Oude literaire thrillers, nieuwe schrijvers

Welke boeken passen het best in de vakantiekoffer? Deze zomer elke week een keuze uit de goedkope edities. Arjen Fortuin kiest uit het aanbod aan Nederlandse romans.

De meeste uitgevers sturen ons op vakantie met de bestsellers van de afgelopen twee jaar getuige de midprice-uitgaven van Het diner en Mama Tandoori. Athenaeum – Polak & Van Gennep gelooft nog in Bildung in de zomermaanden en herdrukte Louis Couperus’ onsterfelijke Van oude mensen, de dingen die voorbijgaan (Athenaeum – Polak & Van Gennep, 250 blz. € 11,95). De persberichten hebben het over een ‘literaire thriller’: het verhaal van mevrouw Dercksz (97) die nog dagelijks bezoek krijgt van haar minnaar, meneer Takma (93). Zestig jaar eerder hebben zij in Indië samen haar man omgebracht: „Geef hem een por: liever hij dan jij...’’ Couperus laat hun geheim prachtig borrelen onder de oppervlakte van de oudemensenlevens – en uiteindelijk zijn de ontwikkelingen niet meer te stoppen als óók familieleden uit de volgende generatie voor elkaar vallen, willen trouwen en er zo achter dreigen te komen dat ze neef en nicht zijn: „Zij erven ons verleden. Zij erven die Angst...Zij erven onze zonde. Zij erven de straf voor wat wij gedaan hebben.’’

Ook in het nog geen jaar oude De Nederlandse maagd van Marente de Moor (Querido, 297 blz. € 12,50) speelt het verleden een sturende rol, merkt de hoofdpersoon, Janna. Zij is een schermster die anno 1936, het jaar van de Olympische Spelen in Berlijn, in de leer gaat bij een oude Duitse vriend van haar vader. Deze Egon von Bötticher is in de Grote Oorlog door de mangel gehaald. Dubbelgangers buitelen over elkaar als in De donkere kamer van Damokles (de moeder van alle literaire thrillers, geen midprice, maar gewoon te koop voor € 18,90), terwijl de volgende wereldoorlog zijn schaduw alweer vooruit werpt.

Meer over creatie en eenvormigheid in De engelenmaker, de zinderende roman die Stefan Brijs een van de voormannen van de succesvolle generatie Vlaamse schrijvers van de laatste jaren maakt. De roman begint als een dorpsvertelling over een Vlaamse dokter (Victor Hoppe) die alleen een identieke drieling grootbrengt – zonder moeder. Gaandeweg ontwikkelt het boek zich tot een roman over goed, kwaad en wetenschap die je halve morele huishouding overhoop haalt. Brijs doet dat aan de hand van een pijnlijk eenvoudige vraag: kun je gek worden zonder irrationeel te worden? Hij laat zien hoe zijn hoofdpersoon aan het eind van de roman knettergek is (en het dorp trouwens ook) en dat zijn gekte ook gevaarlijk is, maar zijn gedachten en daden nergens irrationeel. Het boek verscheen in vakantievriendelijk formaat, de Dwarsligger: daarom passen de 711 bladzijden in een broekzak (€ 12,50).

Even actueel en geëngageerd is Dover, de tweede roman van Gustaaf Peek (1975). Dover (Rainbow, 220 blz. € 10) begint in een container waarin een groep Chinezen zich naar Engeland wil laten smokkelen. „We hebben het niet gehaald’’, opent het eerste hoofdstuk, dat al bijna klassiek is: „We vervingen een lading tomaten. De man telde ons en gaf aan dat het zou passen. We twijfelden, morden. We kregen vuilniszakken bij het instappen.’’ Dover, wel indrukwekkend, niet vrolijk, vertelt de verhalen van de mensen die de tomaten ‘vervingen’. De een wil gezien worden, de ander is bang om ontdekt te worden. De door de wol geverfde restauranthouder ziet alles ruim van tevoren: „Mr. Chow begreep de gouden gloed van verandering, herkende mensen die de schittering ervan niet konden weerstaan.”

Bij de vakantiekoopjes komt dan nog de must read van iedere fietser in de eerste week van juli: De renner, van Tim Krabbé (Prometheus, 157 blz. € 12,50). Lang voor iedereen literair ging doen over wielrennen, schreef Krabbé zijn korte roman over een wielerwedstrijd. Mooi om zijn anekdotes over de loutering van echte profrenners (Bernard Hinault reed als een wielrenner het ravijn in, maar kwam als vedette weer boven), maar vooral door het zelfonderzoek van de wielrenner, die zichzelf elke wedstrijd weer verrast door véél te vroeg – en vruchteloos – te demarreren. Spannender dan de meeste Touretappes, literair interessanter dan het gros van de ernstkunstenaars.

Arjen Fortuin