Nieuwe idealen zijn geboden - niet alleen voor CDA en PvdA

In de laatste dagen van het parlementaire jaar doet de Tweede Kamer denken aan de consument die tien minuten gratis winkelen heeft gewonnen. Ieder Kamerlid duwt nog een motie in het karretje om zijn favoriete achterstandsgroep te redden, liefst vóór de zomer. Echte volksvertegenwoordiging. Ontroerend en even verstandig als in één ruk naar Zuid-Spanje rijden.

In die eindroes kan het gebeuren dat een paar Tweede Kamerleden in een tussendoortje de minister van Volksgezondheid groen licht geven voor het elektronisch patiëntendossier. Inderdaad, het EPD waar de Eerste Kamer 5 april wegens fundamentele privacy- en andere bezwaren een eind aan maakte. Nu wordt het ‘privaat’, nog steeds met overheidssubsidie, verder ontwikkeld. Met dezelfde systeemgebreken.

Dit soort vakantietrucs zijn niet goed voor het parlement. De wil van de Tweede Kamer is bijna per definitie democratisch, maar de minister en de technocratische epd-lobby laten doorknutselen zo kort nadat een principieel onderzoek en debat in de senaat heeft geleid tot afwijzing van het project in de huidige opzet, versterkt het beeld van een Tweede Kamer die liefst wil meebesturen.

Op meer bezonken momenten is ook de politiek voornaamste Kamer zich daarvan bewust. De Tweede Kamer ging de afgelopen jaren via de Parlementaire Zelfreflectie bij zichzelf te biecht en nam zich voor minder opgewonden en effectbelust te werk te gaan. De term ‘spoeddebat’ werd afgeschaft.

Dankzij de komst van een gedoogd minderheidskabinet werd menig debat spannender. Maar ook in die ogenschijnlijk aantrekkelijke omstandigheden lukt het de oppositie nog niet om groots weerwerk te leveren. Deels omdat men het bezuinigingsdoel van 18 miljard eigenlijk wel onderschrijft en alleen wat afdingt op de manier waarop (PvdA en D66), deels omdat men de doelstelling afkeurt maar geen voldragen alternatief over het voetlicht krijgt (SP). De coalitiepartijen hebben sowieso geen tijd voor vergezichten: nog een eind rijden naar 18 miljard.

Het door velen gevoelde gebrek aan richting en diepgang wordt voorlopig niet in het parlement opgeheven. Het zijn vooral de wetenschappelijke bureaus van PvdA en CDA die achter de schermen het drukst bezig zijn nieuwe ideeën te verzamelen. Geen wonder, die twee pijlers van het oude politieke bestel zitten in een langdurige neerwaartse curve. Hun bestaansrecht staat op het spel.

Het CDA koos onder aanvoering van Maxime Verhagen voor meeregeren ondanks een afstraffing bij de verkiezingen van 2010. Het traumatische congres van Arnhem legde bloot dat eenderde samenwerken met de PVV afwijst.

Verhagen, die zich nog steeds geen partijleider durft te noemen, probeerde beide vleugels deze week te bedienen op een CDA-symposium over ‘populisme in de polder’. We moeten begrip tonen voor het onbehagen van de mondialiseringsverliezers, zei hij.

En begrip voor christen-democraten die de oplossing niet zien in het sluiten van de grenzen.

Wat dan wel? Verhagens antwoord was: de christen-democratie moet vertrouwen op ‘eigen waarden’, zoals het subsidiariteitsbeginsel (wat hier kan worden geregeld hoeft niet verder weg te worden beslist), liever bouwen op maatschappelijke instituties dan op vennootschappen. CDA-politici onderscheiden zich door ‘afstandelijke nabijheid’. Het was niet nieuw, wel vriendelijk en voorzichtig, maar het miste de wervingskracht van iemand die een politieke beweging wil leiden.

Ab Klink, de oud-minister die tijdens de formatie de samenwerking met de PVV afwees, hield – ook deze week – een diepergravende toespraak over immigratie. Zijn Anton de Kom-lezing kwam na stevig zielsonderzoek uit op een pleidooi voor omarming van ‘de ander’. Europa ontkomt er niet aan en kan het dan maar beter van harte doen.

Terwijl het CDA-instituut in maart een rapport over de uitgangspunten publiceerde dat ‘Waardevast’ heette, lanceerde de Wiardi Beckmanstichting van de PvdA deze week een project ‘Van Waarde’. „Wat is van waarde en hoe krijgen we daar weer wat over te zeggen?’, vraagt WBS-directeur Monika Sie Dhian Ho zich af. In vijf afleveringen wil zij ‘bestaanszekerheid’, ‘overdracht en ontplooiing’, ‘arbeid’, ‘binding’ (waaronder immigratie en burgerschap) en ‘levensloop’ fundamenteel laten onderzoeken.

De PvdA heeft de factor arbeid grotendeels naar de SP en de PVV zien vertrekken en kan niet teruggrijpen op oude formules uit de strijd voor emancipatie van de werknemer. Daarom is deze aanpak een moedige poging de kansen van een alternatieve roeping voor de sociaal-democratie te verkennen. Dat is extra nodig omdat het kabinet-Rutte met succes planeert op een anti-links sentiment.

De geharnaste 18 miljard-bezuiniging geeft kansen op allerlei terreinen af te rekenen met de schim van het kabinet-Den Uyl. Weg met de grachtengordelroos in omroep en kunst, ruimtelijke ordening, onderwijs en ontwikkelingshulp. Het kabinet-Den Uyl praatte wel veel en rood, maar het baarde weinig linkse monumenten. Met de halfopen Oosterscheldedam was het een doodgewoon Nederlands Hedwige-kabinet.

Des te onthullender dat het kabinet-Rutte meesurft met het ‘anti-elite’- en ‘sluit de wereld’-instinct van de PVV. Ook de VVD zal er niet aan ontkomen weer een liberale visie te ontwerpen. Op de staat, op duurzaamheid en defensie, op de Europese werkelijkheid, op ons aller wens gezond oud te worden. De Republikeinse justitiekliekjes zijn straks op. Het huishoudboekje op orde brengen is mooi. Maar idealen komen vóór begrotingsdoelstellingen.

marc chavannes

Mail naar: opklaringen@nrc.nl