'Ik was het zoenoffer voor Wilders'

Raadsheer Tom Schalken gaf opdracht tot de vervolging van Geert Wilders. Door een etentje met een getuige belandde de rechter zelf ook in de beklaagdenbank. Voor het eerst reageert de magistraat op alle verwikkelingen. ‘Ik heb geen griezelige dingen gedaan.’

Het zijn turbulente tijden geweest. Toch is raadsheer Tom Schalken (67 jaar) zijn gevoel voor humor niet verloren. „Ik wil nu wel eens mijn kant van het verhaal vertellen. Zonder huilie-huilie te doen”, zegt hij aan de telefoon.

Dat was vorige week, de ochtend nadat de Amsterdamse rechtbank Geert Wilders had vrijgesproken van haatzaaien en discriminatie. De magistraat zocht alleen nog naar een goed moment. „Nou is er een PVV-feestje gaande dat niemand moet verstoren.”

Een week later acht Schalken de tijd gekomen om zijn kijk te geven op „de affaire die duizelingwekkende proporties” kreeg. „Ik ben sinds de beschikking tot vervolging van Wilders in 2009 met name door de Amsterdamse rechtbank op een schandalige manier behandeld en dat wil ik na lang zwijgen eindelijk duidelijk maken.”

Op een ongewoon zwoele zomerochtend zit Schalken klaar in zijn woning in een welvarend dorp in de Randstad waarvan op zijn verzoek „om veiligheidsredenen” de naam niet genoemd zal worden. „Voor de deur staat een grijze Volvo”, schreef hij in een mail. Bij het tuinhekje ontvangt hij in vrijetijdskleding het bezoek. „Hier woont de foute rechter”, zegt hij ter begroeting.

Nog eventjes dan, want de magistraat heeft eergisteren Hare Majesteit geschreven dat hij zijn ontslag indient als rechter. Hij stopt met onmiddellijke ingang zijn werk als plaatsvervanger bij het Amsterdamse gerechtshof en de rechtbank van Maastricht. „De dag voor de einduitspraak tegen Wilders heb ik besloten ontslag te nemen. Ik heb tijdens het proces-Wilders zoveel haat en hoon over mij heen gekregen dat ik mij beschaamd voel om nog met overtuiging het rechtersvak te kunnen uitoefenen. Ik wil nu eindelijk ook zelf van mijn vrijheid van meningsuiting gebruikmaken. Het is een opvallende paradox dat de mensen die moeten oordelen over de vrijheid van meningsuiting van bijvoorbeeld politici zelf nauwelijks die vrijheid hebben.

„Ik ben 2,5 jaar door de modder getrokken, maar hield mijn mond omdat het niet paste mij als raadsheer in de discussie te mengen. Ik vond dat verschrikkelijk want ik ben juist iemand van de reflectie, van de analyse. Het ordenen van emoties is een belangrijk begrip in mijn werk en leven.

„Ik wil nu van mijn negatieve ervaring iets positiefs maken. Het geeft mij plezier terug te blikken op de mallemolen waarin ik terecht ben gekomen. De leiding van het hof vindt het ongepast dat ik als raadsheer publiekelijk kritiek lever op de Amsterdamse rechtbank en dat begrijp ik. Dus stap ik op.”

De bemoeienis van Schalken met de vervolging van Wilders begint met het opstellen van een beschikking waarin drie raadsheren van het Amsterdamse gerechtshof (Splint, Hartsuiker en Schalken) het Openbaar Ministerie opdracht geven PVV-leider Wilders te dagvaarden wegens groepsbelediging en het aanzetten tot haat en discriminatie. Het OM zag aanvankelijk geen grond voor vervolging, maar de rechters vinden dat een aantal gewraakte meningsuitingen van Wilders in onderlinge samenhang bezien strafbaar is, zowel door de inhoud als door de wijze van presenteren. In de beschikking van 21 januari 2009 schrijft het hof dat „Wilders met zijn harde en algemene diskwalificaties (ten aanzien van moslims) handelt in strijd met de grondvoorwaarde voor een stabiele democratie”. Het haatzaaien acht het hof dermate ernstig dat er een algemeen belang aanwezig is om een grens te trekken.

In de commentaren werd u onmiddellijk aangewezen als ‘het brein’ achter deze beschikking. Terecht?

„Daar kan ik niks over zeggen. Dat is het geheim van de raadkamer: over de besloten beraadslaging onthul je niks.”

U hebt nu toch ontslag genomen.

„Maar het raadkamergeheim blijft.”

Had u verwacht dat de opdracht tot vervolging zo veel ophef zou veroorzaken?

„Ik had niet de enorme modderstroom voorzien die loskwam. Theodor Holman (columnist van Het Parool, red.) begon met het op de persoon spelen en mikte op mij omdat ik de bekendste raadsheer van de drie ben. Het verbaasde me dat ook ex-collega’s en hoogleraren mij aanwezen. Professor Theo de Roos zei over de beschikking: ik herken de flamboyante stijl van Schalken. Dat is toch ongehoord!”

Dat was toch niet meer dan een logische constatering? Ex-rechter en PvdA-Kamerlid Jeroen Recourt noemde de beschikking ook Schalkens ‘eigen kindje’.

„Ja, opeens bestond de abstracte rechter niet meer. Dat het om een collegiale beschikking ging, komt in geen enkele analyse voor. Het wroeten naar het raadkamergeheim leidde tot persoonsbeschadiging. Een hoogleraar moet zich bij zijn vak houden. Wat mij ook kwetste was dat de juridische wetenschap nauwelijks een serieuze analyse maakte van onze buitengewoon uitvoerig gemotiveerde beschikking. Het ging toch om een wezenlijke kwestie. Waarom moet een arts die euthanasie pleegt in een periode waarin de norm niet duidelijk is, wel in zijn uppie voor de rechter verschijnen en zou een politicus dat niet hoeven? Het recht op leven en dood is toch even fundamenteel als het recht op vrije meningsuiting? Het hof wilde duidelijkheid scheppen over de normen in het publieke debat, want het was duidelijk dat Wilders erg op het scherp van de snede opereerde.

„Er staan trouwens ook passages in de beschikking die bij wijze van spreken ook in het PVV-programma hadden kunnen staan.” Schalken pakt de beschikking en wijst onder meer op de zin: ‘Moslimimmigranten moeten begrip kunnen opbrengen voor de aanwezige in hun nieuwe woonland heersende sentimenten die ten opzichte van de islam en de islamieten bestaan’. „Ook belangrijk, maar niemand citeert dit.”

U bent nu druk bezig te demonstreren dat uw rol in de raadkamer groter was dan het controleren van de beschikking op spelfouten.

„Daar zeg ik allemaal niks over.”

Waar komt het ressentiment ten opzichte van rechters vandaan? Jullie zijn hoge heren die elkaar de hand boven het hoofd houden, twitterde Wilders.

„Dat heeft te maken met de anti-establishment gevoelens, het populisme, de onvrede in de samenleving. De rechterlijke macht geldt als de verfoeide linkse elite. Onze eetclub Vertigo, die getuige arabist Jansen had uitgenodigd, was een godsgeschenk voor de complotdenkers. Daar zaten acht mensen uit de grachtengordel bij elkaar! Dat past perfect in het denkraam van Wilders. Je kunt mij verwijten dat ik dit niet had voorzien.”

Is de Nederlandse rechterlijke macht een linkse kliek?

„Nee, natuurlijk niet. Ik denk dat rechters voor een belangrijk deel in het midden staan. Daar worden ze ook op geselecteerd: geen extreme standpunten. Wilders noemt ons altijd D66’ers en ik denk dat de meerderheid ook D66 stemt.”

U ook?

„Daar doe ik geen uitspraak over. Misschien stem ik wel PVV. Ik ben ook geen lid van een politieke partij en ik stem ook niet steeds op dezelfde partij. Ik stem strategisch.”

Toch bent u een aantrekkelijk doelwit voor de PVV-aanhangers omdat ze u als strafrechtelijke liberaal bij uitstek zien als de hogepriester van de linkse kerk?

„Het is moeilijk om een rechter een gezicht te geven. Dus als ze er een te grazen hebben, gaan alle remmen los. Er is de indruk gewekt dat ik een seriekinderverkrachter ben of een aanslag op de koningin beraamde. Zo hard werd ik aangevallen.”

Wat opviel was dat maar zeer weinigen het voor u opnamen. Zelfs columnist Bas Heijne noemde u ‘een zelfgenoegzame knoeier’.

„Ja, iedereen stond langs de kant te kijken. Afspraken met mij werden afgezegd. Sommige mensen zeiden me dat het beter was even geen contact te hebben. Het was onvoorstelbaar en zeer onaangenaam. Ik dacht: wat gebeurt hier? Ik denk dat iedereen bang was ook in de maalstroom terecht te komen. Van Bas Heijne begrijp ik niets. Ook sommige columnisten verloren de zorgvuldigheid uit het oog. Als rechters met dezelfde onvoorzichtigheid te werk zouden gaan als de columnisten of journalisten, zouden we 50 tot 80 procent meer rechterlijke dwalingen hebben. Schrijf dat maar op.”

Het dieptepunt in de affaire beleefde Tom Schalken op woensdag 13 april van dit jaar. De dag dat hij voor de Amsterdamse rechtbank uitleg moet geven over het diner dat zijn eetclub Vertigo in mei 2010 had georganiseerd met islamdeskundige Hans Jansen. Bij dat etentje zou Schalken geprobeerd hebben de kroongetuige van Wilders te beïnvloeden, betoogde Wilders. „Mijn verhoor in de rechtbank verloopt dramatisch”, noteert Schalken in het dagboek dat hij tijdens de strafzaak heeft bijgehouden. „Alsof ik getuige was bij de begrafenis van mijn eigen geloofwaardigheid.” De aantekeningen zullen over twee weken verschijnen in het boek Het eetcomplot, waarin de raadsheer zijn persoonlijke impressies geeft over het proces-Wilders.

Het verhoor verliep volgens de rechter beroerd door een aaneenschakeling van sfeer bedervende gebeurtenissen en omstandigheden. Schalken werd vervoerd in een geblindeerde dienstauto vanaf een geheime locatie. Hij moest afgezonderd in een kamertje vijf uur wachten tot hij aan de beurt was. Toen hij eenmaal via een smalle betonnen trap via een zijdeur de rechtszaal kon betreden, voelde het „alsof de prooi zijn kooi mag betreden”.

U schrijft in uw boek dat u zich behandeld voelde als een kruimeldief in plaats van als lid van het gerechtshof.

„Ik zat daar niet als getuige maar als de schurk en Wilders zat achter me. Hij was de beul tussen grijnzend publiek. Ik ben respectloos behandeld. Ik neem het de organisatie van de rechtbank ook kwalijk dat ze geen regie voerden over de camera’s. Mijn advocaat Boudewijn van Eijck kreeg geen toestemming de zaal vooraf te inspecteren. Het is toch niet aan mij om te kijken of ik goed in beeld zit? Mijn houding was volkomen terecht: ik moet de voorzitter aankijken. Hij bepaalt of ik vragen moet beantwoorden. Het kwam natuurlijk heel slecht over dat ik met mijn rug naar Wilders zat. Ik zag ook niet alle mediakunstjes van showadvocaat Moszkowicz en de grimassen die hij naar de pers maakte. Minder dedain had hem gesierd. Hij maakte er een poppenkast van en ging zich als een harlekijn aanstellen. Moszkowicz kan voortaan beter met Linda de Mol een quiz gaan presenteren.”

Uw kwaadheid richt zich vooral op de leden van de rechtbank?

„Ja, de rechters hebben geen regie gevoerd. Ze hebben in vijf uur verhoor maar twee keer ingegrepen omdat Moszkowicz te ver ging. Ik moest allerlei onzinvragen beantwoorden. De rechters maakten een knieval voor de beeldvorming in de media. Ik zat daar puur voor de bühne, volstrekt onnodig en onbeschermd. Daardoor werd de fysieke weerzin die ik voelde om aan die klucht mee te werken steeds groter. Ik kon dat niet verbergen. De rechtbank leverde haar gezag in bij een glamouradvocaat die alle kans kreeg het strafproces op een dwaalspoor te brengen. Wilders mocht tijdens de rechtszaak zelfs blijven twitteren, dat heb ik nog nooit gezien bij een verdachte. Mijn advocaat en ik moesten onze telefoons inleveren. En dat Wilders ten slotte een tirade tegen mij kon houden zonder dat de president ingreep, was ook schandalig. Ik heb op het punt gestaan de voorzitter van de rechtbank te vragen of hij artikel 293 Strafvordering eens wilde voorlezen. Daar staat in dat hij vragen kan beletten. Zozeer zat ik me op te winden. Ik heb het niet gedaan omdat ik hem niet wilde vernederen.

„Het is toch zeer curieus dat alle negentien door Moszkowicz gevraagde getuigen die verstand hadden van recht en islam werden afgewezen, terwijl de getuigen die een mediahype over een zeepbel konden bevestigen wel moesten komen. Ik diende als compensatie voor alle afgewezen getuigen. Ik ben opgeofferd aan de honger van de publieke opinie. Ik was het zoenoffer voor Wilders en zijn advocaat. Door urenlang getuigen te horen over een etentje moest de kijker wel de indruk krijgen dat er zich iets heel ergs had afgespeeld. Het diner werd gemaakt tot het hoofdmenu van de strafzaak. De rechtbank had ook kunnen volstaan met het melden van de conclusie van het onderzoek van de Rijksrecherche. Die had immers al vastgesteld dat er geen sprake was geweest van pogingen tot beïnvloeding van een getuige.”

In de „wondere wereld van de beeldvorming”, zoals Schalken het zelf noemt, bleef hij evenwel schuldig aan het beïnvloeden van een getuige. De raadsheer zou uit zijn geweest op de scalp van Wilders. Hij had zich terughoudender moeten opstellen, oordeelde de rechtbank. Vooral op weblogs wordt Schalken voor rotte vis uitgemaakt. De politie houdt zijn woning extra in de gaten. „De politie heeft in kaart gebracht hoe ze snel bij mijn woning kunnen zijn. Ik heb een jonge vrouw en twee jonge dochters”, zegt Schalken. De rechter ging, na het overlijden van zijn eerste vrouw, tien jaar geleden samenwonen met zijn huidige echtgenote, een van zijn promovenda.

„Mijn verhoor bij de rechtbank is live uitgezonden en iedereen heeft het gezien. Ik had kijkcijfers van Boer Zoekt Vrouw. Ik ben daarna door boze rechters en advocaten gebeld die zeiden dat het ongehoord is zoals ik ben behandeld. Ze vonden het idioot dat Moszkowicz van het verhoor emotie-televisie mocht maken. Ik heb een enorme stapel fanmail gehad, van gewone mensen tot aan leden van de Hoge Raad. Je leert op zo’n moment wel je vrienden kennen.”

Toch was de overheersende reactie: Schalken is een arrogante, wereldvreemde rechter.

„Ja, ik las het overal maar mensen zouden voorzichtiger moeten oordelen over de beeldtaal. Ik kan dominant zijn maar ik ben niet arrogant. Ik kan me achteraf voorstellen dat mensen dat dachten. Ik had me voorgenomen volledige openheid van zaken te geven want ik heb geen griezelige dingen gedaan. Dat was een strategische fout. Ik ging te veel met Moszkowicz meedenken en reconstrueren. Dat ploeteren en zoeken kwam kennelijk arrogant over.”

En het werd als zelfgenoegzaam ervaren dat u niet toegaf dat het beter was geweest niet met getuige Jansen te eten. In uw boek geeft u de fout wel toe: ‘Hoe hadden we ooit bij Vertigo zo’n pathologische griezel kunnen uitnodigen? Waarom word je altijd door een strontkar overreden en nooit door een diligence?’

„Kennelijk kwam het niet goed over bij mijn verhoor dat ik niet zei dat ik fout was geweest. Ik realiseerde me ook pas achteraf dat ik een inschattingsfout had gemaakt. Ik had het pas door tijdens het etentje toen die man zo hysterisch op mij reageerde.”

U bent dertig jaar rechter geweest, bijna twintig jaar hoogleraar en u schreef tweehonderd commentaren bij rechterlijke uitspraken. Toch bent u nu voor de buitenwereld de man die een linkse eetclub bestiert waar stevig wordt gedronken. Komt u ooit nog van die reputatie af?

„Dat is de beeldvorming. Op Google heb ik de ene keer drie miljoen hits en dan weer 100.000. Dat komt geloof ik doordat soms ook de hits van oud-tennisser Sjeng Schalken bij mij worden opgeteld. Maar ik google niet te veel want daar word ik echt niet goed van. Ik kan nu alleen nog maar goed uitleggen waar deze kwestie over ging. Toch zal er in de publieke opinie altijd een smet aan me blijven kleven. Ik word op een hoop gegooid met de liegende rechter, de lekkende rechter en die rechter die kinderporno onder de vloer had liggen. Hopelijk kunnen we straks weer allemaal lachen om wat hier is gebeurd.”