Kaartverkoop theaters daalt door btw

Vier premières bij De Nederlandse Opera, een bescheiden vijfde rang: vorig jaar kostte dat 140 euro, dit jaar 240 euro. Daaraan merken bezoekers dat de podiumsector de btw-verhoging van 13 procent die vrijdag inging, doorberekent. Op verschillende manieren: soms komt er relatief weinig bovenop de oude toegangsprijs, soms juist veel meer. Worden nu ook minder kaarten verkocht? Hoofd marketing Marc Chahin van DNO stelt vast dat de kaarten voor opera Jevgeni Onegin, die in juni nog voor het lage btw-tarief werden verkocht, sneller op waren. Voor de voorstellingen in juli betalen toeschouwers gemiddeld 13 procent meer. „En het duurde langer dan gebruikelijk voor de verkoop voor juli op gang kwam.”

Schouwburgen buiten de grote steden merken voor het volgend seizoen al verschil in de voorverkoop. Directeur Jaap Lampe, van de schouwburg in Haarlem, ziet in vergelijking met vorig jaar „bijna 5 procent” verlaging. Die doet zich wel uitsluitend voor in het amusementsgenre.

Directeur Marc van Kaam van theater Castellum in Alphen aan den Rijn constateert dat de kaartverkoop 8 procent achterloopt op vorig jaar. De btw-verhoging is daar doorberekend voor de eerste en tweede rang. Er is een derde rang in het leven geroepen, met kaarten voor de helft van de prijs. „We willen dat ook bezoekers met een kleinere beurs nog kunnen komen.”

Het Chassé Theater in Breda verkocht 1400 kaarten minder dan vorig jaar in deze periode. De gemiddelde prijs voor een kaartje steeg van 22 naar 25 euro. „ Maar je kunt een rijtje opschuiven”, zegt directeur Cees Langeveld. „En voor elke voorstelling zijn er ook plaatsen van tien euro.” De teruggang is volgens Langeveld vooral te verklaren door maatregelen waarmee het theater op verwachte lagere bezoekersaantallen inspeelt . „Wij hebben zeventig voorstellingen minder geboekt en een aantal naar de kleine zaal verschoven.” Directeur Hans Onno van den Berg van de Vereniging van Schouwburgen en Concertgebouwdirecties (VSCD) signaleert dat meer schouwburgen minder programmeren. Hij schat dat 10 tot 20 procent minder voorstellingen zijn geboekt. „Zorgelijk”, noemt hij die trend. Schouwburgen proberen met vroegboekkortingen en prijsdifferentiatie de teruglopende kaartverkoop tegen te gaan. Zo verkoopt De Nederlandse Opera ook vier premières op de 5e rang voor slechts 175 euro – van minder bekende opera’s, zoals De legende van de onzichtbare stad Kitesj en het meisje Fevronja van Nicolai Rimski-Korsakov.