'Ik wil werken aan een betere wereld'

Carolina Klüft heerste zeven jaar lang op de meerkamp. Blessures dwongen haar tot een afscheid. Sindsdien is ze een redelijke verspringster. Maar vanaf volgend jaar wijdt ze zich aan de wereldvrede.

Vier jaar terug was een groot Japans specialiteitenrestaurant in Osaka bijna te klein voor een persconferentie van Carolina Klüft. De wereldkampioenschappen stonden op het punt van beginnen en de wereldpers had zich verzameld rond dé ster van de atletiek. Afgelopen vrijdag, in de kantine van atletiekclub De Keien in Uden, schoof de Zweedse atlete gezellig aan bij drie verslaggevers om maar weer eens wat vragen te beantwoorden. De entourage was veranderd, Klüft niet. Zij is nog even open en spontaan als destijds in Osaka, waar de blondine haar periode van dominantie op de zevenkamp afsloot met de derde wereldtitel op rij.

De meerkamp heeft Klüft fysiek gesloopt. Een ook mentaal had ze haar limiet bereikt, vertelt de 28-jarige Zweedse, die zich vanaf 2007 heeft toegelegd op het verspringen en de 4x100 meter estafette. Het verwart enigszins de grootste zevenkampster uit de geschiedenis in de marge van een internationaal toernooi te zien verspringen. Maar Klüft won zaterdag wel, met een sprong van 6,44 meter, net voor het Nederlandse talent Dafne Schippers (6,32 meter). Haar nieuwe status is wennen voor een atlete die vanaf haar juniorentijd op de zevenkamp alle titeltoernooien won waaraan ze deelnam. Het leverde Klüft een indrukwekkende erelijst op, met als uitschieter de olympische titel in 2004 bij de Spelen in Athene.

Wat brengt je naar een kleine wedstrijd in Nederland?

„Een kwalificatiepoging met de Zweedse estafetteploeg voor de WK in Daegu. Daarnaast kan ik het combineren met verspringen. Als gevolg van een blessure kom ik niet bij alle grote meetings binnen. En dan zijn kleine wedstrijden een mooi alternatief. ”

Heb je heimwee naar de meerkamp?

„Nee, ik was aan iets nieuws toe. Ik ben blij dat het voorbij is. Een terugkeer is onmogelijk, omdat ik door rugproblemen niet meer kan hoogspringen. Hoewel de meerkamp een aanslag op mijn lichaam is geweest, was het elke seconde waard.”

Wat zou de Nederlandse juniorenwereldkampioen op de zevenkamp, Dafne Schippers, adviseren?

„Ik zal nooit ongevraagd adviezen geven. En ik dring me evenmin op. Ze is een intelligent meisje met goede begeleiders die mijn raadgevingen niet nodig heeft.”

Hoe blijf je gemotiveerd zonder internationaal om de prijzen te strijden?

„Het plezier in de sport, met vrienden optrekken, mezelf blijven uitdagen en limieten breken. Ik heb me nooit laten inspireren door medailles. Mij wordt vaak gevraagd hoe het is om niet langer de ster te zijn. Maar ik voel geen verschil. De media hebben mijn status bepaald. Voor mij is aandacht niet belangrijk. Dat ik minder in de belangstelling sta, vind ik wel zo prettig. Het grootste verschil is dat ik minder gemakkelijk tot grote wedstrijden wordt toegelaten. En zo hoort het ook. Ik verdien geen voorkeursbehandeling op grond van mijn status als meerkampster.”

Klopt het dat je volgend jaar na de Olympische Spelen in Londen stopt?

„Ja, in dat seizoen, niet onmiddellijk na de Spelen. Ik heb me altijd voorgenomen in deze fase van mijn leven te stoppen. Maar na ‘Peking’ wilde ik nog graag een keer de Olympische Spelen meemaken. Aan alles komt een eind. Ik vind het geen big deal wat anders in het leven te doen.”

Stoppen voor je dertigste, is dat niet wat vroeg?

„Het gaat niet om getallen, maar om motivatie en inspiratie. Ik neem vanaf mijn negentiende deel aan grote wedstrijden. Mijn boek is jarenlang vol geschreven met sport. Het wordt tijd voor een nieuw hoofdstuk.”

En hoe ziet dat hoofdstuk er uit?

„Ik heb dromen, maar ik maak nog geen grote plannen. In zekere zin kijk ik er naar uit, maar ik wil nog niet sterk naar het einde verlagen. Ik wil niet weten hoe het voelt, want dan kan ik beter onmiddellijk stoppen. Maar ik zal eerst een jaar rust nemen en nadenken over mijn toekomst. Maar ik keer niet terug in de sport, dat staat vast. Ik vind het leuk om te trainen, niet om training te geven. Nee, ik zal evenmin tv-commentator worden. Ik wil iets totaal anders doen, weg uit de publiciteit.”

Je hebt jouw naam verbonden aan sociale projecten in de derde wereld. Zou daar een toekomst kunnen liggen?

„Wellicht. Ik ben nu niet zelf betrokken bij de projecten, maar verbind mijn naam er aan. Dat doe ik om ze een push te geven. Maar die hulp komt uit mezelf en heeft niet met mijn sportcarrière te maken. Ik ben zeer geïnteresseerd in internationale politiek. Ik onderhoud al vanaf mijn vijftiende een Foster Parents-kind. Voor mij zijn internationale relaties belangrijk, omdat ik wil bijdragen aan een betere wereld. Ik ben zeer geïnteresseerd in de klimaatveranderingen. Goed mogelijk dat ik daarmee wat ga doen. Ik ben nu al VN-ambassadeur van de Association of Freedom, wat ik erg leuk vind. Het geeft me veel nieuwe kennis en ervaring.”

Is het denkbaar dat we je terugzien in de politiek?

„Ja, dat zou goed kunnen. Welke richting? Links, zeker niet rechts.”

Heeft jouw beroemdheid jou beïnvloed als atleet?

„Ik zou het niet weten. Ik wil altijd mezelf blijven. Maar je leeft altijd in een frame. Als er iets is waarnaar ik uitkijk is het om dat frame weg te halen. Natuurlijk, in een nieuw leven krijg je een nieuw frame. Maar ik wil eerst dat gevoel van totale vrijheid beleven. Heerlijk lijkt me dat.”

Gregory Sedoc is geschorst na drie gemiste dopingtesten. Wat vind je van de whereabouts, de verplichting om de verblijfplaats op te geven?

Er volgt een diepe zucht. „Natuurlijk zijn de whereabouts nodig, ook al is dat een schande. Nee, ik vind het geen vergaande inbreuk op de privacy. Zo lang er bedriegers onder ons zijn, moeten we het probleem hard aanpakken. Soms moeten we moeilijke stappen nemen voor het grote doel. Maar soms denk ik wel: waarom wordt voor het vinden van sporters voor vliegende controles geen gps gebruikt. Bijna elke mobiele telefoon is daarmee tegenwoordig uitgerust. Zo ben je altijd te traceren. Het systeem van whereabouts is zwaar, vooral als je zoals ik in twee steden traint. Maar als we een schone sport willen en de bedriegers willen verwijderen, hebben we geen keus.”

Maar is een schone sport geen illusie?

„Ik moet geloven dat het mogelijk is. Want wat is het alternatief? Doping vrijgeven? Ik vind het mijn plicht mee te werken aan een schone sport, zelfs als het een illusie is.”