Scherprechter vertrekt stil door de achterdeur

Pieter Kalbfleisch neemt vandaag formeel afscheid als baas van kartelwaakhond NMa. Maar het wordt geen plezierig vaarwel. Hij wordt door justitie nog steeds verdacht van meineed.

De laatste werkdag van voorzitter Pieter Kalbfleisch van de Nederlandse Mededingingsautoriteit (NMa) is vooral van theoretische aard. De bestuurder is al dik twee maanden niet meer op zijn werk verschenen. Half april werd hij door zijn werkgever met verlof gestuurd, nadat het Openbaar Ministerie (OM) een onderzoek naar hem was begonnen wegens meineed. Met zijn pensioen in zicht leek het de NMa beter dat hij zich op zijn verdediging kon voorbereiden.

Vanmiddag neemt hij discreet afscheid op de zaak. Een feestje is er niet, zegt studievriend en dispuutgenoot Jan Jonathan van Andel. „Dat is ook begrijpelijk gezien de situatie.”

Juist de vriendschap met de broers Jan Jonathan en wijlen Harry van Andel is Kalbfleisch uiteindelijk fataal geworden. En de vasthoudendheid van vader (Jan) en zoon (Peter) Poot van projectontwikkelaar Chipshol.

Harry van Andel was een zakenpartner van vader en zoon Poot. Maar in 1994 kregen ze ruzie over de 600 hectare grond die ze rond Schiphol hadden gekocht. Poot wilde de grond ontwikkelen, Van Andel wilde deze verkopen om de winst te incasseren. De vraag was wie de zeggenschap over de grond had. Ze kwamen bij de rechtbank in Den Haag terecht. En in 1996 deed rechter Hans Westenberg uitspraak: Van Andel kreeg de zeggenschap, en begon te verkopen. In 2000 vernietigde het gerechtshof in Den Haag dit vonnis van Westenberg, maar de helft van de grond was toen al verkocht.

De familie Poot vermoedde dat Westenberg partijdig was, maar waarom wisten ze toen nog niet. In 2007 ontving Jan Poot een anonieme brief waarin stond waarom Westenberg negatief over Chipshol had geoordeeld. Westenberg was goed bevriend met Pieter Kalbfleisch, die toen ook rechter in Den Haag was. Kalbfleisch was op zijn beurt goed bevriend met de broers Van Andel, de zakenpartner met wie Poot ruzie had. In de brief stond dat Kalbfleisch zijn collega Westenberg had gevraagd om de zaak van zijn vriend te regelen.

Eind vorig jaar mochten vader en zoon Poot al de voormalige rechters Westenberg en Kalbfleisch horen in een voorlopig getuigenverhoor in Utrecht. Beiden ontkenden onder ede de beschuldigingen in de anonieme brief. Het was onzin. Maar begin dit jaar meldde de schrijver van de anonieme brief zich ineens. Het bleek een griffier van de Haagse rechtbank, die een relatie had gehad met Kalbfleisch. Zij herhaalde – ook onder ede – haar beschuldigingen. En dus had een van beide onder ede gelogen. Kalbfleisch of zijn voormalige geliefde?

Overigens was Kalbfleisch ook op een andere manier betrokken bij Chipshol. Kalbfleisch begon zijn carrière als advocaat en werd vanuit het plaatselijke advocatenkantoor van zijn vader de huisadvocaat van Vomar-oprichter Cees Zwanenburg, de retailkoning die ooit met een winkeltje in IJmuiden begon. Toen Kalb-fleisch begin jaren tachtig overstapte naar de rechterlijke macht vroeg Zwanenburg hem commissaris te worden bij zijn bedrijf. Vanuit die hoedanigheid roerde hij zich begin jaren negentig op aandeelhoudersvergaderingen van bedrijven van Poot, bedrijven die grondposities hadden rond Schiphol en waarin ook andere investeerders, zoals Vomar-oprichter Cees Zwanenburg, participeerden.

Toen hij in 2003 aantrad bij de NMa kondigde Kalbfleisch aan alle zakelijke banden met Zwanenburg te verbreken. Die verhielden zich tenslotte moeilijk met zijn nieuwe functie van kartelautoriteit. Maar de bestuursfunctie bij een administratiekantoor van Zwanenburg werd aangehouden en enkel anoniem omschreven. Op het curriculum vitae van Pieter Kalbfleisch prijkt de nevenactiviteit van „onbezoldigd lid van een testamentaire voogdijstichting”. Wat daar niet uit blijkt is dat dit een bestuursfunctie is in het administratiekantoor dat aan de top van de pyramide staat van het Vomar-imperium van Zwanenburg. Het is een soort slapende stichting die alleen tot leven komt als oprichter Zwanenburg overlijdt. De stichting dient de continuïteit van het bedrijf waar ruim 5.000 mensen werken te waarborgen. „We komen slechts eenmaal per jaar bijeen”, laat Cees Zwanenburg vanochtend vanuit de Antillen weten. Materieel of niet, Kalbfleisch is dus tot op de dag van vandaag nauw betrokken bij een zakelijke constructie met Vomar-baas Zwanenburg.

Een woordvoerder van het OM in Utrecht wilde vanochtend alleen zeggen dat het onderzoek naar Pieter Kalbfleisch nog in volle gang is.