Dauphiné en de ZLM-Tour.”

Verbetering haalt de eerste Amerikaanse sprintwinnaar in de Tour de France sinds Davis Phinney (in 1986 en 1987) de laatste jaren onder meer uit een verbeterde aerodynamische houding. „Ik ga er niet alles over vertellen”, zegt Van Diemen. „Ons geheim.” Maar het scheelt veel. „Met dergelijke snelheden is de luchtweerstand een cruciale factor. Ook al gaat het om maar 150 meter tot de eindstreep, 65 of 67 kilometer per uur maakt net de anderhalve meter verschil tussen winnen of verliezen. Kijk hoe diep Cavendish of Petacchi in de beugel zitten. Dat moet je kunnen, technisch gezien. Tyler is daar heel goed in geworden.”

Zijn winnende sprint van gisteren was volgens Van Diemen zo machtig, dat aerodynamica nauwelijks een rol speelde. „Hij werd zo prachtig gebracht door David Millar, Thor Hushovd en Julian Dean. Vooral toen Hushovd gas gaf, zag je het lijntje van de sprinters langgerekter worden. Toen waren er al veel kansloos, zoals Cavendish. ‘Ik hoefde het alleen nog af te maken’, zei Tyler.”

Een ritzege in de Tour, precies wat er nog aan ontbrak. „Voor Tyler heel belangrijk op dit moment van zijn carrière”, zegt Van Diemen. „Wanneer ga je als renner naar een nieuw niveau van waarde? Je hebt de categorie tot een ton, tot drie ton, zeven ton en boven het miljoen. Een sprinter die bewijst dat hij in alle drie de grote rondes kan winnen, gaat naar de hoogste categorie.”

Farrar dankte na afloop zijn ploeg en vooral Hushovd, die zelf de in de ploegentijdrit veroverde gele leiderstrui behield. „Een wereldkampioen in de gele trui hoeft natuurlijk niet de sprint aan te trekken voor een ploeggenoot.” Hij ging bewogen in op de zware periode die hij achter de rug heeft. En hij stuurde in alle hectiek snel een sms’je naar zijn trainer in Zoeterwoude. „Thanks Adrie! Unbelievable!”