Griekse redding geeft obligaties glans terug

Staatsobligaties, eens de Olympus voor beleggers, krijgen weer wat van hun oude glans terug nu Griekenland niet failliet gaat. En bedrijfsobligaties ook: meteen na de tweede stemming in het Griekse parlement op donderdag gaven enkele grote concerns, waaronder ING, enorme leningen uit, die gretig aftrek vonden. Kan de particuliere belegger weer veiligheid vinden in obligaties?

Hoho, niet zo snel, maant Arnold Gast. „De obligatiemarkt is veel complexer geworden. Je moet heel goed weten wat je doet als je daar instapt.” Gast is manager van twee fondsen van verzekeraar Delta Lloyd die het al enige tijd beter doen dan de markt: het Rente Fonds, dat hoofdzakelijk belegt in staatsobligaties, en het Euro Credit Fund, voor niet-staatsobligaties. Vergelijkingssite Morningstar geeft beide fondsen de hoogste waardering – vijf sterren – en het Rente Fonds daarnaast de rating Superior. Beide fondsen behaalden de laatste drie jaar een gemiddeld totaalrendement van 6 tot 7 procent per jaar. Inclusief het rampjaar 2008.

Het kan dus nog wel, veilig beleggen én aanzienlijk meer verdienen dan met een spaarrekening. Maar dan liever via een actief beheerd fonds dan door zelf te hobbyen. „De obligatiemarkt wordt nog teveel geregeerd door onbetrouwbare indicatoren, zoals de ratings van de kredietbureaus. Wij doen ons huiswerk liever zelf.” Zo bestaat het statendeel van de iBoxx Euro-index, de benchmark voor het Rente Fonds, voor liefst een kwart uit Italiaanse staatsleningen. „Domweg omdat Italië de meeste obligaties heeft uitgegeven. Dat is natuurlijk geen basis voor een goed beleggingsbeleid.” Het Rente Fonds zit nog wel in ‘Italianen’, zij het met een gering percentage, maar niet meer in Franse staatsleningen. „De Franse staatsfinanciën zijn weinig minder problematisch dan de Italiaanse. Maar Italië betaalt een hogere rente.”

Modern obligatiebeleggen vergt een ingewikkelde afweging tussen de rente en het kredietrisico. „Hét probleem met obligaties is dat de potentiële verliezen veel hoger zijn dan de potentiële rendementen. Daarom zijn wij heel breed gespreid. Minstens honderd titels per portefeuille.” Binnen die portefeuilles is het voortdurend schuiven geblazen om de markt vóór te blijven. „Wij hebben daarvoor de kennis in huis en wij genieten van lage aan- en verkoopkosten, door onze omvang. Zelf zo actief handelen is voor de particulier veel te duur.”

Gast verwacht dat met name Europese bedrijfsobligaties – de markt van zijn Euro Credit Fund – flink in belang zullen toenemen. „Amerikaanse bedrijven halen al jaren 80 procent van hun financiering uit obligaties, en 20 procent uit bankleningen. In Europa ligt dat precies andersom. Veel Europese bedrijven zullen bankleningen gaan herfinancieren op de obligatiemarkt. Dat maakt ze minder afhankelijk van die wankele banken.”

Joost Ramaer