Filtermethode provider is mogelijk strafbaar

Een omstreden methode die telecombedrijven toepassen om hun mobiele netwerken te analyseren, schendt mogelijk het communicatiegeheim. Dat concludeert toezichthouder Opta na een kort onderzoek.

KPN zette de discussie omtrent de methode deep packet inspection (DPI) afgelopen april in gang. Het bedrijf was erachter gekomen dat een grote groep smartphone-bezitters niet meer sms’t – waar KPN geld aan verdient – maar gratis berichten verstuurt via WhatsApp. Om het gebruik van zulke applicaties te meten had het telecombedrijf DPI toegepast. Vodafone, Tele2 en T-Mobile doen hetzelfde.

Met DPI kunnen de providers het netwerkverkeer regelen en controleren of bandbreedte gebruikt wordt voor applicaties. Ook is het met DPI in theorie mogelijk de inhoud van berichten te bekijken. Dat is in de praktijk niet gebeurd, zegt Opta. „Er zijn geen aanwijzingen dat de aanbieders mailtjes van hun abonnees lezen, verstuurde foto’s bekijken of bijdragen op sociale netwerken lezen.”

Toch zou volgens Opta mogelijk het communicatiegeheim geschonden zijn. Providers moeten zorgen voor bescherming van de persoonsgegevens en de persoonlijke levenssfeer van abonnees. DPI gaat echter verder dan strikt noodzakelijk voor de afhandeling van dataverkeer. Dat druist in tegen de zorgplicht. Aan het CBP (College bescherming persoonsgegevens) om dit in een eigen onderzoek vast te stellen.

KPN wil abonnementen invoeren die gratis gebruik van berichtendiensten aan banden legt. Volgens de nieuwe Telecomwet mag KPN dat onderscheid niet maken.