'Net niet snel genoeg'

Naam: Jacques Hanegraaf

Leeftijd:50

Tourprestaties: Eindwinnaar tussensprintklassement (1984), twee dagen gele trui (1984)

Door Jeroen Zuallaert

„Ik ben niet verbaasd dat Cavendish gisteren niet gewonnen heeft. Farrar werd perfect gelanceerd. Cavendish beweert dat die val op het einde hem hinderde, maar dat zijn excuses. Als Cavendish goed is, zit hij in de laatste bocht bij de eerste drie. Gisteren zat hij te ver.

„Ploegen die volledig in dienst van een sprinter staan, bestonden in mijn tijd nog niet. Ik had wel een of twee hardrijders die me vooraan afzetten, maar een echte trein zoals Cavendish of Farrar hadden wij niet.

„Ik denk niet dat renners vandaag gevaarlijker sprinten. Er werd in mijn tijd ook gevochten voor een plaats vooraan. Elke generatie heeft zijn brokkenpiloten. In mijn tijd had je bijvoorbeeld de Fransman Francis Castaing, die vaak valpartijen veroorzaakte. Het parcours maakt sprinten wel moeilijker. Renners moeten nu in de laatste kilometers nog langs rotondes en vluchtheuvels. Zulke hindernissen hadden wij veel minder.

„Sinds dit jaar is er maar één tussensprint, waar de eerste vijftien renners punten verdienen. Dat is interessant. Het brengt een extra moment van spanning in de etappe. Het dwingt renners keuzes te maken. Die tussensprint wordt vooral interessant in de bergritten. Ik denk dat iemand als Philippe Gilbert met deze nieuwe regel een grote kans maakt, omdat hij ook in de bergritten punten kan pakken. Sean Kelly heeft zo ook vier keer de groene trui gewonnen.

„In 1984 won ik de rode trui van het tussensprintklassement. Elke etappe had toen een drietal tussensprints waar punten en bonificatie te winnen waren. Aanvankelijk sprintte ik mee, om bonificatieseconden te sprokkelen. Zo heb ik twee dagen de gele trui gedragen. Omdat ik daardoor goed stond in het tussensprintklassement, ben ik er nadien vol voor gegaan. Rood halen was zeker geen plan vooraf.

„Als je de Tour echt spannend wil maken, moet je de ploegen inkrimpen. Met minder ploegmaats zit de kopman veel sneller geïsoleerd. Nu kunnen klassementsrijders als Contador en Schleck een vlucht laten rijden en rekenen ze erop dat hun ploeg het gat wel voor hen dicht. Met kleinere ploegen zullen de toppers minder lang kunnen pokeren. Veel ritten zullen minder voorspelbaar zijn.

„Ik was niet superexplosief. Ik moest in de laatste bocht op kop zitten, vol aangaan, en hoopte dan dat ze me niet meer voorbij zouden komen. Ik heb nooit een Touretappe kunnen winnen. Daarvoor was ik net niet snel genoeg.”