Europese aanpak werkt niet tegen gevaarlijk ultrafijnstof

De Europese aanpak om fijnstof met roetfilters en strenge normen terug te dringen, zorgt niet voor een minder schadelijke lucht. Dat blijkt volgens de Volkskrant uit eerste metingen langs de N302 in Gelderland. De metingen zijn uitgevoerd door het onafhankelijke geluids- en fijnstofmeetinstituut Geluidsnet en adviesbureau DGMR.

Door de Europese aanpak zouden er weliswaar minder grovere fijnstofdeeltjes zijn, maar die deeltjes zijn relatief onschuldig. Het zogenoemde ultrafijnstof, dat wel schadelijk is, dwarrelt volgens de onderzoekers nog altijd in gevaarlijke hoeveelheden rond. Bij de normen wordt echter geen onderscheid tussen deze deeltjes gemaakt. De roetfilters die nu op last van de Europese Commissie massaal worden gebruikt, filteren de ultrafijne deeltjes niet uit de uitlaatgassen.

Onderzoeker Arnaud Kok van DGMR vergelijkt de grove deeltjes met bowlingballen en de kleinere deeltjes met knikkers.

“De knikkers zijn slecht voor je gezondheid, maar om aan de Europese norm te voldoen wordt het gewicht van de knikkers en de bowlingballen bij elkaar opgeteld.” - Arnoud Kok

Daarom is het volgens hem verleidelijker om de ‘bowlingballen’ uit de lucht te filteren. Dit alles betekent dat meer verkeer ook meer gevaarlijk fijnstof betekent. Het stoppen met het bouwen van nieuwe wegen is volgens de onderzoeker echter geen oplossing.

“Files leiden tot een hogere uitstoot van fijnstof dan verkeer dat kan doorrijden.” - Arnaud Kok

Hij vindt dat de normen moeten worden aangepast. Die zouden nog zijn gebaseerd op meetapparatuur die geen onderscheid kan maken tussen fijnstof en ultrafijnstof. Nu dat onderscheid wel kan worden gemaakt, moet de norm volgens hem daarop worden afgesteld.